Sun Kil Moon :: Admiral Fell Promises

Soms valt er wel wat voor te zeggen om een album te laat te bespreken. Zo werd Admiral Fell Promises al enkele maanden geleden uitgebracht in volle zomer, maar de muziek van Sun Kil Moon (of tout court, van Mark Kozelek) heeft feitelijk altijd veel beter bij het najaarsweer zoals dat van de laatste tijd gepast.

Ondertussen hoeft het ook niet meer te verbazen dat de muziek op Admiral Fell Promises ‘herfstig’ is. Wie de muziek van Mark Kozelek ook maar een beetje kent, zij het met zijn vorige band Red House Painters, met huidig project Sun Kil Moon of gewoon solo onder eigen naam, weet zo onderhand wel dat de man haast een patent heeft op trage melancholische nummers met spaarzame begeleiding en zijn typerende stem waarmee hij zelfs nummers van AC/DC helemaal de zijne kan maken.

Toch is Admiral Fell Promises in zekere zin wel een verrassing, want waar vorige albums van Sun Kil Moon nog begeleid werden door op z’n minst het basspel van Geoff Stanfield en de drums van Anthony Koutsos, doet Kozelek het deze keer volledig solo, slechts met klassieke gitaar en stem. Dat Kozelek ook niet meer nodig heeft om te overtuigen kan meteen blijken uit opener “Ålesund”, mogelijk de meest hartverscheurend mooie track die dit jaar werd uitgebracht. Alleen al de perfect gedoseerde klassieke opening van het nummer is enorm de moeite, maar voeg daar dan nog eens de prachtige akkoorden van de verzen en de vage, typisch melancholische teksten aan toe en je krijgt een wereldnummer. “No this is not my guitar, I’m bringing it to a friend. And no, I don’t sing, I’m humming along,” zo opent Kozelek het album op tekstueel vlak: simpele lijnen die in samenspraak met de muziek echter een heel eigen sfeer weten op te wekken.

Het is niet gemakkelijk om een nummer van het formaat van “Ålesund” op te volgen, en Kozelek slaagt er dan ook niet in om het torenhoge niveau van de opener staande te houden gedurende de rest van de plaat. Niet dat de andere nummers op zich niet sterk zijn, maar ze evenaren geen van allen de opener. Nochtans zijn er nog genoeg uitstekende stukken op Admiral Fell Promises te rapen, zowel op muzikaal als vocaal vlak. Het einde van “Half Moon Bay” is zo bijvoorbeeld een staaltje van badass klassiek gitaarspel, net als het middenstuk van afsluiter “Australian Winter”. Kozelek heeft duidelijk een hoog niveau bereikt op zijn instrument, wat enigszins doet denken aan het spel van José Gonzalez, al is dat van Kozelek nog een stuk klassieker, met stukken die naar flamenco refereren of zelfs zo door Francisco Tárrega of Andrés Segovia hadden kunnen neergepend zijn.

Hoewel Kozelek hier dus duidelijk probeert om het hele geluid te dragen met zijn tussen folk en klassiek balancerende gitaarspel en zijn stem, slaagt hij er toch niet in om het album van de eenvormigheid te redden. Hoewel de meeste nummers wel een eigen invalshoek hebben, is het toch moeilijk om ze uit elkaar te houden, net omdat ze met zulk een beperkt gamma aan klanken werken. Eerlijk gezegd, na ettelijke luisterbeurten kunnen wij ook niet zo uit ons hoofd het verschil tussen pakweg “Sam Wong Hotel” en “The Leaning Tree” aanduiden, ondanks het feit dat het beide uitstekende composities zijn.

Wie houdt van gevarieerde platen is bij Sun Kil Moon dus aan het verkeerde adres, en wie Kozelek graag in groep hoorde spelen, zal misschien ook licht teleurgesteld zijn in Admiral Fell Promises. Het is nochtans een prachtalbum, maar het lijdt een beetje onder het vrij beperkte klankenspectrum. Desondanks verdient het album op z’n minst enkele luisterbeurten, al is het maar omwille van de indrukwekkende openingstrack.

Mark Kozelek speelt op 11 februari een soloshow in de Gentse Vooruit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × drie =