Astronaute :: Petrichor

Sommige muziek komt aanwaaien met de seizoenen. En nu het er toch naar uit ziet dat de koude zich goed genesteld heeft, kan u maar beter binnen blijven. Om naar Petrichor te luisteren bijvoorbeeld, een plaat waarop het aangenaam bij het haardvuur zitten is.

Het gewicht van Astronaute ligt op de schouders van de sympathieke Limburgse Myrthe Luyten, die Astronaute moederziel alleen met akoestische gitaar begon, maar nu benadrukt dat de groep echt wel een band geworden is, waarin de andere leden niet zomaar met hun vingers zitten te draaien. Luyten heeft dan ook al een mooi contactenboekje op zak: zowat de hele Limburgse americana-scene (er moet daar toch een speciale sfeer in de bossen en rond de rivieren hangen) staat in haar mobiele telefoon, en onder andere Bert Vliegen van Horses werkte mee aan de plaat. Daarnaast kan u haar ook kennen als bassiste en tweede stem van Mad About Mountains, het ook al zo herfstige project van Piet De Pessemier. Op de release show van haar plaat die ze onlangs in de Muziekodroom in Hasselt gaf, liep bovendien nog goed volk op het podium rond, waaronder Gianni Marzo en Gerd Van Mulders (Isbells) en Joris Caluwaerts (Stuff. en Zita Swoon).

Maar nu is er dus eindelijk, twee jaar na de veelbelovende EP Myriad, die eerste echt plaat. Die heeft de alweer zeer mooie poëtische titel Petrichor meegekregen, wat zoveel betekent als de geur van de aarde meteen na een felle regenbui. En die titel dekt volledig de lading: het debuut van Astronaute is een mooi mistroostige, natgeregende plaat geworden. Want Petrichor is niet enkel een groepsplaat (je hoort hier inderdaad duidelijk een band, in plaats van de akoestische gitaar van Myriad), het is ook een album waarop de liefde niet goed afloopt. Veel artiesten maken ergens wel eens een break-up album, maar Luyten begint er dus haar carrière mee.

De mooie herfstblues “Hours”, waarin de zin “It’s a house/ not a home” rondspookt, opent de plaat langzaam met een lijzige tokkel, en je wordt meteen de sfeer van Petrichor ingetrokken. Want het album heeft heel nadrukkelijk één sfeer en wordt mooi opgebouwd doorheen de nummers. Zo is er het kwetsbare “Sunday Kid” en “In The Cold”, dat al een tijdje meegaat maar een extra dimensie krijgt met band, die het nummer nog een extra laag tragiek geeft. Ook “Ruins In Blue” is een hoogtepunt: de sfeer is ambigu, maar de radeloosheid zit in elke porie. Langzaam stijgt het nummer op, tot een bijna onheilspellende finale. En dan is er nog die stem.

Over Luytens stem is al genoeg inkt gevloeid en de opmerkingen daarover is ze meer dan beu gelezen en gehoord, dus de adjectieven daarbij mag u zelf bedenken. Laat het ons zo stellen: Luytens stem ligt niet echt in de lijn van feetjes als Joanna Newsom, maar ze past wel perfect bij haar muziek. En daarmee is alles gezegd. Afsluiter “Scales” had niet anders dan op het einde gepast. Het is zowel een afscheid als een nieuw begin, zowel achterom- als vooruitkijken. Tegen Sparklehorse aanschurend, klimt het naar een hoogtepunt, en vormt zo de apotheose van Petrichor.

Myrthe Luyten heeft in de eerste plaats een nachtplaat gemaakt: de rook kruipt tegen het plafond aan, de fles wijn is meer dan halfleeg, en op de hond moet u ook al niet rekenen. En zo dient Petrichor ook beluisterd te worden: peinzend, in alle stilte, in de kalmerende donkerte. Goeienacht toegewenst.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × 1 =