Jacco Gardner :: Cabinet Of Curiosities

Er was een tijd dat muziek een reactie was op wat vroeger gemaakt werd. Een afzetten zelfs. Anders! Beter! Nu! Als er vandaag ergens reactie tegen is, dan tegen dat idee. Schaamteloos doet Jacco Gardner, amper 24, alsof de sixties net losgebarsten zijn.

”I’m a chameleon / I’m changing everyday / I’m sitting in my dream / not sure that I will stay”, zingt Jacco Gardner op het einde van “Chameleon”, op zijn debuutplaat Cabinet Of Curiosities. Daarmee geeft de jonge, Nederlandse singer-songwriter een openhartige inkijk in zichzelf en zijn muziek. Gardner is immers helemaal geen hedendaagse jongen, afgaand op de muziek die hij op zijn eerste langspeler brengt. Cabinet Of Curiosities had even goed het bouwjaar 1967 kunnen dragen in plaats van 2013.

Daarmee plaatst Gardner de luisteraar voor een vervelende vraag. Wat aan te vangen met deze muziek? Benjamin Shemie, frontman van Suuns, liet het zich onlangs nog ontvallen: het is bijna beangstigend hoe hedendaagse muziek op het verleden gefocust is. Als geen ander is Gardner een illustratie van Shemies bezorgdheid.

Dat Gardner bijna volmondig ondergebracht wordt in een zogenaamd nieuwe golf van psychedelische muziek, is echter een beetje overdreven. Popmuziek, in zijn breedste bron, is ook na de sixties permanent hand in hand blijven wandelen met de drugcultuur. Luister naar Kyuss, de vroege Queens of the Stone Age, MGMT, Boards of Canada en ga zo gerust enkele uren door: in nagenoeg alle muziek is een psychedelisch element te vinden.

Jacco Gardner waagt zich echter, naar eigen zeggen, niet aan weed. Wat hij wel doet, is warme popmuziek maken zoals die bijna een halve eeuw geleden ook al eens gemaakt werd. Maar als we dat feit even negeren blijft er een puike plaat over met verdacht aanstekelijke songs, nostalgisch als The Sheepdogs, bezwerend als de jonge Al Stewart.

De gloed die van ‘s mans Cabinet afstraalt, is dan ook eentje waar je je graag aan verwarmt. De zachte droefheid van “The One Eyed King”, de catchy single “Clear The Air”, of de speelse titelsong: telkens slaagt Gardner er in iets magisch in de songs te verwerken waardoor het niet lijkt te deren dat opvallend leentjebuur gespeeld wordt bij helden uit een andere tijd.

Is popmuziek op sterven na dood? Mogelijk. Er was een tijd dat je maar ternauwernood lijfstraffen kon ontlopen wanneer je schaamteloos het verleden plunderde. Vandaag lijkt vernieuwen geen noodzaak meer. Of dat erg is, is voer voor discussies die vermoedelijk dermate vervelend gaan zijn dat het ons eigenlijk worst zal wezen, gezien de beperkte duur van het leven. Dat laatste kan dan wel een argument zijn om niet naar Jacco Gardner te luisteren, maar er is één punt waar geen argument tegen in te brengen is: een goeie song, is een goeie song. En daar zijn er flink wat van te vinden op Cabinet Of Curiosities.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × 1 =