Cults :: Static

In de stortbui aan nieuwe bands die, crisis of geen crisis, permanent blijft stromen, was het debuut van Cults twee jaar geleden niet minder dan een verademing. De titelloze plaat bracht de feel van The Supremes naar het heden en zorgde voor een fascinerende extra door geluidsfragmenten van Jim Jones door de muziek te mixen.

Vandaag ligt opvolger Static in de winkel en lijkt de aanvankelijke betovering verbroken. Weg is de instant-magie die nummers als “Go Outside” of “Never Saw the Point” wisten — en weten, want ook vandaag staat Cults nog even fier overeind — op te wekken. Madeline Follin en Brian Oblivion, het duo dat de kern van Cults vormt, hollen nonchalant onder de door henzelf met het debuutalbum geplaatste lat door.

Niet dat hier een stinker van formaat verschenen is. Was Static het debuut geweest: het had als veelbelovend omschreven kunnen worden, waarop Cults de binnenkopper zou geweest zijn. Beluister beide platen echter in de werkelijke volgorde van verschijnen en er volgt een koude douche.

“I Can Hardly Make You Mine”, “High Road”, “Were Before”: je zou er probleemloos de godganse dag naar kunnen luisteren, weken aan een stuk desnoods. En wanneer iemand uiteindelijk ontdekt heeft hoe de repeatfunctie afgezet moet worden, blijkt dat er niks is blijven hangen. Geen spatje ergernis, dat wel, maar ook geen gram opwinding veroorzaken de nummers.

Tot zover de eerste helft van Static. Want dan is er plots “So Far”, een onschuldige en net als zijn voorgangers alles behalve meeslepend van start gaande en daardoor onopgemerkt blijvende song. Schets de verbazing en het stilvallen der werkzaamheden wanneer “So Far” plots helemaal openrolt en zich een prachtig flikkerende diamant openbaart. Waar is die repeatknop wanneer je hem echt nodig hebt?

Bovendien heeft het nog een ander voordeel: ondanks dat het zich in het midden van Static bevindt, fungeert “So Far” als trekker, een nummer dat gladde verkoopsjongens in de platenbusiness liefst van al vooraan een album plaatsen, om een zekere schijn van kwaliteit hoog te houden mocht dat nodig zijn en — uiteraard ook mooi meegenomen — de luisteraar daardoor de plaat in te trekken.

Of het een psychologisch effect is of niet, daar is nog geen uitsluitsel over, maar de plaathelft na “So Far” lijkt pakken minder vrijblijvend dan die ervoor. “We’ve Got It” knipoogt naar de sixties-vibe waarmee Cults twee jaar geleden aan de anonimiteit wist te ontsnappen. “Shine a Light” heeft een melancholische melodielijn die weet te charmeren en het mini-nummer “TV Dream” is wat er zou gebeuren als Laura Palmer van Twin Peaks over de muziek van The X-Files zou zingen. Het afsluitende “No Hope” heeft epische trekjes en zou, mocht wat ervoor kwam allemaal de moeite geweest zijn, voor een zinderende climax kunnen zorgen.

Daarmee zorgt Static voornamelijk voor een staat van verwarring. Zo onopgemerkt als de plaat de eerste helft langskomt, zoveel beter lijkt het er nadien aan toe te gaan. De magie waarmee het duo ons aanvankelijk voor zich wist te winnen, is nog niet volledig verdwenen. Een geruststelling, maar ook niet meer dan dat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × 3 =