Sleepy Hollow




Er zijn maar weinig absolute regels in de filmwereld, maar voor
zover ze al bestaan, is dit er één van: pas op met het verfilmen
van literaire klassiekers, want je kunt zwaar op je donder krijgen.
Tim Burtons variant op ‘The Legend of Sleepy Hollow’, een
kortverhaal van Washington Irving uit 1820, werd naar goede
gewoonte geprezen omwille van de visuele stijl (geen Burtonfilm
zonder een fabelachtig set design), maar de lof klonk, zeker in de
VS, toch een beetje hol. Ze vonden ‘m wel goed, mààr… De reden
daarvoor was grotendeels dat de Amerikanen waren opgegroeid met het
originele verhaal, waar Burton zo goed als niets van bewaarde
buiten de namen van de hoofdpersonages en het idee van een
paardrijder zonder kop. De critici ginder keken naar ‘Sleepy
Hollow’ en vroegen zich af wat er was gebeurd met de plot die ze zo
goed kenden. In Europa, waar de meeste mensen nog niet eens van
Irving gehoord hebben, was ontvangst hartelijker, en groeide de
film zelfs uit tot een publiekslieveling. Terecht? Goh, ik heb het
kortverhaal zelf nooit gelezen, maar dan nog heeft ‘Sleepy Hollow’
mij altijd getroffen als een film die onder het uiterlijk vertoon
van z’n visuele pracht en praal maar weinig te bieden heeft. Een
mooi schilderij dat uiteindelijk een leegte afbeeldt.

Johnny Depp speelt Ichabod Crane, een politieinspecteur in het
New York van 1799, die een groot voorstander is van moderne,
wetenschappelijke technieken. Hij loopt continu rond met een
koffertje vol vergrootglazen en chemische apparatuur, in de hoop om
van misdaadbestrijding iets volstrekt rationeels en logisch te
maken. Het spreekt voor zich dat zijn oversten hem al gauw beu
worden, en Ichabod wordt dan ook naar het kleine dorpje Sleepy
Hollow gestuurd, waar iemand er een sport van maakt om onschuldige
mensen het hoofd af te hakken. Ondanks zijn rationele geest moet
Ichabod al snel onder ogen zien dat de moorden in Sleepy Hollow
niet verklaard kunnen worden met een chemiesetje: een hoofdloze
ruiter galoppeert ‘s nachts door het dorp, met een verdomd scherp
zwaard.

Stilistisch gezien is ‘Sleepy Hollow’ een pure Tim Burtonfilm:
de sets doen denken aan een soort gothic pretpark waarin
elke attractie je gegarandeerd een oog of een vinger kost. Grijze
luchten en donkere, onheilspellende bomen met takken als grijpgrage
vingers torenen boven het dorp uit. De huizen zijn houten
gebouwtjes die bijna uit de duisternis gekerfd lijken en de
belichting is voortdurend spookachtig – je verwacht op elk moment
dat er een monster uit de mist en het donker tevoorschijn springt.
Burton heeft van ‘Sleepy Hollow’ een tot leven gekomen tekenfilm
willen maken, en dat is hem gelukt: alles ziet er lichtjes
karikaturaal uit; de bomen net iets te hoog, de mist net iets te
dicht, en de personages nadrukkelijk gekleed in kostuums die hun
karakters uitdrukken. Het resultaat is dat de regisseur ons eens te
meer weet af te zonderen in zijn filmwereld, die helemaal op
zichzelf staat en nauwelijks nog referentiepunten in de
werkelijkheid nodig heeft.

Dat is visueel. Inhoudelijk is ‘Sleepy Hollow’ echter in minder
goede conditie. Burton en zijn scenaristen hebben de handeling van
het kortverhaal helemaal laten vallen en vervangen door een
whodunit die nooit helemaal werkt. Enerzijds
marcheert het niet omdat je de identiteit van de dader al
van een kilometer afstand ziet aankomen (volgens de gouden regel:
als een nevenpersonage een hele film lang geen bal te doen heeft
maar wél gespeeld wordt door een gekende acteur/actrice, dan is
hij/zij de dader) en anderzijds ook omdat Burton zichtbaar moeite
moet doen om alle intriges uitgelegd te krijgen. Het gebeurt
minstens een keer of twee, drie dat een personage gewoon alle actie
stillegt om even via een lange monoloog van naadje tot draadje de
plot uit de doeken te doen. Da’s nu niet bepaald een subtiele
vertelstijl. ‘Sleepy Hollow’ was de eerste film waarin Burton af te
rekenen kreeg met een volwaardige intrige (zelfs de ‘Batman’-films hadden
eenvoudige, rechtlijnige verhaaltjes); voor de eerste keer moest
hij duidelijke hints achterlaten voor het publiek die dan achteraf
op hun plaats vielen; voor de eerste keer moest hij aan het einde
van z’n film alles gaan uitleggen dat het publiek niet door had. En
hij heeft het daar moeilijk mee, hij lijkt niet goed te weten hoe
hij dat op een natuurlijke manier kan oplossen. Bijgevolg grijpt
hij maar naar het houterigste cliché in de lange, tragische
geschiedenis van houterige clichés: hij zet de dader voor een
camera en laat die het allemaal vertellen. Hopla, opgelost. Ik
ontdekte van mezelf dat ik op den duur minder op het verhaal aan
het letten was dan op de sets. Ik bewonderde Burtons visie omdat
hij zo’n knappe wereld tot leven had geroepen, maar ondertussen
bedacht ik me ook hoeveel interessanter de film zou zijn geweest
als die personages er niet de hele tijd doorheen liepen.

Ook zit de regisseur opgescheept met een love story die
maar weinig vonken geeft. Christina Ricci werd gecast als Katrina
Van Tassel, de liefdesinteresse voor Johnny Depp, maar geeft een
erg vlakke vertolking. Het gevolg is dat het niet echt lijkt te
klikken tussen haar en haar leading man. De grote
liefdesscène (“You have bewitched me!”) lijkt er aan de
haren bijgesleurd.

Het zijn die dingen die ‘Sleepy Hollow’ doen zinken, en daar kan
zelfs de acteerprestatie van Johnny Depp niets aan veranderen. Depp
doet alweer zijn best om een boeiend personage te creëren, en de
beste momenten van de film zijn degene waarin hij zich even niét
bezighoudt met het oplossen van de headless moorden.
Ichabod Crane is, in de versie van Burton en Depp, een angsthaas
die om het minste flauwvalt, een doodse schrik heeft van spinnen en
niet eens weet hoe hij op een paard moet gaan zitten. Depp komt uit
bij een amusante vertolking, die van heel wat scènes nog wat meer
kan maken dan wat het eigenlijk maar is. Ook de bijrollen zijn goed
ingevuld, met een hele resem grote (of op z’n minst erg
gerespecteerde) namen, zoals Michael Gambon, Miranda Richardson,
Jeffrey Jones en Richard Griffiths. Al die mensen maken er nog geen
beter verhaal van, maar ze zorgen er wel voor dat ze de interesse
van het publiek blijven bewaren.

‘Sleepy Hollow’ is visueel te sterk om ‘m echt slecht te noemen,
maar hij toont wel Tim Burton op een off-day. Soit, daar
heeft iedereen al wel eens recht op, veronderstel ik…

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen + 2 =