James Blake :: James Blake

Het moet een vreemd gevoel geven, te beseffen dat je debuutplaat enkel kan teleurstellen. Want lang voor het verschijnen van dit album, riepen verschillende blogs en magazines James Blake al uit tot artiest van het jaar. Dit zou de plaat worden die alle andere overbodig maakte en het muzieklandschap definitief zou hertekenen.

De hype nam vorig jaar zijn aanvang toen James Blake enkele gesmaakte ep’s op het (Gentse!) R&S-label uitbracht, waarmee hij prompt tot voortrekker van de postdubstepscene — wat een verschrikkelijk woord — werd gebombardeerd. Op die ep’s evolueerde Blake van abstract elektronisch knip- en plakwerk op The Bels Sketch, naar een warmer, meer ingetogen geluid op Klavierwerke. Het debuut ligt in de lijn van die laatste ep, al is Blakes stem nog nadrukkelijker aanwezig. Nu eens doet ze denken aan Bon Iver (“Lindesfarne I” en “II”), dan weer aan Antony Hegarty (“Give Me My Month”, “I Never Learnt To Share”). Laat u echter niet wijsmaken dat dit zomaar een verzameling melancholische liedjes is, omzwachteld met elektronica. Er zit te weinig structuur in om van een lied te spreken en aan de basis ligt veeleer het experiment, of nog vaker: de stilte.

Verschillende artiesten — waaronder The xx als bekendste exponent — kozen de voorbije jaren voor een spaarzame, economische, spartaanse benadering van het geluid, ontdaan van heel wat overbodige franjes. James Blake gaat nog een stap verder. Er is uiteraard geen intentioneel streven naar een sonisch nulpunt, de leegte vormt geen doel op zich, maar de stilte wordt geïntegreerd als een structuurelement, dat vaak een ruimtelijk effect schept. “Limit To Your Love”, de inmiddels gekende Feist-interpretatie, vormt een mooi voorbeeld: tijdens de secondenlange break in het middenstuk ligt de klemtoon niet op de stilte, maar op de act van het luisteren zelf.

James Blake eist met andere woorden een verregaande concentratie van de luisteraar. Maar wie moeite doet, ontwaart tussen leegte en geluid wel enkele van de mooiste, meest intrigerende nummers van het jaar. In het kale, doeltreffende “Wilhelms Scream” zingt Blake erg soulvol over onrust en vervreemding: “I don’t know about my Dreams/ I don’t know about my dreaming anymore/ All that I know is that I’m falling.” Ook in “To Care (Like You)” zit geen noot te veel verwerkt, James Blake mediteert er lijzig over de stiltes heen. Afsluiter “I Mind” is nog een superbe collage, ditmaal vol stemflarden, piano, bas en minimale beats.

Jammer genoeg houdt Blake dit niveau geen volledige plaat lang aan. Dit debuut telt slechts tien nummers waarvan er vier afklokken onder de drie minuten. En als je daarmee een absolute klassieker wil afleveren, dan kan iedere seconde maar beter fantastisch zijn, stilte of niet. Dat is helaas niet het geval. Het tweede deel van het album klinkt iets minder geïnspireerd dan het eerste en een nummer als “Lindesfarne I” is gewoonweg overbodig.

Los hiervan zal dit ongetwijfeld een invloedrijke plaat worden waarvan de innovaties gradueel zullen worden overgenomen. Door de extreme exploitatie van de stilte, maar evenzeer door de verbazende perfectie, zal dit debuut vele groepen inspireren, ook buiten de grenzen van de dubstep. Voor James Blake zelf komt het er vooral op neer om rustig met alle druk om te gaan. Want als er één zekerheid is aan een hype, dan is het wel dat er vroeg of laat een einde aan komt. Pas dan zal blijken of James Blake tot een echte klassieker in staat is. Aan talent en creativiteit alvast geen gebrek.

Op zaterdag 19 februari geeft James Blake een DJ-set in club Silo in Leuven

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 + 11 =