Radiohead re-issues



Dat
Radiohead tot de meest invloedrijke groepen van de recente
muziekgeschiedenis behoort, hoeven wij u na het aanklikken van dit
artikel niet meer te vertellen. Ook een bespreking van ‘Pablo
Honey’, ‘The Bends’ en ‘OK Computer’ zelf is ondertussen redundant
geworden: deze drie platen staan samen met de maanlanding, de
Britney-meltdown en de flamoes van Paris Hilton in het collectieve
geheugen gegrift. Ze maakten in de nineties helden van vijf simpele
jongens uit Abingdon en hebben – vooral in het geval van de
laatstgenoemde twee dan – meer dan tien jaar na datum de tand des
tijds grandioos doorstaan. Radioheads drie moderne klassiekers
voordat de groep experimenteler paden opzocht, zijn nu
heruitgegeven in drie speciale boxsets, die de oorspronkelijke
plaat steeds vergezeld laten gaan van een tweede cd met b-kantjes,
demo’s en alternatieve versies alsook een dvd’tje dat clips en
live-beelden uit de desbetreffende tijdsvakken bundelt.

Pablo Honey: *** 1/2

De dvd van ‘Pablo Honey’ zal ongetwijfeld de populairste uit het
rijtje zijn, vooral omwille van de beelden uit de gig die de groep
in de Londonse Astoria opvoerde in 1994. De opname van deze rauwe
set van de groentjes die een jaar voordien met hun slackerhit
‘Creep’ een nieuwe stem gaven aan tiener-underachievers is immers
sinds het einde van de jaren negentig de enige kans om het
materiaal van hun debuut enigszins live te ervaren. Een goed
gestoffeerd album met extraatjes vervolledigt dit pakket. De demo’s
en live-versies hierop zijn eerder een aardigheidje dan een ware
verrijking: vaak blijven ze behoorlijk dicht bij het origineel
plakken of zijn ze een vormexperiment dat de duimen moet leggen
voor de albumversie – getuige de opgejutte demo van ‘Thinking About
You’. De ware schat hier zijn de nummers die de plaat niet haalden,
waarvan velen kwalitatief niet moeten onderdoen voor hun
studiomaatjes, zoals het uitgelaten ‘Nothing Touches Me’ (uit de
BBC Radio One-sessie), de akoestische kampvuursong ‘Banana Co.’,
het naar de Pumpkins knipogende ‘Faithless, The Wonderboy’ en last
but definitely not least het broeierige ‘Inside My Head’, de
geniale b-side van ‘Creep’. Voor de verzamelaars onder ons vervoegt
het singletje ‘Pop Is Dead’ bij deze ook eindelijk zijn
albumkompanen. Voornamelijk geïnspireerd door slackerrock en grunge
is ‘Pablo Honey’ het duidelijkst gebonden aan de negentiger jaren.
Zonder de verdere carrière van Radiohead had ‘Pablo Honey’ nooit de
status bereikt die het nu geniet en natuurlijk verbleekt het album
in vergelijking met de latere artistieke uitdagingen, maar deze
editie illustreert toch dat de groep zich dezer dagen ten onrechte
van dit debuut distantieert.

The Bends: *****

Over genialiteit durven we pas spreken anno ‘The Bends’: de
adembenemende tweede die het post-grunge gitaargeluid van ‘Pablo
Honey’ opentrekt zonder de groepsgeest te verloochenen. Dertien
jaar na datum flirt dit album nog steeds zonder ophouden met de
perfectie, van de anthematische opener ‘Planet Telex’ tot de
atmosferische epiloog ‘Street Spirit ‘Fade Out’, die Muse nog
steeds een lesje kan leren in het doseren van theatraliteit. De
bijgevoegde cd toont bovendien dat Radiohead de parels zomaar voor
het uitkiezen had. Het extra materiaal is van ongezien hoge
kwaliteit en had in feite een extra album kunnen vullen. De
B-kantjes vormen een staalkaart van de invloeden die op dat moment
op de groep werkzaam waren: noiserock en shoegaze (‘Permanent
Daylight’), varsity rock (‘Killer Cars’), onderkoelde elektronica
(‘Talk Show Host’) en gitzwarte gitaarintrospectie (‘You Never Wash
Up After Yourself’). Geen wonder dat tracks als stoner-flirt ‘The
Trickster’ en de betoverende liefdeskroniek ‘Punchdrunk Lovesick
Singelong’ alsnog tot fanfavorieten uitgroeiden. Bijgevoegde
live-versies voegen ditmaal wél een extra dimensie aan het
oorspronkelijke materiaal toe; luister maar eens naar de tot
tranens toe beroerende akoestische versie van ‘Bullet Proof … I
Wish I was’ of de grungy Radio One-sessie. De bijgevoegde dvd heeft
natuurlijk de obligate videoclips in de aanbieding, maar is vooral
interessant aangezien het met een bundeling van optredens uit
1994-1996 de evolutie van Radiohead live toont. Van de raspende
eerste blik die op het nieuwe materiaal geworpen werd tijdens de
Astoria-gig uit ’94 en de jongensachtige 2 Meter Sessies uit
februari 1995 tot de rockgoden die slechts drie maand later bij in
‘Later … With Jools Holland’ van jetje geven, zien we een wereld
van verschil.

