Fluxion :: Traces

Zijn Heimat, die ooit aan de wieg van de Westerse beschaving stond, gaat dan wel langzamerhand door hoogmoed, onbezonnenheid, graaizucht en de wurggreep van een onmenselijk systeem naar de filistijnen, maar de Griek Konstantinos Soublis, opererend onder de naam Fluxion, levert toch maar een uitermate fijn dub techno album af.

Fluxion wordt zo’n beetje een technoveteraan: de man begon in de jaren 90 met releases bij het label Chain Reaction, opgericht door de legendarische technoproducers Moritz von Oswald en Mark Ernestus. Albumgewijs bleef het daarna lange tijd stil rond de Helleen tot hij een drietal jaar geleden met respectievelijk Resopal Schallware (voor de plaat Constant Limber) en het Deense label Echochord (Perfused en deze Traces) in zee ging. Zelf stampte hij ook het label Vibrant Music, met thuishaven in Athene, uit de grond.

En kijk, na het wisselvallige Perfused van bijna twee jaar geleden is dit een Fluxion die met een feilloos oog voor detail zijn focus en een zeker evenwicht hervonden lijkt te hebben en een overheerlijk klankenpalet serveert. De effectjes op Traces zitten onberispelijk op hun plaats en het album ademt vaak dreiging uit, zij het op een dartele manier, zoals een jong katje met kolder in de kop.

Track nummer twee is al meteen is een zeldzaamheidje in het Fluxion-universum: een nieuwe vocale versie van de klassieker “No Man Is An Island” van reggaelegende Dennis Brown. “No man is an island /No man stands alone /Treat each man as your brother /And remember each man’s dream as your own”, zingt Brown op een dodderige beat vanuit het graf (hij overleed in 1999 aan de gevolgen van een klaplong, maar ook de joekel van een cocaïneverslaving zal hem geen goed gedaan hebben). De ganjadampen zie je zo door de Fluxionstudio kringelen.

Auditieve juweeltjes als “Motion 1” en “Burst Mode” zijn behoedzame nummers die twijfelen tussen de evocatie van het isolement in een futuristische en donkere Blade Runnerachtige stadsomgeving of het gevoel van kleinheid bij de branding van een oceaan. Het loungy “Stations” doet als een indolente Efdeminsong aan en zal het vooral goed doen tijdens uw wekelijkse — en probeert u dat woord eens snel tien keer na elkaar uit te spreken — tantrasekssessie.

Schoon en swingend is “Desert Nights”, maar de eerste dreun op het album is “Eruption”, voorzien van een verrukkelijke flow, en zowel de tribale optater “Motion 3” als het potige “Memba” bieden voldoende verrassingen. Enkel het zonderlinge “Migration” vergeet Fluxion domweg spannend te maken.

Beatbricoleur Fluxion maakt intrigerende koptelefoonmuziek, sensueel, mysterieus en contemplatief, vaak benauwend maar ook weldadig, of u nu wil bekomen van het fileleed op de Brusselse Ring of verpozen na een portie deathgrindgeweld van Coldworker. Traces is een mystieke ontdekkingsreis, dobberend in een zee van verlatenheid en sereniteit. “Waar heeft de recensent het in godsnaam over?”, zult u zich wellicht afvragen. Wel, het klopt en de onlangs aangekochte White Widow was daarenboven van opperbeste kwaliteit.

De aandachtsboog zal wellicht niet altijd gespannen staan (de repetitieve nummers duikelen zelden onder de zesminutenkaap), maar na de sublieme dub techno op Hash-Bar Loops (2011) van Detroit-artiest Deepchord is de nieuwe van Fluxion een uitmuntende plaat. De Grieken hebben helaas weinig reden tot feestvieren, maar laat de ouzo toch maar aanrukken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 3 =