Jenny Montigny. De Zon en het Leven:: MSK Gent

In het Museum voor Schone Kunsten Gent (MSK) krijgt Jenny Montigny (Gent, 1875 – Deurle, Sint-Martens-Latem, 1937) eindelijk de ruimte om als volwaardige kunstenaar te worden herontdekt. Meer dan tweehonderd schilderijen, tekeningen, pastellen en prenten tonen een oeuvre waarin licht en kleur, beweging en menselijke kwetsbaarheid samenkomen. Jenny Montigny. De Zon en het Leven maakt de veelzijdigheid zichtbaar van een eigenzinnige impressioniste wier betekenis te lang werd overschaduwd door haar verhouding tot Emile Claus.

Foto: MSK Gent

Sommige kunstenaars schilderen wat ze zien, anderen vatten in het zichtbare ook iets van hun tijd, de menselijke aanwezigheid en de broosheid van het bestaan. De Vlaamse kunstschilderes Jenny Montigny behoort tot die laatste categorie. Haar werk laat het alledaagse ontvouwen als een veranderlijk samenspel van licht, kleur en beweging. De tentoonstelling biedt dan ook meer dan een eerherstel: ze nodigt uit tot een herwaardering van een oeuvre dat niet tot een voetnoot bij het Vlaamse impressionisme mag worden herleid.

Montigny wordt traditioneel verbonden met Emile Claus, bij wie ze vanaf haar achttiende haar artistieke opleiding genoot. Zijn luminisme beïnvloedde haar aandacht voor licht en atmosferische kleur, maar Montigny ontwikkelde een eigen beeldtaal en thematische gevoeligheid. Waar het licht bij Claus vaak het landschap transformeert, gebruikt Montigny het ook om het leven zelf te benaderen: spelende kinderen, dagelijkse arbeid, intieme interieurs en mensen in hun gewone omgeving. Haar artistieke betekenis ligt niet alleen in haar historische positie als vrouwelijke kunstenaar, maar vooral in de kwaliteit en samenhang van haar werk.

Na haar aansluiting bij de kunstenaarskring Vie et Lumière in 1904 vestigde Montigny zich in Deurle, nabij Sint-Martens-Latem. Het landschap langs de Leie, de landelijke bedrijvigheid en de plaatselijke gemeenschap werden belangrijke inspiratiebronnen. Ze keek daarbij verder dan een idyllisch buitenleven: ook de arbeid, de bewoners en het ritme van hun dagen kregen aandacht.

Licht is bij Montigny geen decoratief effect. Het organiseert de compositie, stuurt de kleuren en maakt voelbaar dat elk tafereel slechts een tijdelijk ogenblik vastlegt. Dat blijkt uit de voorstudie voor “De Begonia’s” (1912–1913), waarop ze datum en uur noteerde: 15 augustus om 18 uur. Het monumentale schilderij, meteen ook het pronkstuk van de tentoonstelling, werd voor het eerst getoond op de Wereldtentoonstelling in Gent in 1913 en in datzelfde jaar door de stad aangekocht. Het brengt tuiniers tussen de bloemen samen in een levendige zomerse scène. De arbeid wordt niet heroïsch opgevoerd; de kracht schuilt in de aandacht voor een concrete handeling en haar omgeving.

Ook het kleurrijke schilderij “Interieur van Villa Rustoord”, Deurle (privécollectie), past in die aandacht voor de gewone omgeving. Het interieur is meer dan een herkenbare ruimte: de ordening van de kamer, de lichtinval en de aanwezige voorwerpen maken huiselijkheid tot een schilderkunstig onderwerp. Net als in haar buitenscènes, zoals onder meer het fleurig doek “Boomgaard in Bloei” uit 1912 en het extravertere “De Molen van Buysse” (1913) ontstaat de sfeer niet uit een groot gebeuren, maar uit de manier waarop licht en ruimte het alledaagse betekenis geven. Die gevoeligheid voorkomt dat Montigny’s werk tot een louter aangename indruk van het leven langs de Leie wordt gereduceerd.

Montigny’s talrijke voorstellingen van het schoolleven in Deurle behoren tot de meest overtuigende onderdelen van haar oeuvre. Het plaatselijke Sint-Jozefsschooltje lag vlak bij haar woning en bood haar een rijk repertoire aan houdingen, gebaren en onderlinge verhoudingen. Klaslokaal, speelplaats en de weg naar school verschuiven de aandacht van het landschap naar de menselijke figuur, zonder dat het onderzoek naar licht en kleur aan belang verliest.

