The Roots :: Game Theory

Oscar Morgenstern en John Von Neumann worden als de moderne vaders ervan beschouwd en John Nash werd voor zijn onderzoek erover beroemd: de speltheorie, een combinatie van wiskunde en economie, een discipline die mathematisch onderzoekt hoe beslissingen genomen worden en wat de verschillende uitkomsten zijn. Of eenvoudiger gezegd: onderzoeken wat de beste stap is binnen een gegeven situatie.

Maar niet alleen wiskunde en economie maken gretig gebruik van deze discipline, ook andere onderzoeksdomeinen als biologie, psychologie en filosofie benutten de inzichten van de speltheorie om de eigen theorieën en bedenkingen te ondersteunen. Tenslotte geven deze verschillende modellen een inzicht in het menselijke handelen, al verklaren ze nog steeds niet ten volle waarom mensen overduidelijk idiote beslissingen nemen. Dat de speltheorie het nu ook tot album- en songtitel van een groep geschopt heeft, wil niets zeggen, tenzij die groep The Roots is.

The Roots werden in 1987 opgericht door Black Thought (mc) en Ahmir "?uestlove" Thompson (drums, o.a. ook Joss Stone). Het hiphopcollectief met instrumenten in plaats van samples werd met het derde album Illadelph Halflife (1997) een eerste maal opgemerkt maar zou pas echt doorbreken met Things Fall Apart (1999), dat ook voor de groep een keerpunt zou betekenen. Hoewel The Roots altijd al als een politiek bewuste groep gezien konden worden, werd het nu pas echt duidelijk: de albumtitels zouden vanaf heden steeds verwijzen naar een roman (Things Fall Apart) of academische denkbeelden (The Tipping Point (2004), Phrenology (2002) en nu Game Theory).

Na vijf overvolle albums (gemiddeld achttien nummers elk) werd de luisteraar met The Tipping Point voor de eerste maal niet langer murw geslagen met een overdosis aan tracks. Hoewel het op alle vlakken het meest commerciële album was, loste het echter nergens de verwachtingen in. Een verzameling van oude nummers volgde nog, maar het leek wel alsof The Roots voorgoed uitgezongen waren zonder het podium in schoonheid verlaten te hebben.

Totaal onverwacht neemt de groep nu revanche met het op alle vlakken superieure Game Theory. Het soulvolle "Don’t Feel Right" bewijst op zijn dooie eentje al complexloos het genie van The Roots. In "False Media" krijgen de media er duchtig van langs, stemsamples worden handig verweven met de onderbouwde tirade van Black Thought. In het soulvolle "Game Theory" komt daarna oude kompaan Malik B een eerste keer terug. Met "In The Music" krijgt niet alleen hij maar ook de electro zijn rechtmatige plaats terug en het opgefokte electrofunk-vehikel geeft de man ten slotte een laatste maal een podium.

"Livin In A New World" knipoogt dan weer naar een bluesy Beck maar gooit er old school hiphop tussen. "Clock With No Hands" haalt de jazz-invloed naar boven, en in "Atonement" wordt gekozen voor een meeslepende soulaanpak. "Long Time" heeft daarentegen onmiskenbaar een "jaren tachtig"-stempel en een baslijn die aan George Clinton ontleend lijkt te zijn. "Baby" mixt opnieuw soul en funk terwijl "Take It There" psychedelische gitaarlijnen, stemsamples en harde drums door elkaar weeft. In het eclectische "Can’t Stop This" ten slotte wordt een prachtige hommage gebracht aan de eerder dit jaar overleden producer J-Dilla (Slum Village).

Met een broeierige en hybride mix van funk, soul, rock en hiphop snoeren The Roots alle criticasters en onheilsprofeten die de groep afgeschreven hadden, vakkundig de mond. De groep stond in de coulissen gewoon te wachten tot de tijd daar was om het podium opnieuw in te nemen. The Roots zijn terug en daar was alleen maar een onterechte oorlog en een machiavellistische president voor nodig. Heeft George "Dubya" Bush zowaar toch nog iets nuttigs gedaan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien + 6 =