Club 8 :: Above the city

Zoals Ikea staat voor betaalbare, kwaliteitsvolle meubels met vreemde namen, zo staat het al even Zweedse label Labrador voor verfijnde pop uit Scandinavië.

Geen wonder (wönder?) dan dat Above The City, de achtste plaat van Club 8, zo smakelijk klinkt als niet nader genoemde populaire gerechten uit de Ikeacafetaria. Opener “Kill Kill Kill” begint aanvankelijk nog met een traag, duister orgel en melancholisch gitaargepingel, maar dan moet de aurora borealis nog verschijnen en moet de eerste slok Zweedse cider onze ingewanden van een warme gloed voorzien.

Voor die roes zorgt het duo Johan Angergård en Karolina Komstedt met “Stop Taking My Time”. Met dansbare synths en gesampled kindstemmetje sluit deze zong met een schijnbare vrolijkheid aan bij de indiepop van Belle & Sebastian en Obscura.

Zo ook in “You Could Be Anybody”, waarin zangeres Karolina Komstedt zingt alsof ze het enige meisje is dat niet mee mocht doen met het hoekenwerk over instrumenten. Overigens geniet dit nummer hoorbaar van een boeiende opbouw: ingrediënt per ingrediënt geven xylofoon, percussie en elektronica gradueel vorm aan een harmonisch samenspel.

Toch blijkt de rol van de zang op deze plaat niet zo voor de hand te liggen. “Hot Sun” levert een verschroeiende strijd tussen een verhalende, bijna lethargische stem en een melodie, die van de stoel die je net wou nemen om rustig te gaan zitten, brand- dan wel drijfhout maakt. Dat drijfhout komt ook aangespoeld op “Into Air” waarin de zang, als een drenkeling aan een boei, zo krampachtig de zware beats vastklampt dat niet duidelijk is wat het meeste aandacht opeist om gered te worden.

Above The Citystuitert als een, euh, stuiterbal van volwassen problematiek — willen wat je niet krijgen kunt en vice versa — naar kinderlijk enthousiasme en terug. “Run” heeft naast een kindergejoelsample (ja, hoe noem je zoiets, geef het kind een naam) ook een erg uplifting refrein met een typische-stilte-van-een-seconde-om-daarna-terug-met-het-refrein-in-te-vallen. “A Small Piece of Heaven” veert dan weer op op ABBA-kreuntjes en I’m From Barcelona-aanstekelijkheid.

Deze toverbal wordt doorgegeven in “I’m Not Gonna Grow Old”, dat een lichte maar dwingende aanzet bevat tot Pippi Langkous-rebellie. Geloofwaardig om mee te doen, ongeacht de leeftijd? Niet echt, maar net als wanneer het aanstekelijke Neil Diamonds “Sweet Caroline” door de boksen schalt, ontberen enige gevoelens voor een zestienjarige en brallen wij toch mee als lustige kapoentjes.

Deze plaat bevat ook korte stukjes — “Interlude”, “Interlude #2”, “Instrumental” en talrijke samples — die dit snoephuisje van zoete pop als botercement bijeenhouden. Jammer dat er weinig variatie in dat bouwwerkje zit. Het basgestuurde “Less Than Love” kampt weer met dat vocale imago van grijze muis en internaatseut. Ook “Straight As An Arrow” klinkt met Queens “We Will Rock You”-ritme en samengezongen kreetjes weinig geïnspireerd — een enkeling noemde dit een geval van “we hebben geen woorden meer, dus zingen we maar ‘waha’”.

Nee, dan houden we het liever op slechts een handvol van deze lekkernij. Above The City kan een fijne, eerste kennismaking met de Zweedse pop van Club 8 zijn. Variatie van spijs doet eten, maar laat die paar smaakloze bonbons dan gewoon links liggen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × drie =