Ghost World


‘Ghost World’ is gebaseerd op een stripverhaal, maar vergis u
niet: wie denkt hier een zoveelste ‘Spider-Man’ of ‘Batman’ aan te zullen
treffen, zal behoorlijk bedrogen uitkomen. De strip waar het over
gaat, is een underground comic over de levensangsten van
achttienjarig meisje. Ik hoor u al kreunen – alweer een film over
bloody teenage angst – maar néé. ‘Ghost World’ is anders. Radicaal
anders.

Thora Birch, de dochter van Kevin Spacey in ‘American Beauty’,
speelt Enid, een scholiere die we aan het begin van de film zien
afstuderen. Vergeet de triomfantelijke schooleindes die u kent van
andere films – hier krijgen we geen glorierijk afscheid met
ontroerende momenten van eeuwige vriendschap. Enid, en haar enige
echte vriendin Rebecca (Scarlett Johanssen), bekijken alles met een
vlijmscherp sarcasme, spenderen in wezen hun dagen met het afkraken
van alles en iedereen. Wanneer een meisje in een rolstoel, haar nek
gesteund door een ijzeren constructie, tijdens de
diploma-uitreiking over haar ongeluk praat, is de reactie van Enid:
“ik vond haar veel leuker toen ze nog dronk en aan de drugs
zat.”

Enid weet precies wie ze niet wil zijn; geen hersenloos trutje
die toegeeft aan alles wat de maatschappij haar opdringt. Geen
oppervlakkige slet. En bovenal wil ze niet zo worden als haar
vader. Alleen heeft ze niet ontdekt wat ze dan wél wil doen, en we
zien Enid met een stoïcijnse blik door haar stadje lopen, vol van
afkeer voor praktisch alles dat ze ziet. Ze wil niet gaan studeren
en werken spreekt haar ook niet aan. In haar kleding en haarstijl
probeert ze continu op te vallen, door op te komen zetten met vaak
hilarische stijlen uit de jaren vijftig en zeventig. Ze luistert
naar platen die de meeste mensen van haar leeftijd geen blik
waardig zouden gunnen. In feite is ze gewoon op zoek naar iets
anders, iets dat nog niet gedaan is.

Na een tijdje merkt ze dat Rebecca ook die verschrikkelijke
richting van de grijze middenmaat opgaat – een job, servies gaan
kopen. Er zijn hints dat de relatie tussen hen twee ooit iets meer
betekende dan enkel vriendschap, maar wat het zo mooi maakt, is dat
dit nooit wordt uitgesproken. Het is er, op de achtergrond, als een
ondertoon voor al hun scènes samen, en het geeft een extra
betekenis aan de tweede helft van de film, wanneer de vriendinnen
verder uit elkaar groeien.

Enid kiest de kant van Seymour, prachtig gespeeld door Steve
Buscemi, een eenzame verzamelaar van 78-toeren platen, die zichzelf
opsluit in zijn verzameling om te vermijden de wereld onder ogen te
komen. Hij beseft dit zelf, zegt tegen Enid dat hij zich volledig
vervreemd voelt van 99 procent van de bevolking. Enid begrijpt
hem.

‘Ghost World’ is een film voor mensen die dat gevoel begrijpen –
dat je op een punt in je leven staat waarop je niet meer weet of je
vooruit wil of achteruit, waarop je gewoon naar de mensen om je
heen kijkt alsof ze allemaal, van de eerste tot de laatste,
stapelgek zijn geworden en wil jij daar wel iets mee te maken
hebben? Voor de meeste mensen is dit een voorbijgaande gedachte,
maar Enid en Seymour leiden hun leven in deze mentaliteit.

De spookstad uit de titel refereert naar de voorstad waar de
personages wonen – een stad die ooit een zekere charme bezeten moet
hebben, maar nu wordt overgenomen door grote complexen,
hamburgerketens en computerbedrijven. In de gigantische videotheek
vraagt een man naar de klassieker van Fellini, ‘8 ½’. De bediende
heeft geen idee waar de man het over heeft en raadt hem ‘9 ½ Weeks’
aan. De stad is een geest van wat ze ooit was, en zoals Enid en
Seymour erin rondlopen, lijken ze zelf wel geesten – herinneringen
aan een individualiteit die vroeger geaccepteerd werd, maar nu
wordt afgekeurd ten behoeve van de veilige, grauwe, grijze
massa.

Regisseur Terry Zwigof maakt hier zijn eerste fictiefilm, na
twee documentaires, waaronder het schitterende ‘Crumb’. Hij maakt
van ‘Ghost World’ een prachtige film, geladen met mooie ideeën die
subtiel worden overgebracht. Humor en emotie vinden een mooi
evenwicht, zonder dat Zwigoff ook maar één keer valt voor
sentiment. In tegendeel, op het einde is er in feite niets opgelost
– alleen zijn de personages op een punt gekomen waarop ze verder
kunnen met hun leven, wat dat dan ook mag brengen. En als regisseur
heeft hij goddank voldoende bescheidenheid bewaard om geen
geforceerde cameratrucs te zitten bedenken. ‘Ghost World’ is een
toonbeeld van een sobere, zeer functionele visuele stijl, en meer
moest dat ook echt niet zijn. Kijk naar een vroege scène tussen
Enid en haar vader, waar ze samen aan tafel zitten. De hele scène,
één shot. En daarmee uit. Waarom ook niet?

Op die manier vermijdt Zwigof de inhoud van zijn film voor de
voeten te lopen met overbodige visuele dikdoenerij, en krijgen de
personages alle ademruimte. Waar het echt over gaat, tenslotte,
zijn hun gevoelens en gedachten. Niet over wat Zwigof allemaal kan
met een camera. De hele film verraadt een uitzonderlijk gevoel voor
dialoog – de meisjes, die het grootste deel van het komische
materiaal moeten dragen, zijn geestig, maar niet op een
sitcom-achtige manier. Ze zijn niet bovennatuurlijk gevat, ze
reageren enkel schijnbaar zeer spontaan op hun omgeving. Die
dialogen zijn zo levendig en geloofwaardig dat ze een sterk
fundament leggen de hele film. Daarna, naarmate de nadruk sterker
op de relatie tussen Enid en Seymour komt te liggen, moet de humor
iets meer plaats ruimen voor drama, maar de taal die de personages
gebruiken blijft de menselijke taal. Een taal van woorden, gebaren
en bewegingen die zo uit de realiteit geplukt zouden kunnen
zijn.

‘Ghost World’ is een verademing van een film – intelligent en
geestig, is dit een film die ons z’n boodschappen niet
toeschreeuwt, maar toefluistert, in een zachte, niet geheel
onvriendelijke stem.

http://www.mgm.com/ghostworld/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 + 14 =