Battles :: Gloss Drop

Op het eerste volwaardige album van Battles stal semifrontman Tyondai Braxton de show. Zijn verstoorde vocale bijdragen verleenden aan Mirrored het popgevoel dat op beide voorgaande ep’s nog ontbrak. Met het vertrek van Braxton rees dan ook de vraag hoe de nieuwe Battles klinken zou en of zijn vertrek een welkome afwisseling dan wel een serieuze aderlating zou zijn.

De passage tijdens de AB eerder dit jaar liet alvast het ergste vermoeden: geen van de nummers beklijfde, zelfs al waren verschillende typerende Battles-elementen zoals de opmerkelijke drumpatronen en kekke geluidjes meer dan aanwezig. Een deel van het probleem school in de bijdrages van de gastzangers, nochtans niet de minsten, die live alvast geen potten braken. Maar het feit dat hun bijdrages op tape stonden terwijl de rest van de songs live gespeeld werden, kon onmogelijk de enige reden zijn dat de nieuwe songs zo zwak overkwamen. Gloss Drop leek een doodgeboren kind nog voor het ter wereld kwam.

Met zoveel scepsis achter de hand mag het album dan ook een aangename verrassing heten. “Africastle” opent de nieuwe plaat met een klassiek aandoende, speelse melodielijn die netjes contrasteert met de pulserende ondertoon. Wanneer John Stanier na anderhalve minuut voor de eerste maal zijn drums geselt, is het pleit al half gewonnen. De donderende drums die na twee minuten loos mogen gaan, bevestigen alleen maar dat de kritiek voorbarig was. Toch maakt een zwaluw de lente niet en is het aan “Ice Cream” om als eerste song met gastvocalen te bewijzen dat Gloss Drop ook zonder Braxtons electrostemmetjes stand weet te houden.

De vooruitgeschoven single klinkt in contrast met de vorige song nog vrolijker dan wanneer hij op zichzelf staat. Zonder de inbreng van Matias Aguayo was het nummer nog veel sterker voor de dag gekomen, al zullen liefhebbers van Aguayos werk het daar ongetwijfeld niet mee eens zijn. Gary Numan brengt het er in het toepasselijk getitelde “My Machines” opmerkelijk beter van af met een song die hem op het lijf geschreven is. De vraag mag zelfs gesteld worden in hoeverre Battles niet bewust een update van Numans werk heeft willen brengen met deze dystopische, door technologie gedomineerde track.

Ook Kazu Makino (Blonde Redhead) krijgt een song toegeschoven evenals Yamantake Eye (Boredoms) waarbij vooral bij Makino het idee leeft dat Battles althans ten dele de song “Sweetie & Shag” met haar in het achterhoofd geschreven heeft. Op “Sundome” is de aanwezigheid van Eye veel minder prominent aanwezig, en grijpt de band althans ten dele terug naar het technogeluid van de eerste twee ep’s. Het is een terugblik die ook bij “Inchworm” naar boven komt en bij verschillende andere songs stiekem op de achtergrond gedijt. Gloss Drop klinkt dan ook in de eerste plaats als een mix van de vorige releases.

Dat leidt zeker in de instrumentale nummers tot knappe constructies zoals het eerder vermelde “Africastle” en het met laagjes gevulde “Futura”. Ook “Dominican Fade” zet zijn beste beentje voor met enkele ritmische klanken die overduidelijk naast enkele steel drums geslapen hebben. Met het verdwijnen van Braxton is de nadruk nog meer op het puur ritmische aspect komen te liggen, waarbij Stanier zijn bijnaam van menselijke metronoom alle eer aandoet. Zelfs wanneer hij gas terugneemt, zoals in het surreële “Rolls Bayce” (met een prachtige baslijn van Dave Konopka), blijft zijn slagkracht herkenbaar uit de duizend.

Dat Gloss Drop het niet haalt van Mirrored is een feit, maar echt groot kan het verlies van Braxton niet genoemd worden. In de instrumentale nummers heeft de tot trio gereduceerde band weliswaar ingeboet aan pop, maar het plaatst daar opnieuw een eigenzinnige mix van door electro geïnspireerde rock tegenover. Bovendien leren de zwakkere vocale nummers (voornamelijk “Ice Cream” en “Sweetie & Shag”) dat de groep perfect zonder een zanger kan. Gloss Drop is geen onverdeeld succes maar het spoelt wel de bittere nasmaak van het zwakke optreden moeiteloos weg.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien + 4 =