Iron & Wine :: The Archive Series, Vol. 1

Toegegeven, we zaten er niet op te wachten, een nieuwe Iron & Wine. Na Ghost on Ghost hadden we genoeg van de overproductie en de semi-experimentele nummers zonder pointe. Gelukkig komt de nieuwste worp van Sam “Jezusbaard” Beam rechtstreeks uit zijn archief en dat levert een plaat op die tussen sterke nummers en aangename nostalgie naar de beginjaren van Iron & Wine blijft hangen.

Voor de jonge hipsters onder u: The Creek Drank The Cradle moet wel een van de belangrijkste platen van de “noughties” geweest zijn. Het album dat Sam Beam bij hem thuis had opgenomen met niet meer dan zijn fluisterstem, een banjo en een akoestische gitaar, was voor bijzonder veel groepen en artiesten een inspiratiebron en werd ook tekenend voor de neo-folkbeweging die in de loop van dat decennium is ontstaan: Great Lake Swimmers, Bon Iver, Fleet Foxes, The Low Anthem, het waren allen mannen met een lidkaart van de baardenclub die over hun Gevoelens en van die dingen zongen. Het is in die zin een beetje anachronistisch dat Sam Beam deze archiefopnames heeft uitgebracht op een moment dat de de neo-folkbeweging wat doodgebloed is (Fleet Foxes, waar zijn jullie toch in godsnaam gebleven???).

Anachronistisch betekent daarom niet dat de opnames niet mooi of relevant zijn: liedjes als “Slow Black River” met zijn simpele poëtische, romantische beelden blijven zeker hangen. Ook “Everyone’s summer of ‘95” of “Two Hungry Blackbirds” zijn in al hun eenvoud ontroerend. De achtergrond is een Faulkneriaans Amerikaans landschap waarin dood of afscheid om elke hoek loert en waarin vrienden, familie of liefde des te waardevoller zijn.

Tegelijk is dat nu precies waar het schoentje wringt: in hoeverre appreciëren we deze nummers omdat ze goed zijn of omdat ze ons exact doen denken aan die eerste maand in onze vroege 20er jaren toen we The Creek Drank The Cradle pas ontdekt hadden? Tegenwoordig heeft Iron & Wine niet alleen de muzikale maar ook de tekstuele intimiteit ingewisseld voor muzikale uitbundigheid en vaak impressionistische, zwaar metaforische teksten die, in contrast met deze kleine miniatuurtjes, bijzonder afstandelijk aanvoelen. De vraag is dus niet of dit album appreciëren, maar wel of we het om de goede redenen appreciëren.

Dit is bovendien niet de eerste collectie van Iron & Wine demo’s: zowel de EP The Sea And The Rhythm als de eerste helft van de collectie outtakes en rariteiten Around The Well bevatte gelijkaardige, lo-fi opnames van Beam uit dezelfde periode, eind jaren 90. Het archief was duidelijk nog niet leeggevist, maar 16 nummers is wel van het goede teveel. In tegenstelling tot The Creek Drank The Cradle of The Sea And The Rhythm treedt halverwege luistermoeheid op: we kunnen maar zoveel gefluister en akoestische gitaren van elkaar onderscheiden, het vaak vernuftige, aan blues of country schatplichtige gitaarspel van Sam Beam ten spijt.

We zijn er dus niet uit. Nummers als “Your Sly Smile” vinden we wel mooi, maar doen ons tegelijk denken aan het prachtige “Bird Stealing Bread”, dat ons nog altijd veel dieper raakt. In de context van The Creek Drank The Cradle werkte dat nummer beter dan deze schijnbaar 16 achteloos gekozen nummers die weinig onderlinge samenhang vertonen. Bovendien lijken veel van deze nummers vaak te sterk op elkaar of op oud Iron & Wine werk om echt op te vallen. Laat ons op zijn minst hopen dat Sam Beam deze less is more aanpak in ’t achterhoofd houdt op de volgende Iron & Wine plaat, dan zullen we pas écht tevreden zijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier − 2 =