Sojourner :: Premonitions

Schoonheid puren uit een pekdonkere periode, als water uit een steen: dat is wat Sojourner doet op hun derde plaat. Een muzikale dam van weemoed optrekken tegen de tekstuele zwaarmoedigheid en zwartgalligheid. Het maakt Premonitions tot een universele plaat die niet alleen in de metal, maar ook ver daarbuiten veel zieltjes zal winnen. En troosten.

Wie bij het lezen van de term ‘metal’ al snel wilt wegklikken: niet doen. En al zeker niet wanneer u zo meteen even verder ‘black metal’ ziet staan. Want wat Sojourner met beide genres doet, is ze opentrekken zonder als “te toegankelijk” (vaak synoniem voor “oppervlakkig”) versleten te worden. Sojourner ontgint er een emotionele zeggingskracht in die weinig bands hen hebben voorgedaan. We spreken van Anathema bijvoorbeeld, nog zo’n band die ook buiten metalmiddens wordt doodgeknuffeld. We spreken van Alcest, dat in z’n atmosferische (komt ie) black metal ook emotionele lagen aanbrengt door bloedmooie melodieën.

Dat is ook wat Sojourner doet: met piano, synths, zelfs tin whistle en de hemelse vocalen van Chloe Bray gaat de band de strijd aan met donkere ervaringen en gevoelens van het afgelopen jaar. Premonitions is een queeste om balans te vinden tussen donkerte en licht, tussen vrede nemen met en verteerd worden door. Wat is troost immers meer dan balans proberen te brengen?

Over wat die donkere ervaringen zijn, praat de band niet graag. In het interview met enola werd echter duidelijk dat het huwelijk tussen bandleden Chloe Bray en Mike Lamb op de klippen is gelopen, en dat bij zanger Emilio Crespo het licht even is uitgegaan. Eén blik op zijn teksten zegt genoeg. Zoals in slotnummer “The Event Horizon”: “I claw my way through the pits of desolation / Only to fail / I fall, I crawl, I sob, I break.” Voor vele (black) metalbands de aanleiding om elk sprankeltje licht dat tussen de spleten van de muziek komt piepen dicht te plamuren. Zo niet Sojourner.

Premonitions ademt in z’n geluid en doet daardoor herademen, terwijl er toch een enorme oerkracht en dynamiek van de plaat spatten. De gitaarlijnen mikken steevast op het hart als een vaccin dat over een jaar op het Coronavirus afstormt, en gaan de strijd aan met de schreeuwende, raspende vocalen van Crespo. Balance in the force. En het is de schoonheid die het langste blijft hangen, omdat ze zich ook na meer dan tien luisterbeurten nog niet volledig heeft prijsgegeven. Dan hoor je onderhuids nog die ene synthmelodie waar zonlicht doorpriemt, dan wordt de muzikale strijd die aan het einde van “Eulogy For The Lost” wordt uitgevochten adembenemend: de splijtende, Anathema-eske gitaarsolo van Lamb wint alleen maar aan kracht in het gevecht met de zwarte demonen van Crespo, wordt op het einde geholpen door de troostende vocalen en de tin whistle van Bray, waarna met een geschreeuwd “I Shall Perish” de donkerte het onderspit delft. Of toch voor even.

De sterkste momenten zijn die waarin hoop (Bray) en wanhoop (Crespo) de dialoog aangaan, zoals in “The Apocalyptic Theater”, op een muzikaal bed van rozen én doorns. De opbouw is weer om door een ringetje te halen, als een storm die steeds meer aan kracht wint. De vooruitgeschoven single, “The Deluge”, is hun eigen geluid tot in de perfectie: bloedmooie gitaarlijntjes van Lamb worden als pijlen uit een boog op een zware gitaarmuur geschoten, de stem van Bray torent boven het strijdgewoel uit om de strijd in het nadeel van de duisternis te beslechten.

Klinkt allemaal episch, en dat mag. Zolang het geen holle bombast is. Voor de sceptici: neen, verwacht geen zwaar aangezette strijkers uit een doosje, paukenslagen uit een keyboard, laat staan dramatische operagezangen. Alle voeten van songs en bandleden staan stevig op de grond, dat maakt de impact totaal.

En trucje wordt het allemaal niet: het naakte “Talas” is met piano en Bray’s stem een pure overwinning van broze schoonheid (“But I do not stand alone / As I ever have before / And I hear the words resound in your voice, “take my hand”), die wordt gevierd met een gedurfd, episch einde dat naar progmetal neigt. Het is een pyrrusoverwinning: “Fatal Frame” is een donkere draaikolk die muzikaal het meest naar, weliswaar melodieuze, black neigt. Maar de dynamische lagen die de band hierin aanbrengt én de melodie die primeert op de distortion doen dit ver boven het maaiveld uitstijgen.

Nu ze getekend hebben bij het grote metallabel Napalm Records, waar men terecht in dit goudklompje gelooft, oogt de Coronavrije toekomst mooi voor Sojourner. Het is zoals hun eigen plaat: die schone vooruitzichten winnen van de donkere aanloop naar deze plaat. Premonitions gaat rimpelingen veroorzaken in de metalwereld, al was het maar door het extra gedruis daarbuiten.
Voor metalliefhebbers: een hoogtepunt in atmosferische black metal, met elementen van prog en folk, dat het genre een fris élan geeft.
Voor de niet-metalliefhebbers: een toegankelijke, aangrijpende plaat als soundtrack bij het gevecht dat u zelf ook quasi dagelijks levert, of in uw omgeving geleverd ziet worden: dat tussen schoonheid en donkerte. Bij Sojourner is het tenminste wel duidelijk wat wint.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

6 + achttien =