Kinderen zijn bij Montigny geen geïdealiseerde symbolen van onschuld, maar lichamen in beweging, elk met een eigen houding en ritme. Kleuren botsen en versmelten, contouren lossen gedeeltelijk op en losse penseelstreken suggereren beweging zonder die helemaal vast te leggen. In “Naar School (lente)” wordt de tocht van de leerlingen een momentopname waarin het seizoen, licht en groepsbeweging samenkomen. De voorstelling is niet alleen een charmant tafereel: ze laat zien hoe Montigny een vluchtig gebaar omzet in verf en hoe ze individuele figuren binnen een levendig geheel herkenbaar houdt.

De schooltaferelen vormen zo een volwaardig artistiek onderzoeksveld en worden in de expo in een afzonderlijke zaal tentoongesteld, waar ook schoolbanken (pupiters) en een telraam van weleer staan opgesteld, wat een nostalgische sfeer oproept. Montigny volgt de werkelijkheid, maar ordent die volgens haar eigen ritme van kleur, toets en compositie. Ze schildert niet alleen kinderen die leren of spelen, maar ze onderzoekt hoe beweging zich laat vangen zonder haar spontaniteit te verliezen.

Dichter bij huis vond Montigny onderwerpen in het leven van haar huishoudster Zoë en haar kinderen. Deze werken brengen huiselijkheid, moederschap en lichamelijke zorg in beeld, maar schetsen geen vanzelfsprekend geruststellend beeld van het gezinsleven. Montigny had zelf geen kinderen en observeerde het moederschap met aandacht voor zowel tederheid als praktische inspanning, vermoeidheid en routine.

In “Moederschap (Drinkend kind)” (1927) geeft Zoë haar kind de borst. De intimiteit van het beeld wordt gecompliceerd door de sociale verhouding tussen de gegoede kunstenares en de vrouw die bij haar in dienst was. Volgens de informatie die bij de tentoonstelling wordt verstrekt, voelde Zoë zich niet op haar gemak bij de pose en vond ze die ongepast, terwijl Montigny erop aandrong. Dat maakt het werk niet zonder meer verwerpelijk, maar evenmin kan de machtsverhouding worden genegeerd. De empathische blik van de schilderes heft de afstand tussen model en kunstenaar niet op; juist die spanning maakt het schilderij vandaag relevant.

De reeks tekeningen De strijkster, waarmee je als bezoeker al wordt geconfronteerd bij het betreden van de expositieruimte, brengt een verwante aandacht voor dagelijkse arbeid naar voren. De herhaalde observatie van een vrouw die strijkt, maakt van een huishoudelijke bezigheid geen anekdotisch detail, maar een onderwerp dat een aandachtige blik verdient. In de tekeningen kunnen houding, gebaar en de lichamelijke routine helder naar voren komen. Ze sluiten aan bij Montigny’s belangstelling voor mensen die werken en voor de kleine handelingen waaruit het dagelijks leven bestaat.

De Eerste Wereldoorlog vormde een breuk in Montigny’s leven en werk. In november 1914 vluchtte ze, na het overlijden van haar vader in Gent, naar Londen, waar ze tot 1919 in het bruisende Chelsea verbleef. Ze bleef er het gewone leven observeren, onder meer in Hyde Park, Battersea Park en Kensington Gardens, waar kinderen speelden, kindermeisjes met kinderwagens wandelden en flaneurs en ruiters zich door de groene omgeving bewogen. Tegelijk bezocht ze ziekenhuizen waar gewonde Belgische soldaten werden verzorgd. In aangrijpende tekeningen en krachtige etsen, waaronder “De Verbandzaal in King Albert’s Hospitals” (1917), maakt het kleurrijke buitenleven plaats voor sterke licht-donkercontrasten en een directe confrontatie met lichamelijke kwetsbaarheid.

Montigny toont niet zozeer het spektakel van de oorlog als wel de gevolgen ervan. Gewonde en vaak ontklede lichamen en de stille aanwezigheid van verzorgers volstaan om de menselijke tol voelbaar te maken. Dezelfde aandacht die ze eerder aan een spelend kind of een tuinier schonk, richt zich nu op letsel en afhankelijkheid. Haar werk is daardoor niet te vatten als een vlucht naar een idyllische wereld, want ze blijft kijken, ook wanneer de werkelijkheid moeilijker te verdragen is.

Montigny kende tijdens haar leven een bloeiende carrière. Ze sloot zich aan bij kunstenaarskringen, stelde geregeld tentoon en exposeerde haar werk ook in Parijs, Venetië en Caïro. In 1922 organiseerde ze een grote overzichtstentoonstelling in de Gentse Cercle Artistique et Littéraire. Toch werd haar naam in de daaropvolgende decennia minder zichtbaar. Dat verschil zegt niet alleen iets over reputatie en kwaliteit, maar ook over museale verzamelingen, tentoonstellingsbeleid, publicaties en de verhalen die de kunstgeschiedenis doorgeeft.

