Ray LaMontagne :: Ouroboros

”I’ve never cared what people’s perceptions of me are. I really don’t give a flying fuck”, liet Ray LaMontagne zich onlangs ontvallen tegenover Rolling Stone. No shit James. Nadat hij met Supernova de psychedelische sixties indook en zijn oude fans een ferme neus zette, is hij met Ouroboros duidelijk niet van plan om die vervreemde fans voor zich terug te winnen.

Ondanks het feit dat hij zich altijd gretig heeft laten inspireren door de Amerikaanse muziekgeschiedenis, is LaMontagne geen man die krampachtig vasthoudt aan het verleden. Dat bleek al bij de aankondiging van Ouroboros toen hij beweerde: ”I don’t write singles. I don’t write pop songs.” Natuurlijk heeft hij dat in het verleden wel gedaan, want Supernova bevatte wel degelijk enkele puike popsongs en in een iets verder verleden was “You’re The Best Thing” nog een bescheiden hit geweest. Maar het komt altijd goed over om je tijdens een promobabbel af te zetten tegen je eigen verleden en in het geval van Ouroboros is dat niet eens zo onterecht. Qua sound ligt de plaat immers nog wel in het verlengde van zijn voorganger. Het lijkt alsof LaMontagne de dag na het afronden van de opnames van Supernova wakker werd en dacht: oké, dat was leuk, wat kunnen we hier nog allemaal mee? Om vervolgens de klassieke songstructuren overboord te gooien. Op Ouroboros dus geen singles en stricto sensu zelfs geen songs, want de plaat valt uiteen in twee delen: simpelweg getiteld “Part One” en “Part Two”. Die zijn op hun beurt opgebouwd uit verschillende segmenten die in elkaar overvloeien.

Het is een ambitieus opzet waar LaMontagne niet helemaal in slaagt. In “Part One” worstelt hij duidelijk nog met de vraag hoe je van een muziekstuk van twintig minuten een logisch geheel maakt. Eerst opent het nog ingetogen met “Homecoming”, dat zeven minuten lang alle ademruimte krijgt voordat in de laatste minuut de piano begint aan te zwellen en er toch een bescheiden climax volgt. Daarna slaat de sfeer om en drijft “Part One” op een vuile gitaar die voortdurend van gedaante blijft wisselen. Wat begint als een relaxte groove tijdens “Hey, No Pressure”, neemt met “The Changing Man” een dreigende vorm aan om terug te ontspannen en te ontladen in een heus engelenkoor tijdens “While It Still Beats”. Er zit een logica in de opbouw, maar de overgangen zijn zeker niet naadloos.

”Part Two” daarentegen vormt een veel logischer geheel. Hier geen onverwachte wendingen en de naden zijn vakkundig weggewerkt. Hier ook geen smerige gitaren, maar een relaxte sfeer die maakt dat “Part Two” ongrijpbaarder is dan “Part One” en de luisteraar geen andere keuze laat dan onderuit te zakken in een zetel. Het geeft producer Jim James van My Morning Jacket de ruimte om meer op de voorgrond te treden, zo lijkt het, want in het instrumentale “A Murmuration Of Starlings” valt zijn gitaarspel te onderscheiden.

”You’re never going to hear this song on the radio/but wouldn’t it make a lovely photograph?” zo sluit Ray Lamontagne Ouroboros af en dat is waarschijnlijk de beste manier om de plaat samen te vatten. Afgezien van “Hey, No Pressure” valt hier geen voer voor de radio te rapen, maar dat voelt nooit aan als een gemis. Niet zolang hij het lef heeft om risico’s als deze te blijven nemen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × drie =