Kill The Young :: Proud Sponsors Of Boredom

Vorig jaar wist Kill The Young te overrompelen met een eerste plaat, die een fijne brok complexloze rockmuziek bood. Nu het tijd is voor de moeilijke tweede, blijkt die hindernis te hoog voor de band. Proud Sponsors Of Boredom weet niet te raken, en veroorzaakt vooral onverschillig schouderophalen.

Kill The Young anno 2006: een jong Brits trio, drie broers zelfs, die hun ambities niet onder stoelen of banken steken. Na het verschijnen van het titelloze debuut wonden de jonge honden er geen doekjes om: voor hen geen toekomst in rokerige indiezaaltjes; de heren wilden binnen afzienbare tijd in sportstadia staan, waarom speel je anders in een band? Een jaar later is die ambitie geenszins getemperd, maar of Proud Sponsors Of Boredom een enkeltje stardom zal opleveren, valt te betwijfelen.

If it ain’t broke, don’t fix it, het zal ons niet verbazen als het in koeien van letters tegen de studiowand hing tijdens de opnames van Proud Sponsors …. Met zijn tweede plaat doet Kill The Young namelijk het kunstje van de eerste plaat nog eens dunnetjes over, wat meteen duidelijkheid schept over de titel van het album. Misschien proberen ze de aloude teenage angst aan te spreken, maar zelfs in dat geval komt Kill The Young ruim tien jaar te laat: boredom lijkt geen issue meer te zijn, en als artiest kan je dan maar beter met iets anders op de proppen komen, zelfs wanneer je groepsgeluid voorzien is van een likje grunge.

Net zoals het debuut is Proud Sponsors … een schoolvoorbeeld van het luid-stil-luid-principe. Hoewel deze formule al is uitgemolken door zowat iedereen die een gitaar kan vasthouden, blijkt ze voor de Gorman-broertjes nog steeds de favoriete speeltuin. Daarenboven zet het drietal ditmaal zijn ruigere kant in de verf, zonder dat dit een meerwaarde oplevert. Het geheel klinkt minder gladjes als een jaar geleden, maar “Biting The Bullet” en “She’s Got It All”, de twee meest tot de verbeelding sprekende nummers op Proud Sponsors … kunnen toch niet van veel eeuwigheidswaarde worden beticht.

Komt daar nog bij dat Kill The Young meer dan eens de emo-kaart lijkt te trekken, in een poging een lucratief marksegment aan te boren. Zo weerklinken echo’s van Him en Muse in “Miss-Education”, een song waarin gigantische gitaarmuren worden opgetrokken die voor een ogenblik indrukwekkend zijn, maar even snel instorten wanneer de nasale stem van Tom Gorman de flard magie doorkruist. In “The Television Show” gaat Kill The Young zelfs nog een stap verder: de gitzwarte ballad weet zowaar een snaar te raken, maar niet de juiste. De rillingen die het nummer opwekt zijn huiveringen zoals we die niet meer hadden sinds de Twin Towers voor onze ogen in elkaar zakten.

In het afsluitende “All By Myself (part 2)” doen de broertjes nog een ultieme poging de meubelen te redden, en wanneer we onszelf op wilde hoofdbewegingen betrappen, moeten we toegeven dat Kill The Young nog steeds het heilige vuur van de eerste plaat in zich heeft. Alleen is het nu hoog tijd dat de broers de waakvlam waarin ze veranderd zijn, weer oppoken en zorgen voor een knetterend en zinderend vervolg de groepsnaam waardig.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − zeventien =