Song For A Raggy Boy




Nog geen vol jaar nadat Peter Mullan de systematische
mishandeling van meisjes onder het toezicht van tirannieke nonnen
aanklaagde in ‘The Magdalene Sisters’, krijgen we van hetzelfde
laken een habijt in ‘Song For A Raggy Boy’. Opvallend detail:
regisseur Aislin Walsh maakte eerder de tv-film ‘Sinners’, over hoe
katholieke vrouwen in het Ierland van de jaren zestig afgestraft
werden omdat ze ongehuwd zwanger raakten. Een mens zou nog gaan
denken dat het iets persoonlijks is.

‘Song For A Raggy Boy’ is, zo verzekeren de makers ons althans,
gebaseerd op waargebeurde feiten. William Franklin (Aidan Quinn) is
een leerkracht Engels die in 1939 de eerste leek wordt om les te
geven in St. Judes, een Ierse school voor jeugdige delinquenten. De
meesten onder hen zijn een jaar of twaalf, dertien, en maar een
handvol kan lezen of schrijven. Sinds jaar en dag heeft de kerk
ongehinderd de plak kunnen zwaaien in St. Judes, en wat Franklin
aantreft bij zijn aankomst, is een vrijwel onleefbare wereld waarin
de kinderen onmiddellijk gereduceerd worden tot een nummer, en waar
mentale en fysieke mishandeling aan de orde van de dag is.

De ergste is broeder John, gespeeld door Iain Glen, die eerder
dit jaar ook al behoorlijk over top ging als waanzinnige vader in
‘Darkness’. Een harteloos monster
van een geestelijke, die de kinderen onder zijn hoede meedogenloos
aframmelt en oogluikend toelaat dat één van de andere broeders hen
seksueel misbruikt. Franklin, die enkele jaren eerder zijn vrouw en
z’n beste vriend verloor tijdens de strijd tegen Franco in de
Spaanse burgeroorlog, doet wat hij kan om de jongens te helpen.

Het moet moeilijk zijn om dit soort van verhaal te vertellen en
toch nog een ietwat genuanceerd beeld te scheppen – er ontstaat al
gauw de neiging om de richting van de Costa-Gravas’ film ‘Amen’ of
(in mindere mate) Antonia Birds ‘Priest’ op te gaan, en de kerk af
te schilderen als een soort van religieuze Gestapo, die er enkel op
bezien is de mensen dom te houden en hen braaf in de pas van het
geloof te laten lopen. En hoewel de meest verschrikkelijke
mistoestanden ongetwijfeld hebben plaatsgevonden en nog steeds
gebeuren, blijft het voor een film (zeker als je wil dat hij
geloofwaardig overkomt), toch nog steeds beter om naar beide kanten
van het verhaal te kijken. Goed, dus die priesters misbruiken de
kinderen die ze dienen op te voeden. Maar waarom doen ze dat? Een
vraag die geen antwoord krijgt in ‘Song For A Raggy Boy’.

Broeder John leren we kennen als een volslagen psychopaat, die
letterlijk geen enkele regel tekst heeft in de film zonder dat het
ofwel een dreigement, ofwel een ijskoude vernedering van een
weerloos kind is. De mishandelingen die hij begaat worden zonder
enige franje in beeld gezet, en leveren stukjes huiveringwekkende
cinema op. Maar we komen nooit enige motivatie achter zijn daden te
weten, en zonder dat onmisbare stukje informatie – het waarom –
wordt het beeld van een razende priester die letterlijk (!)
schuimbekkend een kind aframmelt, niet meer dan een groteske
karikatuur. Het probleem met de film is niet dat dit soort dingen
niet gebeurd zijn, het probleem is dat ze een reden hadden, hoe
ziekelijk dan ook. En die wordt hier niet getoond.

Walsh zet dit alles met een bijna stoïcijns aandoende soberheid
in beeld. Lange, weinig verhullende shots van kinderen die tot
bloedens toe geranseld worden en huiveringwekkende close-ups van
een zwetende en hijgende priester terwijl hij een ander jongetje
verkracht, zijn beelden die niet zo snel uit uw geheugen zullen
verdwijnen. Maar subtiele cinema kun je het bezwaarlijk noemen, en
de vraag blijft of de emotionele reactie van het publiek wel
eerlijk verdiend is. Nog afzonderlijk van de choquerende scènes,
krijgen we ook kleine momentjes waarin bijvoorbeeld één van de
slachtoffers tijdens de biecht vertelt over het misbruik dat hij te
verduren krijgt, en koudweg te horen krijgt: “Wat je me gezegd
hebt, moet niet verder gaan dan deze biechtstoel.” Wat Walsh wil
dat we voelen, is duidelijk minachting voor die priester. Maar wat
er voor mij óók bij kwam kijken, waren twijfels over de manier
waarop de filmmaker ons probeert te manipuleren. Het wordt er
allemaal behoorlijk dik opgesmeerd, en daar hou ik persoonlijk niet
zo van. Een dergelijke letterlijkheid en gebrek aan nuance
suggereert dat de filmmaker zijn publiek niet erg hoog inschat –
laten we het ze maar eens goed inwrijven, anders snappen ze het
toch niet.

Daar staat wel tegenover dat Aidan Quinn bijzonder doorleefd
staat te acteren, met een volstrekt geloofwaardig Iers accent
erbovenop, en dat de verschillende jonge acteurs die de kinderen
spelen barsten van de naturel. In tegenstelling tot wat we in de
doorsnee Amerikaanse productie zouden zien, zijn dit niet allemaal
kleine fotomodelletjes, maar gewoon uitziende jongens, zoals je die
op elke straat zou kunnen tegenkomen. Vooral John Travers als de
rebelse Liam Mercier, eist elke scène waarin hij zit, voor zich
op.

‘Song For A Raggy Boy’ is bijwijlen een aangrijpende film, maar
het is ook ongenuanceerde, emotioneel manipulatieve cinema. Kijken
op eigen risico, dus.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × een =