Darkness


Spaans regisseur Jaume Balagueró oogste enkele jaren geleden een
onverwachte triomf met zijn horrorfilm ‘Los Sin Nombre’. Prijzen
vielen in zijn schoot, het volk ging – in Spanje dan toch – massaal
kijken en voor zijn volgende project kreeg de brave man prompt
toegang tot Amerikaans geld en een internationale distributeur.
Olé. Ik moet toegeven ‘Los Sin Nombre’ niet gezien te hebben, maar
ik hoop in ieder geval dat hij beter was dan ‘Darkness’, een
thriller die weliswaar zeer genietbaar is, maar dat dan enkel op
een ironisch niveau.

Anna Paquin speelt Regina, een puber die samen met haar ouders
en jongere broertje naar een afgelegen landhuis in Spanje is komen
wonen. Waarom die verhuis heeft plaatsgevonden wordt nooit echt
duidelijk; haar grootvader (Giancarlo Giannini) heeft er schijnbaar
iets mee te maken, maar details is iets waar deze film niet erg
goed in is.

Het landhuis begint al snel mankementen te vertonen waar de
gemiddelde loodgieter of elektricien weinig aan kunnen helpen:
lichten flikkeren aan en uit, schimmen flitsen voorbij, potloden
rollen uit zichzelf over de vloer, speelgoedcarrousels gaan vanzelf
draaien en de man van het huis, Regina’s vader Mark (Iain Glen),
begint behoorlijk eigenaardig gedrag te vertonen.

Samen met een vriendje gaat Regina op onderzoek uit, en het
antwoord van het raadsel lijkt ergens te liggen in de mysterieuze
verdwijning van een zevental kinderen, veertig jaar geleden.

Balagueró besloot in ‘Darkness’ nog eens voor de vertrouwde,
ouderwetse schrikeffecten te gaan: deuren die dichtvliegen, plotse
verschijningen die de personages net niet zien, en bovenal montages
van bloederige beelden (we veronderstellen afkomstig uit het
verleden), die élk intens momenten dienen te onderstrepen, met de
hulp van onvoorstelbaar nadrukkelijke muziek. Een deur gaat
onverwacht open en tadadààà! daar hebben we het hele tachtigkoppig
orkest weer.

Aanvankelijk probeert men hier echter nog de indruk te wekken
dat we naar een ernstige thriller zitten te kijken, waarin
naarstige pogingen ondernomen worden om een reële sfeer te
scheppen. Maar hoe langer de film duurt, hoe duidelijker het wordt
dat heel de plot stevig geworteld zit in de tradities van de
B-horrorfilm. Balagueró gebruikt dezelfde schrikeffecten steeds
opnieuw (een collage van suggestieve beelden, met uiteraard een
knallende muzikale begeleiding). De eerste paar keren spring je
even op, vervolgens wordt het voorspelbaar en zelfs lichtjes
lachwekkend (onder het motto: zijn ze daar nu wéér?!). Het
verhaaltje houdt eigenlijk langs geen kanten steek, en het moet
voor zowat iedereen binnen de tien minuten pijnlijk duidelijk zijn
wie de boosdoener is.

Er wordt vaak behoorlijk over de top geacteerd, met name door
Iain Glen, die tijdens een bepaalde scène de emotie “woede” tracht
uit te beelden door een aardappel maniakaal aan plakjes te snijden.
Wat heeft die patat hem eigenlijk misdaan? Maar dat is oké, in dit
soort film dien je jezelf als acteur niet al te ernstig te nemen.
Zelfs Anna Paquin is nog genietbaar hier – de manier waarop er een
relatie met haar jongere broertje wordt opgebouwd, zodat we echt
kunnen geloven dat Regina veel, indien niet àlles zou opgeven om
hem te kunnen redden, is bewonderenswaardig.

‘Darkness’ speelt zich af in de wereld van de
niet-bijster-snuggere horrorfilm, waarin een moeder naar de
vreselijke blauwe plekken op de schouders van haar kind kan kijken
en zeggen: “Ach, hij zal het zelf wel gedaan hebben,” en de
personages zich in Spanje bevinden, maar het altijd regent of
onweert én niemand ooit Spaans spreekt. Heeft er trouwens al iemand
opgemerkt hoe personages in horrorfilms altijd nog van die
ouderwetse, rinkelende telefoons hebben, in plaats van zo’n modern
bliepgeval? Dat komt, omdat een plots opzettend, knallend luid
gebliep nu eenmaal niet zo spectaculair is.

De regisseur gooit er tegen het einde nog verwijzingen naar ‘The
Shining’ en ‘The Others’ tegenaan,
en slaagt er zelfs in om zijn film te beëindigen met een twist van
heb-ik-jou-daar. Een twist die in feite nergens voor nodig was,
maar wie kan het wat schelen?

‘Darkness’ lijkt mij, niet ondanks z’n gebreken, maar juist
daardóór, voorbestemd tot een intense tweede levensloop als
klassieker op video en dvd, een campy griezelfilmpje dat zichzelf
zo serieus neemt, dat hij steeds hilarischer wordt (die monoloog
van Giannini op het einde!). Dit wordt gegarandeerd een favoriet
onder dronken dan wel stonede jongelui die een video-avond willen
houden. Acteurs trekken hun ogen wijd open en staren strak voor
zich uit, in een poging waanzin uit te beelden, àlle dialogen
waarin delen van de plot worden uitgelegd worden gefluisterd
(kwestie van de sfeer er een beetje in te houden), en de onthulling
van de verschrikkelijke slechterik wordt uitgebeeld door plots een
le-vens-groot schilderij te tonen, dat geen enkel van de personages
schijnbaar ooit eerder had zien hangen, ook al bevond het zich dan
op een plek waar ze beslist al vaak eerder moesten zijn geweest. Zó
zien we onze horrorfilms graag.

Dit het genre film dat je met veel plezier aan je vrienden
aanraadt, maar dan wél met een grijns op je gezicht. De kans is
groot dat veel mensen de grap niet zullen begrijpen en hier enkel
een saaie, onderkoelde thriller zien, maar wie tussen de regels kan
lezen, vindt hier meer dan genoeg om zijn dorst naar heerlijk
slechte horror te stillen.

http://movies.fantasticfactory.com/darkness/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 − 4 =