Jon Hopkins :: Insides

Vindt u ook dat elektronica vandaag door een select, elitair clubje freaks wordt opgeëist? Dat u zich beter afzijdig houdt als u ook van een goed pop- of rocknummer kan genieten? Dan hebben wij Jon Hopkins voor u. Een achtentwintigjarige Brit die zijn subtiele elektronica op maat van iedere muziekliefhebber snijdt.

Veel heeft te maken het met feit dat Hopkins de afgelopen jaren zowel met Brian Eno, Massive Attack als Coldplay de studio indook. Chris Martin en de zijnen namen Hopkins meteen mee als voorprogramma en mochten in ruil de intro van het sublieme “Light Through The Veins” gebruiken als opener voor hun laatste plaat Viva La Vida Or Death And All His Friends. Het resultaat van al die samenwerkingen is dat Jon Hopkins zonder oogkleppen door het leven gaat, en dat zijn nieuwste album Insides even goed aan de weerbarstige glitch van Ulrich Schnauss en Fennesz als aan de tierige popcapriolen van Lamb en Sigur Rós doet denken. Met als constante de technische perfectie, wat hij te danken heeft aan zijn bezigheid als componist/ producer.

Dat Hopkins stilaan zelf zijn plek tussen de groten waard is, bewees hij onlangs op het Domino-festival waar hij niet moest onderdoen voor Christian Fennesz en Jóhann Jóhannsson. Op Insides keren heel wat nummers uit die imposante set terug. Hierbij siert het de klassiek geschoolde pianist dat de tracks ook op plaat hun zin voor experiment en durf behouden. Want waar het bij Max Richter of Jóhann Jóhannsson haast met een vergrootglas zoeken is naar de elektronische toetsen, gaat Hopkins veel inventiever om met het etiket Contemporary Classical Music, ofte alternatief klassiek. Met veel bravoure wordt het muzikale spectrum hier uitgebreid naar ambient, breakbeat en minimal.

Insides is een plaat van contrasten waardoor er ook voor de pure elektronicaliefhebber genoeg overblijft om van te genieten. Er gaat een tomeloze expressie van het album uit, die via verschillende invalshoeken bereikt wordt. “Colour Eye” vangt bijvoorbeeld aan met een melancholisch pianomotief dat gaandeweg belaagd wordt door een spervuur aan beats die naar het einde toe zelfs Aphex Twin de daver op het lijf zouden jagen. Faut le faire.. De dubby breakbeat van “Wire” lijkt dan weer ideaal voor een lome rapper om zijn raps rond te spinnen.

De plaat eindigt zoals die begint, met een intiem klassiek miniatuurtje. Op die manier is de cirkel rond, en is Insides een album dat weliswaar verschillende genres overstijgt, maar toch een verhaal opbouwt door de kracht, de volgorde van de tracks en de manier waarop die in elkaar overlopen. Bovendien gaat er van ieder nummer een immense intensiteit uit, die Insides een enorme diepgang meegeeft. Dit is ook de bekende Britse choreograaf Wayne McGregor niet ontgaan, die de plaat prompt als soundtrack voor zijn nieuwe dansvoorstelling boekte. Geef hem maar eens ongelijk.

Bent u vooral een pop- en rockliefhebber en koopt u slechts één maal per jaar een elektronicaplaat, laat het dit jaar dan Insides van Jon Hopkins zijn. De jonge Brit steekt zijn bloedmooie melodieën speciaal voor u in telkens in een dynamisch en passend jasje. Hij slaagt erin het elektronicagenre toegankelijk te houden, zonder daarbij aan experiment en branie in te boeten. Horen is geloven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

6 − vier =