Under the Skin

Tien jaar hebben we moeten wachten op de nieuwe van Jonathan Glazer, de Britse regisseur die in 2000 debuteerde met de eigenzinnige gangsterfilm Sexy Beast en sterk bevestigde met Birth, een bevreemdende reïncarnatie-thriller met Nicole Kidman. Birth was geen commercieel succes – te ongemakkelijk, te klinisch, te afstandelijk – en bovendien was Glazer bepaald niet van plan om voor zijn volgende een stap terug te doen in de richting van de mainstream. In tegendeel: hij ging aan de slag met Michael Fabers gelijknamige science-fictionroman om Under the Skin te maken, een film die zodanig afhankelijk is van sfeer, muziek en symboliek dat hij bijna niet meer te classificeren is als narratieve cinema. Bijna. Het lijkt wel alsof Glazer tegen het publiek zegt: “Oké, jullie vonden Birth al te moeilijk om naar de bioscoop af te zakken? Get a load of this!”

Scarlett Johansson speelt een naamloze alien die – veronderstellen we – naar aarde werd gestuurd om als een soort zwart weduwe jonge mannen te verleiden en de dood in te jagen. Ze rijdt door Schotland in een bestelwagen, pikt kerels op straat op en leidt hen mee naar een huis. Daar vindt een bizar paringsritueel plaats, dat visueel aansluiting zoekt bij abstract theater, of zelfs moderne dans: in een volledig zwart decor beginnen de twee zichzelf uit te kleden. Johansson loopt achteruit, de man loopt op haar af. En plotseling begint de kerel weg te zinken in de zwarte massa, tot hij verdrinkt – de mannen verzetten zich niet, proberen niet om uit het zwarte slijm weg te raken. Ze stappen gewoon door tot ze ondergedompeld zijn. Wat er daarna met hen gebeurt, is niet helemaal duidelijk – het boek maakt het concept veel concreter, maar Glazer heeft er voor gekozen om de plot zo summier mogelijk te maken, dus het zou unfair zijn om de roman te gebruiken als “verklaring” voor de film. Johansson gaat op zoek naar haar volgende slachtoffer, maar door haar contact met mensen, komt er gaandeweg toch iets van humaniteit in haar personage geslopen. Wanneer ze een misvormde jongen oppikt, lijkt ze echt medelijden met hem te hebben – niet dat dit haar tegenhoudt.

Het is opvallend hoe er twee volledig tegengestelde stilistieken aan het werk zijn in Under the Skin: Johanssons tochtjes door Glasgow en omstreken werden met verborgen camera’s gefilmd: de actrice sprak écht willekeurige mannen aan en pas achteraf werd hen verteld dat het voor een film was. Dat zorgt voor een hyperrealisme dat de Dardennes waardig zou zijn. Maar anderzijds zijn er de extreem gestileerde verleidingsscènes en de bijna compleet abstracte openingssequens, waarin we de – bij gebrek aan een beter woord – “wording” van Johanssons personage in menselijke vorm zien. Glazer laat extreme formaliteit clashen met volstrekt naturalisme en het gevolg is dat er een soort van vervreemding plaatsvindt tijdens de realistische scènes. De gewone mensen die over straat lopen, het dagelijkse, banale leven, worden hier opeens iets dat van buitenaf bekeken wordt, door de ogen van een alien die het niet lijkt te snappen.

De vreemdheid van het gewone is maar één van de vele thema’s die Under the Skin aanraakt – seksualiteit is, om voor de hand liggende redenen, een andere (jawel, heren, ScarJo gaat the full monty!). De alien draagt haar vrouwenlichaam als een pak, is er zich van bewust dat dit helpt om mannen aan te trekken en gebruikt het dan ook als wapen. Maar verder snapt ze niet hoe seksualiteit werkt, een punt dat op een pijnlijke manier duidelijk wordt gemaakt naar het einde van de film toe. Under the Skin is ook niet erg flatterend voor de mannen van de schepping: Johansson wordt nagefloten, aangestaard en elke man waar ze mee spreekt, wil duidelijk maar één ding (met de uitzondering van de misvormde jongen, die geleerd heeft om geen seks te willen). Hoezeer de alien haar seksualiteit ook gebruikt als wapen, het is ook iets dat haar continu bedreigt. De finale van de film is veelzeggend wat dat betreft. Seks is een eindeloos steekspel, van wisselende machtsrelaties.

Dat is allemaal thematiek, en elke kijker zal wellicht zijn eigen nadrukken leggen en er andere dingen in zien. Qua plot is Under the Skin zo weinig specifiek, zo multi-interpretabel, dat hij min of meer kan betekenen wat je wil. In dat opzicht is de invloed van Glazers grote voorbeeld Stanley Kubrick (met 2001) duidelijk voelbaar. Maar net zo goed zit er veel Nicolas Roeg in de film (The Man who Fell to Earth was een grote bron van invloed) en zelfs wat Antonioni (het gebruik van herhaling en de beelden van mensen die schijnbaar doelloos door de stad zwerven). Maar Glazers film is meer dan de optelsom van zijn invloeden – het is ook een voelbaar persoonlijk werk, een hypnotiserende filmtrip die je eerder moet ondergaan dan proberen te doorgronden. Dat doorgronden volgt later wel. Misschien. Of misschien ook niet, en in feite maakt dat ook weinig uit.

Laat het dus duidelijk zijn: Under the Skin is een film voor de avontuurlijke filmganger, die kan leven zonder de vertrouwde narratieve ritmes van het doorsnee drama. Voor mensen (we durven ze gerust cinefielen te noemen, want zo zijn we wel) die zich durven overgeven aan de beeldenstroom die Glazer op hen afvuurt en hun vragen over wie, wat, waarom even uit durven stellen tot later. In ruil krijg je een moedige Scarlett Johansson, die bewijst dat een filmster helemaal niet graatmager hoeft te zijn om ontzagwekkend sexy te wezen en die een rol zonder traditionele psychologische motivaties toch invult zonder te vervallen in blanco nietszeggendheid. Je krijgt een weemoedige sfeer, prachtige beelden en uitdagende thema’s. Je krijgt, kortom, cinema in de ware betekenis van het woord. Dit wordt er eentje voor de eindejaarslijstjes.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in