Jimi Tenor & Kabu Kabu :: Joystone

“Take me baby / Take me now”: dat zinnetje was voor velen de eerste kennismaking met Jimi Tenor. Dertien jaar later staat de gekke Fin verder dan ooit af van de klank van zijn doorbraak, maar zijn eigenzinnigheid houdt moeiteloos stand. Enter Joystone.

Wie indertijd afknapte op dat ene zinnetje, zal vandaag verrast zijn wanneer hij Jimi Tenor (geboren als Lassi Letho) hoort. Het voorbije decennium is zijn geluid geëvolueerd naar een experimenteel en organisch klankenbord dat de grenzen tussen dance, funk en vooral jazz aftast. Wat deze nieuwe plaat vooral van zijn voorganger Beyond The Stars (uit 2004) onderscheidt, is de toevoeging van het Afrikaanse ritmetrio Kabu Kabu. De onderbuik staat in verbinding met het brein: de Fin weet zijn buikgevoel te vertalen in knappe arrangementen, waarin onder andere toonaangevende jazzmuzikanten en landgenoten Jukka Eskola (trompet) en Timo Lassy (sax) in het gelid en op de afrobeat lopen.

Jimi Tenor, zelf een uitstekend saxofonist en toetsenist, legt alvast de blauwdrukken vast voor nieuwe en ongetwijfeld in improvisatie ontsporende optredens (zoals vorig jaar in Het Depot, bijvoorbeeld). Vrees echter niet voor loden composities die even zwaar op de maag liggen als negen rondjes raclette. Tenor kweekt met spacy synthgeluiden en hier en daar een dikke knipoog een aangename lichtvoetigheid die naar de dansschoenen doet grijpen, liever dan naar de Rennie. Aftrapper “Anywhere, Anytime” komt even prettig binnenvallen als de zon bij het openen van de gordijnen op een zomerochtend.

“Green Grass” is een vlot en jazzy bigbandbruggetje dat je meeneemt naar “I Wanna Hook Up With You”. Daar begint de pret: “I didn’t get your name / I wanna hook up with you”. Ongetwijfeld één van de meest aanstekelijke melodieën die we dit jaar al hoorden. “Hot Baby” is een parallelvertelling tussen typische Tenor en een soulvol Shaftdeuntje, waarbij er af en toe een kronkelende vrouw, die naar haar seksueel kookpunt begeleid wordt, in je oorschelp kruipt. Net zoals “Bedroom Eyes” heeft het die kige humor van de stuntelige eerste kus die uitmondt in een frontale neusbotsing.

Ook de rest van het plaatje smaakt zoet. Het zal niet meer verrassen, maar ook niet teleurstellen. Tenor laat slechts af en toe de stembanden trillen: “Love is the only god” wordt enkele keren gehijgd in het gelijknamige nummer. Afgesloten wordt met het hysterische “Horror Water”, het fel gesmaakte “Sunrise” (van de gelijknamige e.p.) en “Ded”, een nummer dat een savanne oproept en waarin we eega Nicole Willis (zonder The Soul Investigators) iets horen beroeren dat volgens de credits een “chekere” is. Het is het enige moment waarop we uit de hele zorgvuldig opgebouwde Tenor-setting gezogen worden.

Lichtverteerbare jazzy zomerdeuntjes, opgenomen in het kille Finland, zo kun je deze plaat kort samenvatten. Wie Jimi Tenor kent, weet dat daar gerust een dikke vette keurstempel mag worden ingedrukt. Tel daarbij de knappe arrangementen, uitgesponnen maar naar onze mening nog veel te korte solo’s en de typische Tenor-met-uitgestreken-gezicht-humor bij en iedereen die enige affectie heeft met de eerder genoemde invloeden kan met Joystone geen miskoop doen.

Wie Jimi Tenor live aan het werk wil zien, kan op vrijdag 13 juli terecht op Dour Festival, of op zaterdag 14 juli op Kortrijk Congee. Dat weekend zelf “op congee”? Vrijdag 10 augustus komt hij terug om Recyclart (Brussel) aan te doen en op 13 december treedt hij in de Vooruit in Gent aan met een speciaal project in samenwerking met Flat Earth Society.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 4 =