Life Is A Miracle




Of, zoals hij thuis heet: ‘Zivot je cudo’ – als je die titel vijf
keer snel na elkaar kunt uitspreken, hoef je naar het schijnt niet
meer in het zakje te blazen bij een alcoholcontrole. Emir Kusturica
keert zes jaar na ‘Black Cat, White Cat’ terug naar de filmscene
met een prent die enkel bewijst dat hij nog steeds geen haar is
veranderd: zijn films spelen zich nog steeds af in een
allesoverheersende hysterie en zijn gevoel voor humor is ook nog
altijd hetzelfde – nét geen Benny Hill-toestanden. Neem alvast twee
aspirientjes en een Valium bij de hand, want onze hyperkinetische
Bosniër heeft weer toegeslagen.

Het is 1992 en spoorwegingenieur Luka (Slavko Stimac, die ook al
meedeed in ‘Underground’), is bijna klaar met de treinverbinding
die hij heeft aangelegd tussen Bosnië en Servië – voorlopig maken
enkel omgebouwde auto’s gebruik van de sporen, maar binnenkort zal
dit prestigieuze project de beide landen letterlijk met elkaar
verbinden. Iedereen in dekking, we hebben hier een loslopend
symbool!

Tijdens het eerste uur maken we kennis met de kleurrijke (zo zeg je
dat dan netjes) figuren die rondlopen in het bergdorpje waar alles
zich afspeelt: Luka’s echtgenote is een ex-operazangeres die lijdt
aan manische depressies en een acuut gebrek aan danstalent, zijn
zoon is een beloftevolle voetballer. Om hen heen krijgen we de
eminent corrupte burgemeester, die er praktisch trots op is dat hij
geen eerlijke vezel in z’n lijf heeft, randdebiele jongeren die
continu met pistolen staan te zwaaien, een huppelende postbode die
steeds vergeefse pogingen onderneemt om spelletjes schaak te
beginnen en nog vele anderen.

Dan, kort voor de opening van de spoorweg, breekt de totale oorlog
uit tussen Bosnië en Servië – de spoorweg die bedoeld was om de
burgers van beide landen dichter bij elkaar te brengen, wordt nu
gebruikt voor het vervoer van wapentuig. Luka’s zoon wordt
opgeroepen voor het leger. Wanneer hij kort daarna het bericht
krijgt dat de jongen werd gevangen genomen, stort zijn wereld in en
besluit hij alles te doen wat nodig is om hem terug te
krijgen.

Kusturica is nooit de man van de rustige, medidatieve film geweest
– een prent van deze man is het cinematische equivalent van een
luidruchtig trouwfeest waar iedereen stiepelzat op tafel staat te
dansen en een straalbezopen nonkel de hele avond aan je mouw hangt
te trekken om gore moppen te vertellen. Waanzin is de normale gang
van zaken in een Kusturicafilm, en ook hier krijgen we de ene
situatie na de andere die ronduit surrealistisch wordt in z’n
krankzinnigheid. Voorbeeld: een voetbalmatch draait uit op een
grootschalige rel. Eén van de personages breekt eigenhandig een
doelnet af, zodat de mensen die op de grond liggen te vechten vast
komen te zitten in het net. Vervolgens raapt hij één van de palen
van het doel op en begint ermee op de vechtende mensen in te
beuken. Nog eentje: een Servische officier belt naar een Duitse
sekslijn en staat zich volop af te rukken wanneer hij een vijandige
bom op z’n kop krijgt. ‘Life Is A Miracle’ is lang (155 minuten),
luidruchtig, hysterisch en chaotisch. Weet dus waar u aan
begint.

Nu is dat natuurlijk wel zo’n beetje de huisstijl van Kusturica
geworden: de waanzin van oorlog uitdrukken door letterlijke waanzin
op het scherm te brengen – als we de films van deze man mogen
geloven, kan geen enkele Bosniër ooit twee straten doorlopen zonder
dat er om de één of andere bizarre reden plots een voltallig orkest
aan schelle blaasinstrumenten achter z’n kont hangt. Zo gaat dat
dan. Maar waar Kusturica die gekte in films als ‘Underground’ nog
een duidelijke vorm wist te geven, met een sterke plot die ervoor
zorgde dat de prent steeds vooruit bleef gaan, een welbepaalde
richting in, blijft de chaos hier lange tijd gewoon chaos. Het
eerste uur van ‘Life Is A Miracle’ is een onsamenhangende bende van
personages en fragmentarische verhaallijntjes die nergens naartoe
gaan. Het is pas daarna dat de film een richting vindt: eens Luka’s
zoon is gevangengenomen, krijgen we op z’n minst een herkenbare
plot, met situaties die alleszins met een minimum aan logica op
elkaar volgen.

Kusturica weet hier naar aloude gewoonte een aantal knappe shots in
te werken: een droomscène waarin een bed plots begint te vliegen,
is zeer goed aangepakt, evenals de eerder vermelde voetbalmatch,
die zich afspeelt in een dichte mist die eerder herinneringen
oproept aan oude films over Jack the Ripper. De regisseur is een
showman, en ook al kun je jezelf dikwijls niet van de indruk
ontdoen dat de persoon die we op het podium zien geen flauw idee
heeft waar hij mee bezig is, toch kun je niet ontkennen dat de show
zelf goed in elkaar werd gestoken. Zijn technische bekwaamheid,
zijn vermogen om een situatie op een creatieve, opmerkelijke manier
in beeld te brengen, valt niet te betwijfelen. Het probleem is
alleen dat hij niet de discipline heeft om zichzelf wat dan ook te
ontzeggen. Als regisseren schrappen is, zoals soms wordt beweerd,
dan is Kusturica de uitzondering die de regel bevestigt – dit is
een man die het woord “schrappen” niet eens kent. In tegendeel,
zijn filosofie is: “jà, dat doen we allemaal en we voegen er nog
eens vijf scènes aan toe, nu we toch bezig zijn.” In het geval van
‘Underground’ werkte dat, omdat hij een script had dat op een
comfortabele manier ruimte liet voor dat alles. Hier heeft hij dat
script niet, en wat geïnspireerd leek toen, lijkt nu enkel
overdreven chaotisch en stuurloos.

Nog een traditie die wordt voorgezet, is de voorliefde van de
regisseur voor het vrolijk mishandelen van dieren – een ezel wil
zelfmoord plegen door zichzelf carrément op de treinsporen te
plaatsen in afwachting dat er eens een trein zal langskomen, een
hond en een kat maken er een punt van om aanslagen op elkaars leven
te plegen en er worden activiteiten met pinguïns gesuggereerd waar
ik liever niet teveel over nadenk. Wat zou dat toch zijn met die
Kusturica? Is hij ooit aangevallen door een hond of een dolgedraaid
lid van GAIA?

‘Life Is A Miracle’ is een dodelijk vermoeiende film, die slechts
hier en daar het genie doet vermoeden dat verantwoordelijk was voor
‘Time of the Gypsies’ en ‘Underground’. Ooit wil ik nog eens een
film van hem zien waar géén overspannen orkest in rondloopt.
Misschien dat ik ‘m dàn weer helemaal serieus kan nemen.

http://www.lifeisamiracle-themovie.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × vier =