Solange :: A Seat At The Table

Ook kleine zusjes worden groot. In die mate zelfs dat ze grote zussen overvleugelen, want dat doet Solange met A Seat At The Table. Ze mag dan niet het megasucces, de présence en de marketingmachine van Beyoncé hebben, de muzikale limonade van de jongste Knowles heeft een veel langere afdronk.

Dat mag je gerust een krachttoer noemen. Omdat Beyoncé de lat met haar twee laatste platen al behoorlijk hoog heeft gelegd én omdat Solange met haar vorige werk onder de radar bleef hangen. Al was “Losing You” uit haar EP True (2012) wel een teken aan de wand. Tv-makers grijpen nog altijd naar die song (De Ideale Wereld, iemand?), en dat is geen toeval. Minimalistische, opwindende r&b met een melancholische onderstroom van langoureuze keyboards en die typische dromerige zang van Solange. Het is ook de muzikale blauwdruk van A Seat At The Table, maar deze keer zet de chanteuse nog een zevenmijlslaarspas voorwaarts. Bepaalde op True nog grotendeels Dev ‘Blood Orange’ Hynes de sound, dan slaat Solange haar tentakels nu uit naar tal van andere stijlen en inspiratiebronnen. Onder meer Q-Tip, Raphael Saadiq, Sampha en Dave Longstreth van Dirty Projectors staken een handje toe.

Hun invloed vertaalt zich in een rijkere en meer gelaagde sound. Opener “Rise” is het soort melodieuze neo-soul, waarmee ook The Roots je ziel zalven. “Cranes In The Sky” trapt dan weer af met een funky drumgroove en een krolse baslijn, waar Solange zich als een wurgslang rond kronkelt. Ook in de meeste andere songs dansen soul, funk en r&b een ingetogen, maar intense slow die aan de bezwerende plakkers van D’Angelo doet denken. Deze vrouwelijke, zwarte messias kiest daarbij resoluut voor de subtiliteit. Zo gaat “Mad” over het recht op woede en verontwaardiging in het verdeelde Amerika, maar Solange zingt alles met ingehouden elegantie. Een plaat lang maakt ze een vuist met een fluwelen handschoen.

Het contrast met grote zus Beyoncé is dus behoorlijk groot. Roept die in “Formation” alle zwarte vrouwen op om één front te vormen tegen racisme en misogynie, dan klinkt deze plaat een pak minder opruiend. “Don’t touch my hair. When it’s the feelings I wear”, zingt Solange in “Don’t Touch My Hair”. Geen Black Panthers-baret op het hoofd van de jongste Knowles dus. Ze verkondigt een gelijkaardige boodschap, maar dan ingetogener, minder militant en met meer poëzie. Zoetsappig, maar met een bittere nasmaak.

Ook muzikaal maakt Solange geen stoere statements, de aandacht voor detail primeert. In plaats van megalomane hiphopbeats hoor je subtiele percussie van Rostam Batmanglij (Vampire Weekend) in “F.U.B.U.” en van Q-Tip in “Borderline (An Ode To Self Care)”. Grootse synthpartijen moeten het een plaat lang afleggen tegen twinkelende pianoklanken en mijmerende keyboards. Die aanpak zorgt ervoor dat A Seat At The Table even tijd nodig heeft, maar elke luisterbeurt blijft groeien.

Na Kendrick Lamar, Chance The Rapper en haar grote zus pakt ook Solange uit met een indringende plaat over zwarte identiteit. Een boodschap die ze je niet door de strot ramt, maar zachtjes laat binnenglijden met zijdezachte, sobere r&b. Een andere tactiek, maar daarom niet minder effectief en prangend. Een krachttoer, of zeiden we dat al?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × drie =