OK Computer: *****

Radiohead stond op een tweespalt: de stadia opzoeken en een
U2-status najagen of hun geluid verder uitwerken voorbij
commerciële grenzen heen. De groep koos bij zijn derde plaat voor
de laatste optie, zoals de beelden van de Jools Holland-opname op
de ‘OK Computer’-dvd – die met drie clips en drie live-tracks
magerder uitgevallen is dan de andere twee – illustreren: hier zien
we een groep die minder begaan is met indruk maken op het publiek
dan wel volledig op te gaan in hun eigen materiaal en dit als een
permanent in evolutie zijnd organisme op het podium willen gooien.
Hoewel ‘The Bends’ de horizon van de groep al verbreedde, was ‘OK
Computer’ aanvankelijk een harde noot om te kraken: een muzikaal
patchwerk met nummers als ‘Paranoid Android’, die tussen
verschillende genres meanderen. De overkoepelende thematiek rond de
mechanisering van onze (post-)moderne consumptiemaatschappij
verhoogde deze drempel alleen maar. Wie de moeite nam om deze te
overstijgen, vond echter een album van een ongekende rijkdom voor
een groep met dergelijk raakvlak in de industrie. Op het schijfje
extra materiaal staan enkele nummers die eigenlijk als een
uitgelezen overgang tussen de tweede en de derde langspeler kunnen
fungeren. De venijnige rockertjes ‘Pearly’ en ‘Palo Alto’ bijten
zich met hun scherpe hoektanden nog deels in het vorige tijdvak
vast. ‘Polyethylene (Parts 1 & 2)’ laat zich net als ‘Paranoid
Android’ – op de single waarvan het verscheen – doorheen
verschillende instrumentaties glijden, zij het op een sterker door
adraneline gedreven en daardoor toegankelijker wijze dan
laatstgenoemde. De overige songs verraden duidelijker het era ‘OK
Computer’. Onder hen het adembenemende ‘How I Made My Millions’,
een pianoballade waarop we de vocals gefilterd door een Xanax-waas
horen, waarvan het niet te verstaan is hoe deze nooit op de plaat
beland is. Daarnaast opnieuw enkele alteratieve versies die
inspelen op de intrigerende multifunctionaleit van de nummers:
‘Climbing Up The Walls’ krijgt van Zero 7 een triphop-makeover die
met een rokerig film noir-sfeertje dweept, terwijl de live-versie
een snerpende onderduise dreiging injecteert. Deze laatste komt
alweer uit een grandioze Radio One-sessie, waaruit we ook een
breekbaarder ‘No Surprises’ tot de succesnummers kunnen rekenen. De
alweer torenhoge kwaliteit van de tweede cd compenseert hier voor
de armer gestoffeerde dvd en maakt ook van deze opgesmukte editie
een must-have.

In tegenstelling tot heroprakelingen van oude platen met een
handvol krakende demo’s en een inferieure geschrapte track, zijn
deze drie re-issues een voorbeeld voor de platenfirma’s die oude
glorieën opnieuw in de spotlights willen plaatsen. Dankzij het
extra beeldmateriaal en de uitvoerig gestoffeerde bonusdiscs krijg
je een scherper overzicht van de evolutie van de grootste
alternatieve rockband aller tijden. Deze boxen verantwoorden
weldegelijk de heraankoop. Schenk je originelen maar weg aan een
jongere generatie die de platen nog moet leren kennen en haal zelf
de definitieve versies in huis: iedereen content!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee + zestien =