Meat Puppets :: Lollipop

Americans never quit, beweerde generaal Douglas MacArthur ooit, en dat lijkt ook het credo van Curt en Cris Kirkwood, die ooit indie-geschiedenis schreven en de voorbij jaren ondanks enkele persoonlijke tegenslagen terug bleven slaan met nieuw materiaal. Dat is allemaal erg sympathiek, maar of het volstaat om album #13 toe te juichen is nog een andere zaak.

SST Records, wat een palmares. Het Amerikaanse punklabel ging meteen van start met enkele van de bepalende bands van de Amerikaanse punk (Black Flag en The Minutemen), haalde Hüsker Dü in huis om het te laten evolueren tot een geweldige gitaarband die zo veel verder ging dan zijn hardcoreroots deden vermoeden, en zette de deur wijd open voor Bad Brains, Sonic Youth én Dinosaur Jr. Zeker die laatste twee namen hun meest invloedrijke werk op in die jaren. En dan was er nog het trio Meat Puppets, dat in goede SST-traditie al snel het herrieverleden liet voor wat het was en twee undergroundklassiekers maakte, II (1984) en Up On The Sun (1985), waarvan vooral de eerste een groter publiek bereikte nadat Nirvana er enkele songs van onder handen nam.

Sint Cobain had misschien wel wat zwaktes, maar hij kende z’n klassiekers. De band had bovendien wel meer op z’n kerfstok dan z’n gelauwerde 80’s-werk. Geef Forbidden Places (1991) een betere productie en je hebt een van de beste en meest eclectische rockplaten van de vroege jaren negentig. Idem voor Too High To Die (1994): schrap er een kwartier van (iets dat je mag doen bij driekwart van de albums uit die periode) en je houdt een verdomd goede plaat over. Helaas valt die verdomd sindsdien vooral in een andere context te gebruiken. Meat Puppets beschikt over een paar unieke ingrediënten – de luie zang van Curt, de mix van gedreven gitaarrock en country, de woestijnsfeer -, maar die schoten op de voorbije albums regelmatig tekort. En nu is het verdomme weer van dat.

Nochtans is Lollipop geen slechte plaat, geen werkstuk dat je vol walging in de vuilnisbak kiepert. En dat maakt het net zo frustrerend. Een slechte plaat kan je van je afzetten en vergeten zonder je er schuldig bij te voelen. Lollipop laat je echter regelmatig die Meat Puppets-alchemie ruiken, alsof je een hond bent die en snoepje voorgehouden wordt en het dan toch niet krijgt. Het doet regelmatig denken aan die nonchalante hippieklassieker Up On The Sun (dat ze, net als II een paar jaar geleden, onlangs integraal kwamen spelen op het ATP-festival), maar het blijft bij een degelijke imitatie. Dat neemt niet weg dat het allemaal nog prima van start gaat.

Ondanks die volstrekt overbodige synth is “Incomplete” een goeie opener, “yeah, dude”-rock met een afwisseling van rechtlijnigheid en typisch gezwalp. “Orange” heeft af te rekenen met een foute sound (die loeiharde drums, jakkes), maar krijgt dan weer die turbobas mee. Dan komt echter het beste: “Shave It” is lichtjes idiote, maar onweerstaanbare ska-pop (een medaille voor degene die na twee beluisteringen niet zit mee te fluiten met dat refrein!!), terwijl “Baby Don’t” lekker wegswingende countrypop is van het soort dat er altijd in kan. De opwaartse beweging wordt even aangehouden met “Hour of The Idiot” en het shuffelende “Lantern” (weinig om het lijf maar voorzien van zo’n onweerstaanbaar gezellig – nooit gedacht dat we dat nog zouden schrijven – sfeertje).

Daarna zet de aftakeling helaas genadeloos in, krijg je af te rekenen met songs die gebukt gaan onder hun slepende tempo, tweedehandskarakter of gebrek aan troeven. En als je een song “Amazing” noemt, zorg er dan ook voor dat er wat spektakel te beleven valt, en geen mafnummer dat vijf minuten doet lijken als een kwartier. Vreemd genoeg hou je na twaalf songs dan ook een uitgeput gevoel over aan de plaat, alsof je zopas een magnum opus van 75 minuten in de strot geramd kreeg. Tuurlijk, Lollipop heeft z’n momenten, maar dat zeggen ze ook van de clown die onze volgende koning wordt en daar zijn we al even vet mee. Heel op het einde van afsluiter “The Spider And The Spaceship” hoor je een “I don’t know… I could probably do it better.” Ja, inderdaad, maar we zijn er niet uit of we wel willen dat ze het proberen. Het zou wel eens kunnen leiden tot de plaat die er écht te veel aan is.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 + 9 =