Lamontagne & Gloris :: Wild West 2: Wild Bill

Nadat Calamity Jane de centrale rol innam in het eerste deel van Wild West, is het nu de beurt aan Wild Bill, een andere legendarische figuur uit het Wilde Westen, om voor het voetlicht te treden en, hopelijk, een nieuw publiek richting westerns te loodsen.

Een westernstrip maken en origineel uit de hoek komen: het is stilaan een onmogelijke opdracht. De narratieve mogelijkheden en invalshoeken zijn beperkt en wie zijn verhalen ophangt aan legendarische figuren, kan bijna niet anders dan platgetreden paden bewandelen. Het beste dat je als auteursteam in zo’n geval kan doen, is een zo degelijk mogelijk werkstuk afleveren. Het is op dat vlak dat Lamontagne en Gloris uitblinken met Wild West.

Begin vorig jaar maakte het duo een gesmaakte entree met het eerste deel van de reeks, Calamity Jane. Op dat elan wordt nu verder gegaan. We volgen de verdere levensloop van Jane en gaan tegelijk op pad met Bill Hickok, oftewel Wild Bill – opnieuw een naam die een belletje doet rinkelen bij wie over een basiskennis van het Wilde Westen beschikt.

De man staat bekend als revolverheld, maar het hangt er maar van af hoe naar zo iemand gekeken wordt om te bepalen of de nadruk op het eerste dan wel het tweede deel van dat woord hoort te liggen. Het album is namelijk nog niet goed en wel gestart of de kogels fluiten in het rond. Wie even stilstaat bij die eerste schietpartij kan zich het hoofd breken over de vraag wie hier de goeien en de slechten zijn: Wild Bill verschijnt op een spoorwegwerf, doet een poging om een van de aanwezigen te spreken te krijgen – iets dat niet naar de zin is van enkele spoorweglui. Het gesprek escaleert in geen tijd tot een schietpartij. Is Wild Bill een schietgrage gek of deed hij aan zelfverdediging? En kunnen de spoorweglui niet net hetzelfde claimen? Dat dergelijke vragen aan de orde zijn, toont aan dat Wild West het niveau van de doorsnee western, met duidelijk afgebakende helden en misdadigers, overstijgt.

Wild Bill verdient zijn brood als premiejager, waarmee hij tot een beroepscategorie behoort met een niet al te beste reputatie, zelfs niet wanneer hij moordenaars achter de veren zit zodat ze hun verdiende loon krijgen. Zijn doel bereiken, is het enige dat Bill voor ogen heeft, zelfs als hij het daarvoor op een akkoordje moet gooien met de beruchte generaal Custer.

In tegenstelling tot Custer, wiens gedrag aan bod komt in de prent Little Big Man en Neil Youngs Goin’ Home, begrijpt Bill de American natives wél: ze verdedigen simpelweg hun land. Maar Bill snapt ook dat de blanken niet weg zullen gaan en dat die twee feiten enkel tot bloed en tranen zullen leiden.

Calamity Jane heeft ondertussen, vermomd als man, dienst genomen in het leger. Gendergelijkheid was in de strijdkrachten van de jonge Verenigde Staten een nog onbekend begrip. Wanneer haar patrouille door natives aangevallen wordt, is het feit dat ze een vrouw is haar redding. Jane belandt in een indianenkamp, waar ze voor het eerst iets de kans krijgt een leven te leiden dat niet constant onder mannelijke dreiging gebukt gaat.

In het Wilde Westen is geluk doorgaans echter van korte duur en wanneer de paden van beide hoofdpersonages opnieuw kruisen, is dat niet onder de meest glorieuze omstandigheden. Bovendien heeft het album een einde in petto waarmee duidelijk wordt dat een even lezenswaardig derde deel tot de mogelijkheden behoort.

Wild West mag enigszins gebukt gaan een zekere mate van voorspelbaarheid, maar dat neemt niet weg dat de reeks tot de betere in het genre behoort. De mate van voorspelbaarheid hangt immers ook deels af van de leeftijd van de lezer: wie jong genoeg is om Wild West als eerste westernreeks in handen te nemen, heeft een hele wereld om te ontdekken. Maar ook wie al flink van het genre geproefd heeft, kan – dankzij het solide scenario en het indrukwekkend tekenwerk – Wild West best naar waarde schatten.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × vijf =