Zornik :: Blinded By The Diamonds

Hoe vaak mag je als collectief de bal misslaan voor het definitief tijd wordt om een carrièreswitch te overwegen? Het parcours dat Zornik de afgelopen jaren heeft afgelegd, kan je hoogstens als wisselvallig omschrijven; met Blinded By The Diamonds bereikt de groep rond Koen Buyse een absoluut dieptepunt.

Als dit een comeback moet voorstellen, doe dan maar meteen de boeken toe. God weet waar de band precies het spoor bijster raakte, maar voor zowat elk nummer dat je op dit album te verwerken krijgt, is geen vergeving mogelijk. Blinded By The Diamond grossiert driekwart plaat lang enkel in tenenkrullende songs die je eerder zou omschrijven als het gezakte afstudeerproject van bachelorstudenten in de pop- en rockmuziek. “Shiver When They Shine” klinkt als het strijdlied van gefrustreerde potloodventers die heil hebben gevonden in de vluchtige bevrediging die hijgtelefoontjes met zich meebrengen. Geen idee welk nut dit nummer op het album heeft; waarom de band dan ook nog eens besliste dit vehikel als openingsnummer te selecteren, kan haast niet met rationele argumenten worden verdedigd. Zonder meer hét nummer om aan te tonen dat gierende gitaren en een minimalistische opbouw zelden complementair zijn.

“Spoke” is niets anders dan een halfslachtige poging om de comateuze toestand waar Blinded By The Diamonds je na een tweede luisterbeurt onbedoeld achterlaat te doorbreken met wat actiever gitaarspel. De invloed van Green Days “Oh Love” wordt iets te nadrukkelijk weergegeven in de openings- en slotseconden van het nummer; onder het motto “beter goed gestolen dan slecht verzonnen” wil je dat nog door de vingers zien, maar de tekstuele onzin die Buyse doorheen de muziek uitkraamt, doet je zwarte vlekken voor de ogen zien. ‘I spoke/You heard/Those words/We feared/We had a good time’; op je zevende plaat moet je toch betere lyrics kunnen schrijven.

Hoe verder je vordert in het album, hoe meer je verstrikt raakt in een ondoorgrondelijk kluwen van misplaatst amateurisme. “Pins And Needles” is zo misschien wel de meest misplaatste track op Blinded By The Diamonds. Het nummer geeft je de indruk dat de band maar niet kon beslissen of het nu ging om een ingetogen kijk in eigen boezem of een aanzwellende song waarbij de invallende gitaren je brutaal wakker zouden schudden. Best leuk als je dat trucje een enkele keer aanhaalt om dan een verschroeiend tempo aan te houden, maar Buyse en co. laten het nummer opnieuw en opnieuw als een pudding inzakken. Ook “Too Soon” wordt naar de knoppen geholpen door de vele omwegen die het nummer volgt. De verschillende pogingen om een stevige klepper op het album te plaatsen, worden keer op keer de nek om gewrongen door misplaatste akoestische elementen of door energieke explosies die zelfs Rilatinefabrikanten vreemd doen opkijken.

Rekening houdend met de output van de band in het verleden, kan dit nooit het bedoelde eindresultaat te zijn geweest. “My Friend My Stranger” en “Home” –de enige nummers op het album die aangeven dat Buyse nog niet helemaal heeft afgedaan- zijn een verademing; niemand die onder stoelen of banken kan steken dat Zorniks grootste successen allemaal openlijk koketteerden met de flinterdunne lijn tussen een volwassen visie op teenage angst en de puberale nadruk op de tijdloosheid van een dergelijke emotionele instabiliteit; hoe anders verklaar je de aantrekkelijkheid van singles als “Scared Of Yourself” en “Love Affair”? Die subtiele –maar afgebakende- grens wordt op Blinded By The Diamond zonder enige vorm van zelfkritiek met de voeten getreden. Dit is geen comebackplaat voor de gemiddelde Zornikfan, maar eerder een weldoordachte poging om aansluiting te vinden bij adolescenten die hitsig worden van muzikale kruisingen tussen Paramore en Taylor Swift. Kan wat inzitten, maar dan maak je best een beter album dat dit.

Zornik staat op 6/3/2015 in de AB (Brussel)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × 2 =