David Grubbs, Mats Gustafsson, Rob Mazurek :: The Underflow

Hier heb je te maken met een soort super group van de experimentele muziek. Deze drie generatiegenoten hebben heel wat raakvlakken en onderling meerdere connecties, maar er was curator John Corbett voor nodig om ze eens bij elkaar te krijgen. Dat gebeurde in 2019 in The Underflow, een platenwinkel annex kunstgalerij in Athene, Griekenland (!). Nu trekt het trio de hort op met zijn langspeler onder de arm. Je kan ze op 18 januari meepikken in Les Ateliers Claus.

Mazurek en Grubbs behoren tot een golf van creatievelingen uit Chicago die in de jaren negentig de kop opstak en vaak actief was in de zone waar avant-garde, rock, jazz en improvisatie elkaar ontmoetten (zie ook Tortoise, Ken Vandermark, etc.). Kornettist Mazurek ging in die periode aan de slag met zijn Chicago Underground, terwijl gitarist Grubbs vooral gelinkt werd aan Gastr del Sol. Het was in die periode dat rietblazer Mats Gustafsson ook in the Windy City belandde. Hij maakte er deel uit van het befaamde Chicago Tentet van Peter Brötzmann, wat de start zou betekenen van een complex web van Transatlantische samenwerkingen. Zo verschenen er al destijds al een paar albums van het duo Grubbs/Gustafsson.

Het duurde dus toch tot 2019 voor de drie zich plots in elkaar gezelschap bevonden. Twee avonden speelden ze samen in Athene, met resultaten die heel vertrouwd klinken, en misschien ook weer niet, want The Underflow duikt een paar keer onder in vrij experimentele, heftige wateren, maar ontvelt bij momenten ook tot een uitgepuurde, zelfs lyrische interactie. Met opener “City Stones Sleep” krijg je alleszins een 18 minuten durend epos voor de kiezen waarmee meteen een zeer brede speelzone wordt afgebakend. Aanvankelijk vooral met de nadruk op elektronisch gepruttel en geharrewar, een sudderende bricolage van zoemende, stuiterende klanken met smurfenstemmen en intergalactische wentelingen.

Ook even drone-achtig en pulserend, resoluut from outer space, met spookachtige lagen die afstandelijk van plaats wisselen tot het boeltje als een dieselmotor stilvalt, om plaats te maken voor een meer akoestische wending. Er wordt gespeeld met adem en speeksel, meer geneigd naar een abstracte, vrije improvisatie, met ontsnappende trompetkreten en de potpotpot van Gustafssons snurkende baritonsax. Die laat uiteindelijk die beruchte doodskreet ontsnappen, wat goed is voor een nieuwe golf van elektronica die onder de sax geschoven wordt, als hoefgetrappel, terwijl de Zweed het dalende motief van “Hidegen  Fújnak A Szelek”, dat hij eerder al binnenstebuiten keerde met The Thing, aanbiedt als houvast in een uitdagende trip.

Zo radicaal gaat het er verderop niet meer aan toe, maar het blijft wel een album voor hongerige oren die niets met labels hebben. Aan het andere uiteinde start “Not In A Hall Of Mirrors” met een zeldzame fluitsolo van Gustafsson (of is het toch ‘s mans verbasterde fluteophone?), maar zelfs dat wordt een uitgesproken fysieke onderneming, met al dat verkrampen en gehijg. Geen verrassing dat later wordt overgeschakeld op baritonsax in samenspel met kornet, gitaar en elektronica dat ei zo na een kamermuziek-achtige vibe krijgt. 

Ook mooie intimiteit in het compacte “Creep Mission” waarin het instant herkenbare Grubbs-geluid – een soort van spelen op de tast dat haast helemaal vrij is van herhaling of herkenning maar wel een eenheid bewaart als een modale exploratie – naadloos samenvloeit met het gedempte spel van Mazurek, dat gaandeweg steeds grovere, extremere texturen opzoekt zonder in te boeten aan samenhang. Dan is “Goats And Hollers” wel andere koek. Alles wijst hier op een systeemfalen, met gierende sirenes die hinten naar een dreigende chaos, tot er plots sjamanistische kreten van Mazurek opduiken die de lunaparkriedels helemaal over de rooie laten gaan, met een duet voor kornet en schurende elektronica.

Het maakt van The Underflow een album van en voor avonturiers. Thuis in vele werelden, goed voor een compromisloos verbond met als voornaamste missie op zoek blijven gaan naar uithoeken van het spectrum waar nieuwe combinaties kunnen ontstaan. Nu eens met elektroakoestische overdondering, dan weer met lillende intensiteit op laag volume.

Het trio speelt 18 januari in Les Ateliers Claus, met Ignatz als voorprogramma. Meer info en tickets HIER.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in