Maggie Nelson :: Bluets – Bespiegelingen in blauw

Sommige boeken doen er decennia over vooraleer ze het label ‘klassieker’ krijgen. Andere titels worden onmiddellijk na hun verschijnen al opgepikt als ‘meesterwerk’. Dat lot viel Maggie Nelson te beurt, wiens Bluets na de publicatie in 2009 quasi onmiddellijk een cultstatus verwierf. Dankzij Nicolette Hoekmeijer is er nu een voortreffelijke Nederlandse vertaling.

Hoe ziet een boek eruit dat vandaag nog ontelbare lezers weet te beroeren? De magie zit voor Nelson niet in een traditioneel narratief, wel integendeel: haar Bluets wijst elke notie van lineair denken af. Het ocharme 119 bladzijden tellende boekje vertelt geen verhaal en introduceert geen personages, maar cirkelt rondom de auteur en haar persoonlijk wedervaren na een pijnlijke relatiebreuk. Ze valt in de verwerking daarvan terug op een oude liefde, namelijk een fascinatie voor de kleur blauw, in al zijn facetten, varianten, toepassingen, enzovoort. Niet dat Bluets verwordt tot een catalogus van wat allemaal blauw kan zijn of wat het blauw met Nelson doet. Voor haar is de kleur vooral een kapstok om het over gevoel te hebben, over gedachten, over het begin van ideeën…

In wat Nelson zelf “proposities” noemt, meer bepaald korte flarden tekst die een bepaalde essentie proberen aan te raken, daagt de schrijfster haar schrijvend vermogen als het ware uit. Is een boek over een kleur überhaupt mogelijk? Valt er te communiceren over de emotie die een kleur teweeg brengt? Welke relatie bestaat er tussen gevoel en biografie? Hoe verhoudt een auteur zich tot de dagdagelijkse omgeving? Het is maar een greep uit de onderwerpen dat Nelson eerder suggestief-latent dan heel concreet behandelt.

Zowat alles kan onderwerp zijn van Nelsons hersenspinsels. De experimentele vorm zou een revelatie kunnen zijn, en volgens diverse critici is het dat ook. Juist is dat de auteur haar woorden zorgvuldig kiest. Bluets bevat nergens onhandig geformuleerd proza, het bevat geen overbodige details, geen onzinnige gedachten. Wel het tegendeel lijkt bewaarheid te worden: in haar streven naar een ultieme compactheid, lijkt het alsof Nelson te veel heeft willen wegknippen. Voortdurend botst de lezer op wat het boekje niet bevat: uitgewerkte concepten, een houvast van waaruit identificatie en dus emotie kan ontstaan, intellectueel gedachtegoed dat trefzeker overkomt omdat het omvattend is uitgewerkt…

Logischerwijs kan een boek niet worden aangevallen om wat het niet beoogt, behalve dat de vraag zich opdringt of Nelson voor Bluets de correcte vorm heeft gekozen. Poëtisch zijn de proposities wel, en dat academici er van smullen hoeft niemand te verbazen. Maar liefst drie jaar lang puzzelde Nelson in totaal 240 korte fragmenten bij elkaar, knipsels die ze vervolgens opnieuw en opnieuw ging rangschikken, tot er een naadloos kabbelend geheel uit zou voortgekomen zijn. Althans, dat beweren recensenten die hier en daar zelfs lieten optekenen dat Bluets iemands leven kan veranderen. Dat is dan weer klinkklare onzin, en wel omdat de charme van Nelsons gestoei met de wetmatigheden van het moderne proza niet mag verward worden met existentieel geladen, gewortelde literatuur. Als dit boek levens veranderen kan, dan een speculaaskoek evenzeer.

Bluets past perfect binnen een tijdsgeest die niet meer verdraagt dat de dingen diepzinnig zijn, of lijvig, of erudiet en intellectueel uitdagend. Schijnbaar volstaat het filosofisch parfum om menig criticus te overtuigen van Nelsons vermeende genie. De modale lezer zal het worst wezen, want die zal aan Bluets niet zoveel beleven. Weliswaar zijn de proposities geraffineerd geschreven, weliswaar zijn de gedachten erudiet en dichterlijk, weliswaar is het boekje spitsvondig als museale creatie. Maar een literaire mijlpaal? Een boek dat iedereen moet gelezen hebben?

Nee, dat is te veel eer voor wat uiteindelijk een behendig geconcipieerde collage is. Zoals een symfonie niet bij elkaar wordt geknipt en geplakt, zo is de compositie van Bluets te improvisatoir-vrijblijvend en het opzet te willekeurig om harten sneller te doen slaan. Of het moeten de harten van academici of critici zijn, kortom diegenen die hoog oplopen met een writer’s writer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 + 7 =