Haar verhouding tot Claus – ze was zijn leerlinge en wordt vaak ook als zijn geliefde omschreven, al blijft de precieze aard van hun relatie onderwerp van speculatie – werd een dominant onderdeel van haar biografie. Zo dreigt de vraag naar haar nabijheid tot een mannelijke kunstenaar de aandacht af te leiden van haar eigen composities, kleurgebruik en onderwerpen. De retrospectieve plaatst Claus, aan de hand van tal van zijn tekeningen en schilderijen, terecht in perspectief: zijn invloed was belangrijk, maar Montigny was geen verlengstuk van zijn praktijk.

Foto: MSK Gent

Ook het “Zelfportret” verdient in dat verband aandacht. Waar Montigny in haar andere werk de mensen om haar heen observeert, richt ze hier de blik op zichzelf. Haar zelfportretten maken haar niet alleen zichtbaar als persoon, maar ook als degene die kijkt, kiest en beelden construeert. Het zelfportret vormt zo een betekenisvolle tegenhanger van haar scènes uit het dagelijkse leven: achter de aandachtige observator staat een kunstenaar met een eigen positie en een eigen beeldtaal.

Dat veel werken voor de tentoonstelling uit privécollecties komen en zelden voor het publiek te zien zijn, maakt het overzicht extra waardevol. Het brengt uiteenlopende onderwerpen samen: tuinen en landschappen, schooltaferelen, interieurs, huishoudelijke arbeid en oorlogsgrafiek. Die verscheidenheid is geen verzameling losse episodes, maar wordt gedragen door een consistente manier van kijken.

De grote verdienste van Jenny Montigny. De Zon en het Leven is dat het oeuvre in zijn samenhang kan worden bekeken. Of Montigny nu een speelplaats, een tuin, een interieur, een moeder met haar kind of een gewonde soldaat afbeeldt, telkens staat de concrete aanwezigheid van mensen en dingen centraal. De onderwerpen verschuiven en de technieken veranderen, maar haar aandacht voor licht, gebaar en menselijke kwetsbaarheid blijft herkenbaar.

Ook de spanning tussen schoonheid en werkelijkheid is essentieel. Montigny bezit een uitgesproken gevoel voor kleur en atmosferische helderheid, maar haar beste werk overstijgt het louter aangename beeld. Achter de eerste indruk verschijnen de arbeid in het landschap, de individuele figuur binnen een groep, de sociale afstand tussen kunstenaar en model en de lichamelijke kwetsbaarheid die de oorlog blootlegt. Haar werk laat zich daardoor complexer lezen dan het vertrouwde beeld van een impressioniste die vooral het zonnige leven langs de Leie vastlegt.

Het MSK Gent geeft in deze monografische tentoonstelling Montigny niet alleen haar plaats terug binnen de Belgische kunstgeschiedenis, maar nodigt uit om haar werk opnieuw te beoordelen zonder steeds via Claus te moeten passeren. Haar betekenis ligt in de beweeglijke composities, trefzekere observaties en haar gevoeligheid voor kleur, waarmee ze het alledaagse een blijvende intensiteit verleent. Het licht in haar werk is meer dan een esthetisch gegeven: het maakt zichtbaar hoe het leven zich op een bepaald moment voordoet, met zijn schoonheid, arbeid en kwetsbaarheid. Haar oeuvre vraagt niet om een plaats in de schaduw, maar om aandacht. Dat hebben de curatoren en samenstellers, prof. dr. Marjan Sterckx en dr. Johan De Smet, goed begrepen. Zij hebben de tentoonstelling zorgvuldig en overtuigend uitgewerkt.

Jenny Montigny. De Zon en het Leven loopt nog tot 10 januari 2027.

De tentoonstelling is te zien in het Museum voor Schone Kunsten Gent (MSK), Fernand Scribedreef 1, 9000 Gent. Open van dinsdag tot en met vrijdag van 09.30 tot 17.30 uur. Weekend, feestdagen en schoolvakanties open van 10 tot 18 uur. Donderdagavond (september t/m juni) is het MSK elke eerste donderdag van de maand open tot 22 uur. Meer info via de website van het MSK Gent.

recent

Wicker

Met Wicker, gebaseerd op het kortverhaal The Wicker Husband...

Sam Fender & Angèle op Rock Werchter

Rock Werchter blijft met namen strooien, zo werden ook...

Clayface

De laatste tijd zijn de beide grote superheldenfranchises –...

verwant

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in