Gigi :: Maintentant

Hoe vlot verteer je muziek die gemaakt is als stijloefening? Gigi is opgericht om de sfeer van popsongs uit de vroege jaren zestig te laten herleven. Door het perfectionisme waarmee dat gebeurt, hangt over debuutplaat Maintentant een zweem van kunstmatigheid.

Al kan dat ook een heel klein beetje de bedoeling geweest zijn. Gigi is immers het samenwerkingsverband tussen Nick Krgovich van P:ano en No Kids, die samen met Colin Stewart op zoek gaat naar popsongs in hun meest pure vorm. Die tocht heeft, net zoals de resultaten die er uit voortkomen, een bevreemdend effect.

Tijdens de eerste luisterbeurten van Maintentant overheerst namelijk verwarring. Zonder achtergrondinformatie aan het album beginnen, brengt je tijd-ruimtelijk evenwicht serieus aan het wankelen. Heeft een wormgat voor een flashback van enkele decennia gezorgd? En als het écht nog steeds 2010 is, waarom klinkt deze nieuwe muziek dan zo on-nu? Wanneer de mist rond Maintentant stilaan begint op te klaren, is de eerste reactie eentje van potentieel geweld tegenover Gigi. Want is het, na Amy Winehouse, The Pipettes en noem maar op, niet stilaan welletjes geweest met het reanimeren van het muzikaal sfeertje uit de tijd dat zelfs de ouders van dienstdoende muzikanten zich nog niet van de muzikale ontwikkelingen bewust waren?

Nogal, lijkt een genuanceerd antwoord op die vraag. Al blijken de feiten in de weg te lopen: vier nummers ver in de plaat blijft van de moordlust niet veel meer over, behalve misschien de zin om het duo achter Gigi dood te knuffelen. Verantwoordelijk voor dat flip-flop-gedrag is “Alone At The Pier”, het nummer waarmee alles op zijn plaats valt: Pipettes, Phil Spector, God Help The Girl, lange blaadjes, “96 Tears”, handclaps en bijenkorfkapsels. Jup, het licht wordt gezien: als al die gitaarbandjes eeuwig The Stooges mogen blijven plunderen, waarom zou een goede interpretatie van de erfenis van Phil Spector niet kunnen? Zolang Gigi de vuurwapens in de kast laat, schuilt daar immers weinig kwaad in.

Popsongs kun je, en dat vergeten ook wij wel eens, afzetten als ze blijken te stinken. En stijloefeningen mogen dan lichtelijk kunstmatig zijn, een goede song blijft een goede song, dat zou moeten volstaan als simpele leidraad. Kortom, aan de kant met de aanvankelijke scepsis. En als dat niet vanzelf gaat, dan zorgt het koor in “Impossible Love” wel voor een noodzakelijke gemoedsverandering.

Want Krgovich en Stewart zijn gelukkig zo slim geweest om hulp in te roepen, waardoor Maintentant de nodige glans verkrijgt. Medewerkers zijn er genoeg: leden van, onder meer, Mirah, Young People en Parenthetical Girls duiken her en der op tijdens de plaat. Die draaideurbezetting van de band zorgt niet alleen voor een aangenaam breed klanktapijt, het maakt bovendien dat de stijloefening vlotter verteerbaar wordt. Een song als “The Hundredth Time” is immers maar een volwaardige song doordat hij door mensen van vlees en bloed gemaakt is, en niet enkel en alleen omdat enkele muzikanten die op zoek zijn naar een bepaalde klank of atmosfeer.

Die menselijkheid maakt dat Maintentant uiteindelijk een zeer verteerbare plaat is die de aanvankelijke scepsis makkelijk weet te overleven. Een lang leven is een project als Gigi misschien niet beschoren, maar het eindresultaat van de zoektocht naar pure popsongs kan als zeer geslaagd beschouwd worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 − 7 =