Touch of Evil




‘Touch Of Evil’ was geen project waar Orson Welles erg enthousiast
over was: hij begon aan de film tegen z’n zin, enkel omdat hij
contractueel verplicht was door studio Universal om dat te doen.
Hij moest Charlton Heston inhuren om een Mexicaan te spelen, wat
hem een belachelijk idee leek. Hij wilde in breedbeeld filmen, maar
de studio verplichtte hem het smallere Academy format te gebruiken.
En alsof hij nog niet pissig genoeg was, kreeg Welles ook nog eens
af te rekenen met tegenslagen op de set: actrice Janet Leigh brak
haar arm aan het begin van de draaiperiode en het opnemen van het
beruchte openingsshot (één lange take van ongeveer drie minuten),
bleef maar mislukken. Bovendien werd de film achter z’n rug
gehermonteerd om ‘m commerciëler te maken. Welles was zo nijdig
over de veranderingen dat hij een memo van 58 pagina’s opstelde met
instructies over hoe de prent er uit moest zien, maar het was pas
bij een restoratie in 1998 dat die richtlijnen werden opgevolgd.
Yup, ‘Touch Of Evil’ was een nachtmerrie voor de regisseur – een
film die de Amerikaanse zalen inkwam als de B-film van een
double bill, fenomenaal flopte aan de kassa’s en vervolgens
jarenlang vergeten werd.

Nu, daarentegen, staat hij bekend als één van de betere film noirs
uit de jaren vijftig, een misdaadverhaal waarin de identiteit van
de moordenaar eigenlijk bijkomstig is: aan het einde horen we één
van de personages quasi nonchalant het antwoord op het mysterie
geven, maar in feite doet het er weinig toe. Het gaat helemaal niet
om de moordenaar, het gaat zelfs niet over de strijd tussen een
eerlijke (Charlton Heston) en een corrupte flik (Welles zelf). Het
gaat over de sfeer. De belichting, de camerabewegingen, de muziek
en de in vitriool gedrenkte dialogen. Vergeet al de rest.

Mexicaans narcotica-inspecteur Mike Vargas (Heston) is op
huwelijksreis in een klein grensstadje, wanneer de auto van een
rijke Amerikaanse projectontwikkelaar explodeert. Aangezien de
ontploffing plaatsvond op Amerikaanse bodem, wordt agent Hank
Quinlan (Welles) erbij gehaald, een plaatselijke legende die zo z’n
eigen, niet altijd even welriekende, methodes heeft om een
veroordeling te krijgen. Quinlan heeft al snel een verdachte
gevonden: één van de werknemers van het slachtoffer werd kort
geleden ontslagen omdat die met z’n dochter wilde weglopen. Wanneer
Vargas merkt dat Quinlan valse bewijzen tegen de verdachte wil
gebruiken, besluit hij maatregelen te treffen.

Dat is enkel het geraamte van een plot waar nog talloze andere
elementen bij komen kijken: Vargas moet binnenkort getuigen in een
rechtszaak tegen een Mexicaanse drugshandelaar, en diens familie
probeert Vargas nu te intimideren door zijn vrouw (Janet Leigh) te
achtervolgen. Uiteindelijk zien we zelfs een samenwerking ontstaan
tussen Quinlan en de drugdealers. ‘Touch Of Evil’ volgt de lange,
trotse traditie van de film noir in ieder geval voor zover die
dicteert dat elk verhaal met een eenvoudige gebeurtenis moet
beginnen (in dit geval de explosie), waarna er een sneeuwbaleffect
op gang komt en de boel steeds ingewikkelder wordt, maar Welles was
Welles niet geweest indien hij die plot niet stevig onder controle
hield. Een mindere regisseur zou z’n publiek maar al te snel
verloren laten lopen tussen de vele personages en de verschillende
belangen die erbij betrokken zijn, maar Welles houdt alles zeer
duidelijk, enkel door z’n gebruik van tijd en muziek.

De hele film speelt zich af over een ruimte van 24 uur, en als je
erop let, zie je dat de personages regelmatig teksten krijgen
waarin ze de aandacht vestigen op de verstreken tijd. We horen
Janet Leigh zeggen dat het al zeven uur ‘s ochtends geweest is en
dat ze nog steeds niet heeft geslapen. Later vraagt Welles hoe laat
het is aan één van z’n assistenten. Heston kijkt op z’n horloge. En
natuurlijk hebben we het simpele feit dat de film ‘s nachts begint,
een hele dag in beslag neemt en opnieuw ‘s nachts eindigt. Allemaal
eenvoudige, maar zeer effectieve technieken om de kijker
georiënteerd te houden binnen het tijdverloop van het verhaal. En
om de personages uit elkaar te houden, voorziet Welles z’n film van
een zeer inventieve soundtrack, die elk karakter bindt aan een
bepaalde muzieksoort. Marlène Dietrich heeft een bijrolletje als
madame van een bordeel en we kunnen haar niet zien of we
horen een pianola jengelen. De jongere drugdealers worden
geassocieerd met rock and roll, hun baas, ‘Uncle Joe’, met
Mexicaanse muziek. En zo gaat dat door – elk personage krijgt z’n
eigen emotionele lading mee via de muziek, zodat we ogenblikkelijk
weten met wat voor individu we te maken hebben.

Welles leeft zich uit in de visuele spielereien die eigen zijn aan
het noir-genre: scheve kadreringen, diepe schaduwen en natuurlijk
dat fantastisch openingsshot, dat er op de één of andere manier in
schijnt te slagen om van een handgehouden camera over te stappen op
een kraanbeweging en vervolgens een dolly shot, waarbij de camera
op sporen wordt gezet. Hoe hij het heeft gedaan weet ik niet, maar
voor 1958, lang voor de steadicam van dit soort shots de orde van
de dag maakte, was dit ongelooflijk werk.

De regisseur bewaarde duidelijk de beste rol voor zichzelf: Welles
is fantastisch als vunzige rotzak, een dikke, eminent corrupte flik
die z’n dialogen bromt van tussen z’n collectie kinnen. Je voélt de
weltschmerz van ‘m afdruipen: dit is een man die probeert om
goed te doen. Criminelen opsluiten, van de drank afblijven. Maar de
corruptie zit zo diep in hem geworteld, dat hij niet anders meer
kan dan eraan toegeven. Liever hij dan Heston – Welles had gelijk,
Charlton Heston als een Mexicaan, het wérkt gewoon niet, al smeer
je hem dan nog zoveel schoensmeer in z’n haar en schmink je z’n
gezicht nog zo donker. Heston is altijd een humorloos acteur
geweest, die z’n dialogen plechtstatig declameerde alsof àlles
waarin hij meedeed geschreven werd door Shakespeare. Voor films als
‘Ben-Hur’ en ‘The Ten Commandments’ werkte dat, maar hier zorgt dat
er enkel voor dat zijn personage bijzonder saai gaat lijken. Welles
speelt hem moeiteloos van het scherm in elke scène die ze
delen.

‘Touch Of Evil’ is een superieure genre-oefening, de film waarin
Welles wilde kijken of hij binnen het studiosysteem een goeie film
zou kunnen afleveren. Het antwoord is een luid en duidelijk ja,
hoewel je je wel moet afvragen wat dit had kunnen worden indien de
regisseur z’n eigen zin had mogen doen. Met een andere acteur dan
Heston in de hoofdrol en meer financiële vrijheden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien + vijftien =