The Besnard Lakes :: A Coliseum Complex Museum

Paddenstoelhoofden aller landen, verenig u, want The Besnard Lakes hebben een nieuwe plaat uit! Enige waarschuwing geboden: het is een beetje een bad trip geworden.

The Besnard Lakes for dummies zou kunnen openen met de zin “een paar Canadezen met een knoert van een seventiesfixatie”. Een iets uitgebreidere omschrijving kan daar nog aan toevoegen dat de kernleden van de band Olga Goreas en Jace Lasek heten, dat ze net een vijfde ei met de ingewikkelde titel hierboven (A Coliseum Complex Museum, als u het echt nog een keer wil lezen) gelegd hebben en dat het in hun eigen woorden een tamelijk esoterisch ei geworden is. Maar maak u geen zorgen, met dat esoterische valt het allemaal wel mee. Wat niet wil zeggen dat hun nieuweling over de hele lijn geslaagd kan worden genoemd, integendeel.

De Canadezen kunnen nochtans al een mooi palmares voorleggen, waarbij de groep misschien niet bijster origineel was en hun sound ook nooit radicaal omgooiden, maar ze gaven de hardere progrock van de jaren 70 wel een overtuigende reboot . Hun vorige wapenfeit Until in Excess, Imperceptible UFO, waarop vooral de weidsheid opviel, was een zeer sterke plaat die wij nog steeds met plezier opleggen. Daarmee vergeleken is A Coliseum Complex Museum spijtig genoeg een beetje een stap achteruit geworden. Daarvoor is de plaat muzikaal te dichtgeplamuurd en is er te weinig ruimte voor nuance in de lawine van geluid die op je afkomt.

Zeker in de eerste helft ontspoort de plaat regelmatig in de richting van een klankbrij. Openingsnummer “The Bray Road Beast” biedt niets dat echt de aandacht vasthoudt: het hele nummer verdrinkt in de mix die elke ruimte voor nuance vakkundig de nek omwringt. Niet dat een band als deze het per se van nuance moet hebben, integendeel, maar hier hadden ze toch een beetje meer hun best mogen doen. De zang verdrinkt al helemaal in de zwalpende gitaar en té hamerende drums. “Golden Lion” mept je direct in het gezicht met zijn mokerende ritmes, maar klinkt daarmee toch te veel als een parodie op zichzelf. Pas in het refrein wordt de song door het mantra “You are a golden lion” dan toch ietwat meeslepend.

Dit gaat zo door tot “Necronomicon”, een nummer dat toch ietwat van hoofd en ledematen voorzien is. Het gas- en volumepedaal mogen voor een keer niet op maximum, wat een welkome afwisseling vormt. Daarna volgt met “Nightingale” het hoogtepunt van de plaat. Het nummer wringt zich onheilspellend verder, waarbij vooral de sinistere zangpartij je meetrekt. Afsluiter “Tungsten 4 – The Refugee” boeit dan weer vooral door zijn scheurende gitaar. Maar over het algemeen is deze plaat toch ietwat een teleurstelling na het tot nu toe mooie traject dat The Besnard Lakes hebben afgelegd. De muziek verzandt te vaak in een bombastische geluidsbrij die niet intrigeert of meesleept maar enkel irriteert. Hopelijk herpakt de groep zich volgende keer en kan er dan weer wel verdwaald worden in hun bijzondere wereld.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien + 7 =