DM Stith :: Heavy Ghost

E.p.’s blijven een vreemd ding, als mossel noch vis richten ze zich vooral op de muziekliefhebber annex verzamelaar die graag alles van een band in huis haalt. Het zijn vaak winkeldochters die vooral gebruikt worden om te experimenteren of gek mee te doen. En in het geval van debuterende bands vormen ze een uitstekende manier om het water mee te testen.

Echt veel aandacht wordt er met andere woorden niet aan besteed, laat staan dat iemand er woorden aan vuil zal maken. Het zijn opstapjes naar het zogenaamde echte werk, met dien verstande dat het laatste ook alleen maar aandacht krijgt als de e.p. in kwestie meer dan een wenkbrauw wist te verheffen. Een gelijkaardig lot had D(avid) M(ichael) Stith’s Curtain Speech (2008) kunnen overkomen, alleen bleken de vijf songs zoveel indruk te maken dat er reikhalzend uitgekeken werd naar het debuut waarop Stiths stijl pas echt tot zijn recht zou komen.

Curtain Speech was met zijn vijf nummers immers te kort om de verschillende stijluitstapjes van Stith te duiden. Zonder gene switchte hij van ingetogen ballades ("Abraham’s Song (Firebird)") naar barokke soundscapes ("Curtain Speech") of operetteske popsongs ("Just Once") waardoor een eenheid volledig zoek leek. Die eenheid is er op Heavy Ghost nog steeds niet, alleen slaagt de luisteraar er nu wel in om de verschillende punten met elkaar te verbinden en voor zichzelf een coherent album te creëren.

Daardoor kan een onrustige, tribale uithaal als "Spirit Parade" geflankeerd worden door de met pathos overladen pianoballade "BMB" enerzijds en het artrockende "Pigs", dat bijna volledig gedragen wordt door plukkende violen en etherische koren anderzijds. Die etherische koren vormen overigens een vaste waarde op meerdere songs, zij het steeds in een dienende rol. Zo mogen ze ook aantreden op "Pity Dance" dat na de derde minuut groots openbarst en in zijn kunstzinnige aanpak typerend is voor het album.

Want hoewel de song gitaren, piano en percussie incorporeert, wordt hier net als op de andere nummers weinig orthodox mee omgesprongen. Zo is de piano in "Isaac’s Song" opgebouwd uit een herhalend patroon van de laagste pianotonen en zweert "Creeckmouth" bij verschillende percussie-elementen om een verrassend melodieuze song mee te creëren. Dat geen twee nummers hetzelfde zijn, getuigt de veredelde outro "Wig"dat gekenmerkt wordt door een ingenieuze opbouw van geluiden.

De vreemde ballade "Morning Glory Clouds" is zowat het dichtste dat bij een "normale" song komt, maar dat betekent geenszins dat het naar operettes lonkende "Fire Of Birds" of het ontroerende "Thanksgiving Moon" van generlei waarde zouden zijn. Veeleer onderstrepen deze songs, net zo met het opnieuw door een piano gedragen "GMS", dat de veelzijdigheid van Stith nergens zijn kunnen als songsmid en componist in de weg staat.

De gezwollen zangstijl en het weelderige instrumentarium die op de e.p. alleen maar een belofte op meer inhield, krijgen op Heavy Ghost alle kansen om te schitteren. De eigenzinnige mix van Antony & the Johnsons, Sufjan Stevens en My Brightest Diamond maken van Stith een van de meest kunstzinnige, groteske en popgevoelige artiesten in lange tijd. Fijnzinnige popmelodieën worden ondergedompeld in barokke arrangementen en ingekleed met een waaier van instrumenten waarna Stith er als een volleerde diva zijn engelenstem over drapeert.

Heavy Ghost is een van de meest popgevoelige albums die er bestaan, zonder ook maar een seconde als popmuziek te klinken. Het is kunstzinnig, zonder aan pretentie ten onder te gaan. Het debuut van DM Stith is een genre op zich: eentje dat moeiteloos popgevoeligheid, artistieke pathos en de ernst van klassieke muziek met elkaar verbindt, zonder ooit gezocht of vervelend te klinken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 + vier =