Malcolm Holcombe :: Another Black Hole

Goede wijn behoeft geen krans, luidt het gezegde. Dat klopt uiteraard niet, anders was Malcolm Holcombe al lang een gevestigde waarde geweest als songschrijver. Zoals hij nogmaals bewijst met zijn nieuwste worp.

Net geen veertig jaar was Malcolm Holcombe toen hij in 1994 debuteerde met A Far Cry From Home, die duoplaat uit de jaren ‘80 met Sam Milner gemakshalve even negerend. Ook al blijft hij in de marge van de rootsmuziekscene musiceren, aan een pensioen denkt Holcombe duidelijk nog niet, want het voorbije lustrum schroefde hij zijn werkritme nog wat op en bracht hij elk jaar wel nieuw werk uit. Was het vorig jaar uitgebrachte The RCA Sessions nog een best of waarvoor hij in drie dagen een aantal van zijn oudere songs opnieuw opnam, dan is Another Black Hole – zijn twaalfde langspeler ondertussen – alweer een collectie nieuw werk van de vanuit de Blue Ridge Mountains in North Carolina opererende songsmid.

Niets nieuws onder de zon op Another Black Hole. Zoals op zijn voorgangers krijgen we ook hier weer een exquise collectie liedjes die zich ophouden op het grensgebied tussen folk, country en blues. Tel daarbij zijn stem – korrelig, hees, doorleefd – en het zal u niet verbazen dat er wel eens vergelijkingen met pakweg Tom Waits of William Elliott Whitmore gemaakt worden. Voor de opnames van het album trok Holcombe naar Nashville, het epicentrum van de countrymuziek, samen met zijn brothers in arms Jared Tyler (gitaar, banjo en nog een paar andere snaarinstrumenten), Dave Roe (bas) en Ken Coomer (drums).

De kleine man, die vastzit en langzaam ten onder gaat in het radarwerk van het systeem. Aan diens zijde staat Holcombe. Meesterlijk weet hij met eenvoudige, maar efficiënte, beelden duidelijk te maken hoe de personages in zijn songs achtergelaten zijn door de ratrace van de moderne wereld. Hoe ze tevergeefs proberen de eindjes aan elkaar te knopen, het verleden achter zich proberen te laten of soms – tegen beter weten in – durven te hopen op een betere toekomst. “I scribbled down some grocery list / the kind on the frigidaire / rice’s grocery down on main street / we got credit there”, luidt het in “To Get By”. Hoewel Malcombe meestal individuele verhalen gebruikt om onrecht aan te klagen, gaat hij soms ook expliciet de maatschappijkritische toer op, zoals met een verwijzing naar de mars op Selma (1965) in “Don’t Play Around”. En nee, echt hoopvol klinkt hij niet. Of hoe de hoes met een tekening van een skelet omgeven door een paar ratten inhoudelijk vertaald wordt.

Gedurende tien songs neemt Holcombe je mee doorheen de verschillende facetten van de Amerikaanse rootsmuziek. Is opener “Sweet George” het soort bluegrass zoals ook Steve Earle het placht te spelen, dan roept de blue collar ode “Papermill Man” herinneringen op aan de bluesy rocksongs die The Rolling Stones vroeger brachten. Dat nummer is overigens een van de songs op het album waarin een gastrol weggelegd is voor swamp rocker Tony Joe White. En zo gaat het van de stompende folk van het al eerder vernoemde “To Get By” via het weemoedige, akoestische “Heidelberg Blues” tot de blues van de titelsong. Maar ook in ingetogen songs als “September” of het laid back klinkende “Leavin’ Anna”, stuk voor stuk warme songs, spat het vakmanschap en de kwaliteit ervanaf.

Met Another Black Hole brengt Malcolm Holcombe in wezen niets anders dan wat hij op zijn voorgaande albums deed, namelijk kwalitatief hoogstaande rootsmuziek brengen, wars van alle trends of modegrillen. Het resultaat is dan wel dat hij altijd een artiest zal blijven die in de niche zal blijven steken. En dan mag dit een prachtplaat zijn, veel zal ze daar niet aan veranderen.

Op 20 april treedt Malcolm Holcombe op in Clubhouse KZG/CRV in Grimbergen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 + negen =