Real Estate :: Days

Domino, 2011

Er zijn zo van die platen – ’20 Jazz Funk Greats’ van Throbbing
Gristle en ‘…And Don’t the Kids Just Love It’ van Television
Personalities komen ons voor de geest – die je kan vergelijken met
de inbrekersfilm ‘Ocean’s Eleven’: ook tijdens de voorbereiding
zorgen ze voor aangenaam tijdverdrijf, maar pas nadat je
binnen bent geraakt kan de pret echt beginnen. Sommige
platen hebben funderingen nodig, een gewenningsproces dat aan het
ontdekken van genie voorafgaat. Andere platen zorgen dan weer voor
een averechts effect: die klinken aanvankelijk zo simpel en frivool
dat je er bijna automatisch – de serieuze kunstliefhebber houdt nu
eenmaal van donkerte en leed – schouderophalend op zal reageren.
“Tof popplaatje, maar meer ook niet”, of ook wel: “‘Trout Mask
Replica’ was toch beter”. Sommige van die ogenschijnlijk simpele,
melodieuze, hardnekkig níét over aan heroïne verslaafde kinderen
verhalende pop weet echter als een volleerd dievegge tóch uw
slaapkamer binnen te sluipen om er niet meer weg te trekken tot u
volledig bent kaalgeplukt.

Enter ‘Days’ van Real Estate, een welgemanierd kwartet uit de
veilige middenklassebuitenwijken van New Jersey, dat met hun tweede
plaat resoluut uit het moeras van de lo-fi stapt en hun twinkelende
gitaarsongs voorziet van piekfijn productiewerk. Na hun
zelfgetitelde debuut mag dat enigszins verrassend heten, aangezien
dat album voornamelijk grossierde in gezellig melancholische
jams die tegelijk over alles en niets gingen. ‘s Herens
achteloze nonchalance – een pleonasme, jawel – zorgde voor een
gebrek aan focus dat wij onweerstaanbaar ontwapenend vonden, maar
voor velen net un peu de trop was. ‘Days’ gooit het dus
over een andere boeg: het is een popalbum pur sang
melodieus, herkenbaar, bedrieglijk simpel – waarin elke noot
haarfijn werd uitgekiend. Voor u nu halsoverkop naar uw pa loopt om
uit te roepen dat u de nieuwe Dire Straits gevonden hebt: ‘Days’
mag dan wel een productie hebben die voor een lo-fi indieband ei zo
na ongezien is, het blijft een indieband. Als u platgeföhnde
ouwezakkenrock zoekt, mag u de laatste van Kings of Leon nog
eens checken.

De muziek van Real Estate wordt geschraagd door de gitaar van
Matt Mondanile (zijn laatste als Ducktails is weer voortreffelijk),
een fantastische, fel onderschatte gitarist. Opnieuw: ‘t is
misschien geen mens met het technische vermogen van Joe Satriani,
maar net als Mark
McGuire
heeft hij wel een volstrekt uniek, uitermate
herkenbaar, euh, spel. De heren kennen ook hun klassiekers: bij
‘Wonder Years’ waren wij er een fractie van een seconde van
overtuigd dat we naar ‘Time of the Season’ van The Zombies aan het
luisteren waren – ‘t zou ons zelfs niet verbazen mocht het een
sample zijn – en ook de rest van het album baadt in dezelfde
gezapige high die ook de albums van voorgenoemde
sixtiesiconen kenmerkte. ‘t Is muziek die vooral tot zijn recht
komt in kamers waarin twintig mensen van hun joint staan te lurken.
Net iets larger than life, maar tegelijk heerlijk naïef en
met een kriebelend gevoel van verwondering.

‘Days’ is als pure popmuziek zo fijn, zo gelaagd en zo feilloos
in elkaar gestoken dat de plaat ons bij momenten herinnerde aan
Contra‘ van
Vampire Weekend en ‘Wolfgang Amadeus
Phoenix
‘ van Phoenix, moderne klassiekers met een gelijkaardig
gevoel voor detail en melodie. Elke noot zit waar-ie moet zitten en
elke regel tekst past perfect bij net dié specifieke plek in het
nummer. Met ‘Green Aisles’ gaan de heren voor een lang
uitgesponnen, repetitief effect, wat het nummer een soort
folksy krautdynamiek geeft, ‘It’s Real’ is dan weer een
single pur sang die ons met het héérlijke refrein “oh
oh-oh oh-oh oh-oh oh-oh oh oh” meteen terugvoert naar de hoogdagen
van de Phil Spector-pop. In de wonderlijke instrumental ‘Kinder
Blumen’ komen ratelaars en vingerknipgeluiden haast ongemerkt de
volle sound aandikken, terwijl de gitaren rijkelijk openbloeien
naar een hartverwarmende climax. Dit is het geluid van bloesems die
uitkomen, zoiets. En wanneer zanger Martin Courtney in
‘Municipality’ begint te zingen over “houses and gardens” vinden
wij daar een zachte poëzie in terug. ‘Days’ is een wervelend
totaalwerk dat schoonheid zoekt én vindt in het alledaagse, maar er
zo’n draai aan geeft dat iets banaals als een nachtelijke autotrip
haast surrealistische allures krijgt; hypnotiserend mooi en
achteloos fantastisch.

Wij kennen mensen die Real Estate een beetje saai vinden en ‘t
is te begrijpen waarom. Hun muziek is understated, opgebouwd rond
zichzelf herhalende gitaarmantra’s en sudderend eerder dan
explosief – climaxen moet je hier niet gaan zoeken. Wel is dit
nauwkeurig opgebouwde zomerpop die onnoemelijk rijk klinkt als je
ze de tijd geeft om open te bloeien, maar aanvankelijk wel eens als
alledaags simplistisch zou kunnen overkomen. Laat u dus vooral niet
vangen, zet u in een goeie stoel, pak die nieuwe headphones bij de
hand die u voor kerst gekregen hebt en ontdek deze plaat.
Onderga ze, belééf ze, ontleed ze, maar negeer ze alstublieft niet,
zoals zovelen voor u reeds gedaan hebben. ‘Days’ is een van de
Grote Onderschatte Platen van het jaar, misschien wel van de
laatste paar jaar. Aan u om daar mee iets aan te doen.

http://www.myspace.com/realestate

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

20 + tien =