Pet Shop Boys :: Super

De wereld is er erg aan toe, de Pet Shop Boys weten dat wel. Ze willen er dan ook geen bal mee te maken hebben. Op hun elvendertigste – echt geen goesting om te gaan tellen, jongens – duiken de heren in een groot vat dansnostalgie, en helemaal Super is het resultaat misschien niet, Dik OK zeker wel.

Waar een mens na al die aanslagen en Panama Papers volstrekt geen zin meer in heeft: het zoveelste rondje opiniestukken lezen, meningen rondtweeten, vingerwijzen op sociale media. Guilty as charged is ondergetekende nochtans in elk van die misdaden, maar genoeg is genoeg. Het hoeft niet langer. Laat ons gerust. Wij weten het ook niet meer. Wij kruipen even binnen onze vier muren, en proberen ons eigen leven recht te houden, dat vraagt al moeite genoeg. Laat ons maar gewoon ons hoofd in het zand steken, en doen alsof alles oké is. En misschien een beetje dansen.

Pet Shop Boys begrijpen ons, want verdomme, wat is Super bij momenten weer een aangename dansplaat geworden. Badend in een warme clubsound die zo naar het beste van de vroege jaren negentig verwijst, is de euforie van een XTC-rush bij momenten niet van de lucht. Voor de tweede keer (en er zou een derde keer volgen) aan het handje van producer Stuart Price, grijpen Neil Tennant en Chris Lowe terug naar de commerciële hoogdagen van hun bestaan, toen een kegel al eens een hoed bleek, en een Village Peoplecover nog een hit kon worden.

Van dat laatste gelukkig geen spoor op Super, zelfs The Boss wordt in tegenstelling tot voorganger Electric met rust gelaten. Krijgen we wel: de opwinding en de cheesy knipoog van opener “Happiness”. “It’s a long way to happiness, a long way to go / And I’m gonna get there boy, the only way I know” is zowat het enige dat Tennant meedeelt, maar je hoort de cheeky knipoog naar “Opportunities” en “Shameless”, toen Pet Shop Boys ambitieuze zakenlui en celebrities op gelijkaardige manier in de zeik zette. Geluk is iets voor yuppen. Een accessoire.

Beter nog is de gloed van single “The Pop Kids”, een warme vintage track waarin Tennant diep in eigen verleden put. Het is moeilijk niet aan de jonge Pet Shop Boys te denken bij dat “We were young but imagined we were so sophisticated / Telling everyone we knew that rock was overrated”. Hij mag het dan in de early nineties situeren, vroege eighties will do just fine.

Het is echter pas in de tweede helft dat Pet Shop Boys ons echt de dansvloer opsleuren. “Inner Sanctum” mag dan niet meer dan een instrumental zijn, geschikt om Tennant tijdens het spektakel dat “Pet Shop Boys live” heet de tijd voor een kostuumwissel te gunnen, het zet de toon voor een tweede helft waarin opzwepende housebeats de toon zetten. “Say It To Me” is daarbij de uitschieter, maar ook “Burn” houdt daarna de discotheekvibe nog even vast.

Met wat schrapwerk had Super pas echt super kunnen zijn, want om aan die eindspurt te raken moesten we wel langs “Sad Robot Show” (Een trage Pet Shop Boyssleper, maar niet van de goeie soort) , “Pazzo” (nog een overbodige instrumental), en vooral “Twenty-something” (Sirtaki voor dansmariekes). Gelukkig zijn er dan altijd de teksten om ons even bezig te houden, want Tennant laat zich nog steeds van zijn vinnigste kant zien wanneer hij genadeloos de ambitieuze jeugd van vandaag met zijn start-ups en zijn vlotte babbels te kakken zet. Deze tijden van decadentie en hebzucht komen hem duidelijk bekend voor.

Misschien mag het dus geen wonder heten dat het net in dit hardvochtige en klote tijdsgewricht is dat Pet Shop Boys opnieuw hun vorm vinden. “Been there, done that”, en het zit nog altijd in de vingers. We geloven nog steeds in de kracht van rock, maar dezer dagen zijn we toch vooral een pop kid; Super laat voelen waarom.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 4 =