Buster Shuffle :: Do Nothing

Wie aan ska denkt, denkt meteen aan de vrolijke muziek van Madness die tot nu toe geen volwaardig hedendaags equivalent heeft gevonden. Buster Shuffle doet met zijn tweede plaat Do Nothing een gooi naar die troon en doet dat zeker niet belabberd.

Dat de heren en dames van Buster Shuffle uit Engeland komen, wordt meteen duidelijk wanneer het sappige accent van zanger Jethro Baker de ether in spat. Denk aan de rauwheid van Arctic Monkeys’ Alex Turner alsof de man rustig een pakje sigaretten zonder filter per dag rookt. Het maakt elke zanglijn extra charmant en haalt het kleffe karakter van de popsongs naar beneden. Enkel als er met enige regelmaat twee backing vocalistes meekwelen, raakt een nummer als “So Such of Much” verstrikt in een niet te verdragen plakkerigheid. Het lijkt te veel op een traditionele Engelse inzending voor het songfestival die mijlenver naast de eerste plaats grijpt.

Los daarvan rijgt Do Nothing de ene fijn bedachte melodie aan de andere. Hapklaar, aanstekelijk en zomers rollen “Brothers and Sisters”, “Elvis vs. Wag” en “Made in China” uit de vingers van muzikale talenten zoals uitzinnige orgelist Mickey Gallagher die zijn strepen al verdiende bij The Blockheads en The Clash, leadgitarist Roddy Radiation van The Specials en de legendarische bassist Wag van The Infidels. “Brothers and Sisters” vormt met voorsprong de kroon op het werk. Baker haspelt zijn tekst steeds sneller af totdat hij op een amusante manier aan het rappen slaat zonder onverstaanbaar te worden. Opgeleukt met hammondorgel en een aan een hoog tempo pingelende piano is vanaf dit nummer een Britpopfeestje verzekerd.

Wat niet per se wil zeggen dat de Britten de bal nooit misslaan op hun tweede telg. Na een tiental luisterbeurten drijven er enkele ontsierende vullertjes naar boven. Iets wat op een cd met twaalf composities die vaak de kaap van drie minuten niet halen, makkelijk te vermijden valt. “Doesn’t Matter” doet er letterlijk weinig toe met een tekst die uit een drietal zinnen en evenveel akkoorden bestaat en “15 Again” mag door de band dan zelf omschreven worden als een ode aan The Kinks, in werkelijkheid klinkt het nummer nogal kinderlijk met een puberaal suggestieve tekst als: “You got beautiful eyes/ It’s no surprise that when I look/ Look into this big brown eyes/ I feel a surprise/ Right between my thighs.” Gegiechel in de schoolbanken verzekerd. Dat deze twijfelachtige escapades een minderheid van het verder vooral erg leuke aanbod vertegenwoordigen, is een opluchting.

Buster Shuffle klinkt even Brits als fish and chips, bijna even geestig maar net iets minder gestoord dan Madness in zijn hoogdagen in de jaren tachtig en even opwekkend als een flink zonnige dag die een universele glimlach op de mens zijn smoelwerk beitelt. Met af en toe een klein pluizig wolkje dat de stralend blauwe lucht in zijn onbevlektheid verstoort. Ergens blijft het gebrek aan originaliteit en diversiteit tussen de nummers knagen, maar het siert deze formatie dat ze op geen enkel moment hun overduidelijke invloeden ontkennen. Iets waar veel nieuwkomers zich wel gretig aan bezondigen tijdens het pochen over een eigen geluid. Eerlijke gasten dus, die eerlijke pop/ska maken voor een groot publiek.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

8 − 5 =