Moon Duo :: Escape

Milk Inc.’s "Walk On Water" mag dan wel tien jaar na zijn verschijnen door sommigen als postironisch goed bevonden worden, maar echte dansmuziek is het vooralsnog niet. Geen kwaad woord over Regi Pinxtens creatieve uitingen maar toen de eerste disco en electro uitkwamen, klonken ze tenminste zwoel en sexy of donker en verontrustend.

Het lijstje namen is klein maar bekend en berucht: Silver Apples (eind jaren zestig) is er eentje van en Suicide een andere. Dat beide namen consequent opduiken bij besprekingen van Moon Duo is niet verbazingwekkend. De band, die bestaat uit Wooden Shjips’ Erik "Ripley" Johnson en Sanae Yamada, neemt op Escape elementen uit beide bands over en combineert deze met Wooden Shjips’ kenmerkende psychedelisch fuzz-geluid enerzijds en een duidelijke trance-krautrockaanpak anderzijds.

Vereenvoudigend en simplificerend zou Moon Duo zelfs als de electrovariant van Wooden Shjips omschreven kunnen worden. Beide bands zweren immers bij psychedelische songs die baden in fuzz-gitaren en vooral uit zijn op een intense (bij voorkeur een album lange) trip. Maar waar Wooden Shjips beelden van eindeloze snelwegen tijdens lange autoritten oproept, overheerst op Escape de nacht. De wegen zijn nog steeds eindeloos, alleen heeft de omliggende woestijn baan geruimd voor schaars verlichte banen en is het schijnsel van de koplampen het enige wat soelaas biedt.

"Motorcycle, I Love You" trapt het album af en dendert meteen de donkere tunnel in. De fuzz-gitaren en nauwelijks hoorbare zang van Ripley klinken bekend in de oren en zelfs de repetitieve drumbeat scheelt nauwelijks met wat de moederband brengt. Het verschil schuilt, net als de duivel, in de details en sfeerschepping. Ripleys gitaar klinkt scherper en ijler waardoor de hele song automatisch in een andere wereld opgaat. Met het tragere, slependere "In The Trees" wordt niet alleen de link met Suicide duidelijker maar wordt ook het eigen karakter van Moon Duo beter in de verf gezet.

De no/new wave van het nummer contrasteert sterk met het voortjakkerende "Motorcycle, I Love You", maar vormt er ook een uitstekend antwoord op doordat het vanuit dezelfde vormelementen vertrekt zonder als een kopie te klinken. Ook "Stumbling 22nd St" breekt met het verwachtingspatroon door naar de bands normen poppy en toegankelijk te klinken. Goed, Ripley mompelt nog steeds tussen de baardharen door terwijl de drumcomputer in staccato verder gaat en de gitaren schedels splijten en vergruizen, maar wat een wereld van verschil met de eerste song.

Desondanks dit alles blijft de titeltrack een verrassing van jewelste, speelde "Stumbling 22nd St" al met het popgevoel, dan omarmt "Escape" het volledig. Silver Apples die een Suicide-nummer inspeelt alsof het een potentieel hitje van de jaren tachtig is. De monotone drum klinkt nergens dreigend of donderend, de gitaren zijn ditmaal in een frivole bui en zelfs Ripley trekt de mond verder open dan minimaal noodzakelijk is om meer dan zomaar wat te mompelen. Verrassend en aangenaam anders, maar niet de weg die Moon Duo in moet slaan, bewijst de song dat de band tot meer in staat is dan duistere beats.

Wanneer Wooden Shjips een album uitbrengt, kan men er vergif op innemen dat een album lang eenzelfde nummer met kleine accentverschillen gebracht zal worden. Op basis van de eerste EP’s en "Motorcycle, I Love You" zag het er naar uit dat Escape niet meer zou zijn dan een geslaagde electro/dance-variant van de psychedelische rockers. Maar Escape gaat verder dan dat. Het album roept uitstekend de sfeer op van de eerste electro/dance-uitingen: Escape is donker, bezwerend en stotterend dansbaar. En het mooiste van allemaal is wel dat Ripley u nooit naar uw handjes zal vragen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie + twintig =