Eraserhead

Wie dacht dat waanzin pas met de jaren komt, heeft het duidelijk mis; ‘Eraserhead’, David Lynch’s debuutfilm uit 1976, bewijst dat de man sindsdien nog geen haar is veranderd.

De film werd gemaakt over een periode van vijf jaar, waarbij Lynch en zijn troep volgelingen de camera weer ter hand namen wanneer er ook maar geld vrijkwam om verder te werken. Lynch woonde zelfs een tijdlang in de benauwde set omdat hij geen geld had voor iets anders. Alles aan deze ultra-low budget zwart-wit film schreeuwt uit dat het een liefdeswerk was – vooral de sfeer ervan. ‘Eraserhead’ draagt dat gevoel in zich mee van een kunstenaar die per sé zijn ei wilt leggen, en zich geen barst aantrekt van de rest van de wereld in zijn proces om dat ei op de wereld te krijgen. Als anderen het niet begrijpen (wat ze maar al te vaak niet deden), dan was dat maar hun probleem.

Wie ooit een David Lynch film heeft gezien, weet dat die zich niet makkelijk laten navertellen. De hoofdlijn in ‘Eraserhead’ draait rond Henry Spencer, een man waartegen schijnbaar niemand durft te vertellen dat hij een heel fout kapsel heeft. Henry wordt gespeeld door Jack Nance, die later nog zou terugkeren Pete Martell in ‘Twin Peaks’ – de man liep naar verluidt echt vijf jaar lang rond met dat bizarre kapsel. Hij liever dan ik.

Henry gaat op bezoek bij de ouders van zijn vriendin Mary, en de kennismaking met deze familie, de familie X, is één van de meest komisch surrealistische uit Lynch’s oeuvre. Let vooral op de apathische grootmoeder. Tijdens dit diner krijgt Henry te horen dat hij vader is geworden – schijnbaar had hij heel de zwangerschap gemist. Hij neemt zijn intrek in een deprimerend klein en vuil kamertje, met Mary en zijn nageslacht.

Blijkt echter dat zijn kind een misvormd monster is, ET maar dan veel kleiner en lelijker. Het kleine, gladde mormel wordt ziek en huilt onophoudelijk. Mary kan het niet meer aan en vertrekt. Henry blijft alleen achter om voor het onding te zorgen, en wordt langzaam maar zeker volkomen waanzinnig.

Dat is het hoofdgegeven, maar voor David Lynch is dat enkel een excuus om een tornado aan droombeelden, surrealistische hallucinaties en ziekelijke grappen op ons los te laten. We krijgen beelden te zien van een demonisch uitziende man in een planeet (letterlijk: in een planeet), van een dame in een radiator die zit te zingen, van hoofden die worden afgeworpen door enorme tentakels enzovoort.

Veel van de beelden in ‘Eraserhead’ zijn moeilijk te slikken; pus en bloed vliegt je vaak om de oren, en de betekenis van de titel wordt duidelijk in een sequens die voldoende is om kijkers met een zwakke maag op de loop te doen slaan. Het gevaar was dan ook groot, met dit soort film, dat een debuterend regisseur geen controle over z’n productie zou houden en geen samenhangende visie zou kunnen bewaren. Maar wel dus – dat is juist de grote prestatie van ‘Eraserhead’. Het is niet enkel een stormvloed aan beelden en geluiden, het gààt ook nog ergens over.

Van de David Lynch van vandaag zouden we niets anders verwachten, maar vergeet niet dat Lynch in ’76 nog maar een debuterende regisseur was, die niets bewezen had en de mensen opeens iets liet zien waar ze nog nooit mee geconfronteerd waren. Zelfs een art-housepubliek was niet voorbereid op deze mengeling van Dali en Bunuel, maar dan nòg vreemder. De reacties waren dan ook op z’n zachtst gezegd “verward”, voor zover er al reacties wàren. ‘Eraserhead’ kreeg z’n reputatie vanuit een enthousiaste ontvangst in Europa en door filmmakers als Stanley Kubrick en zelfs Mel Brooks die de film hoog inschatten. Brooks zou Lynch vervolgens de gelegenheid geven ‘The Elephant Man’ te regisseren.

Elementen die later typerend zouden worden voor het werk van Lynch, zijn hier al terug te vinden – een blonde vrouw en een brunette. Een scène waarin een liedje wordt gezongen op een podium. Eetscènes die geperverteerd worden naar iets walgelijks. Het gebruik van industriële geluiden en vreemde muziek om een sfeer op te roepen. De vervaging van de grenzen tussen droom en realiteit.

Waar gaat het dan echt over? Dat is moeilijk te zeggen. ‘Eraserhead’ speelt zich af in een onbenoemde wereld, die weinig met onze werkelijkheid te maken heeft. Speelt het zich af in een post-apocalypstische toekomst, of gewoon in een uitzonderlijk deprimerende sloppenwijk van het heden? Beide zijn mogelijk, hoewel het landschap van ‘Eraserhead’ waarschijnlijk gewoon het droomlandschap van het hoofdpersonage is. Wanneer in die omgeving van nooit aflatende nachtmerries een kind wordt geboren, is dat een monster, dat erom vraagt gehaat te worden.

Lynch was net vader geworden toen hij aan deze film begon, en de angst voor de verantwoordelijkheden van het vaderschap spat van het scherm. Tenslotte gaat het hier over een vader die zijn eigen kind zozeer gaat haten dat hij afdaalt in een soort van waanzin die hem er uiteindelijk toe aanzet zijn eigen spruit te vermoorden.

Op die manier kun je natuurlijk het hele ding gaan analyseren, maar het mooie aan ‘Eraserhead’ is dat de film telkens nieuwe interpretaties zal toelaten, waarvan er geen enkele definitief of sluitend zal zijn. ‘Eraserhead’ is cinema in z’n zuiverste vorm, de film zou nooit kunnen worden overgezet naar een ander medium. Dit verhaal zou je nooit op dezelfde fascinerende manier kunnen vertellen in een roman. Waar de meeste films (en daar is op zichzelf niets mis mee) prozaïsch zijn, is ‘Eraserhead’, net als illustere voorgangers als ‘2001: A Space Odyssey’, poëtisch van toon. Niets valt letterlijk te nemen, alles is een symbool of een metafoor.

Wat er natuurlijk toe leidt dat ‘Eraserhead’ een film wordt die zich zeer gemakkelijk laat bewonderen, maar moeilijker laat genieten. Is het echt leuk om Jack Nance het hoofd te zien verliezen? Nou, nee, in die termen kun je het ook niet omschrijven. Het is wel absoluut fascinerend, je kunt je ogen niet van het scherm losrukken. Maar wie op zoek is naar een ontspannend filmpje op zaterdagavond, kan maar beter verder zoeken.

‘Eraserhead’ is spectaculaire cinema, gemaakt door een jonge filmmaker die, zeker op dat moment, een unieke stem had en er heel zinnige dingen mee zei. Het was het begin van een uitzonderlijke carrière van films die zowel enorme bewondering als gigantische frustratie zou oproepen bij het publiek. Maar die, neem het zoals je wil, niet genegeerd kan worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zestien + twee =