Tokyo Police Club :: 26 februari 2007, AB Club

“Live is the proof, live is the only way to know for sure” luidt het motto van een dubbelaar die Henry Rollins en z’n makkers een vijftal jaar geleden uitbrachten. Muscleman mag dan wel z’n tegenstanders hebben, ook wij zijn geneigd te denken dat een rockband pas echt de moeite is als hij het live kan bewijzen. Die van Tokyo Police Club hebben nog een aardige weg af te leggen.

We hebben het voorbij-voor-je-‘t-beseft-e.p.’tje A Lesson In Crime regelmatig opgelegd de laatste weken. De vier snotneuzen gaan niet bepaald vernieuwend tewerk, maar de abrupte wendingen, frisse sound en ietwat kige voorkeur voor sci-fi-thematiek zorgt er steeds voor dat we geboeid blijven. Door enkele oppervlakkige gelijkenissen vertrokken we dan ook naar de Brusselse concerttempel met hoge verwachtingen en herinneringen aan de AB-passage van The Strokes na het verschijnen van Is This It?

De Newyorkers moesten destijds niet eens ten tonele verschijnen om het publiek uitzinnig te krijgen, en toen ze dan toch verschenen werd het dak helemaal eraf geblazen. Het was daarbij leuk meegenomen dat niet enkel de band, maar luttele seconden later ook het publiek stijf stond van de adrenaline. Tijdens het goed half uurtje dat de vier Canadese postpunkers het podium innamen, voelden we helaas geen enkele keer iets van die opwinding. De band deed nochtans zijn best: met “Cheer It On”, de frenetieke opener van de e.p., werd meteen een knaller bovengehaald. Live bleek die helaas niet te werken.

Dat de band daarbij diende op te boksen tegen een lamentabele sound (gitaar? Welke gitaar?) speelde ook niet in zijn voordeel. De energie was er wel, maar het was allemaal wat rommelachtig, frontman David Monks zong er meer naast dan op, en van enige focus was er geen sprake. Doorheen het goed dozijn songs zou de werklust van de band (en de hyperkinetische keyboardspeler in het bijzonder) een constante blijven, en ze deden er alles aan om de spanning erin te houden (meebrullen, met een vlag zwaaien en tamboerijntjes de lucht in gooien), en… het mocht niet baten.

Op plaat mag een song als “If It Works” nog zo aanstekelijk klinken, live oversteeg de band amper het talentjachtniveau. Vooral tijdens de eerste helft van de set passeerden een aantal nieuwe songs, die vermoedelijk terug te vinden zullen zijn op het volwaardige debuutalbum dat er later dit jaar staat aan te komen, al brachten ze geen beterschap. Integendeel, ze leken minder speels en inventief dan de korte, al bekende erupties.

Vanaf het tweede deel van de set was er verbetering in zicht. Songs als “Citizens Of Tomorrow” en “Shoulders & Arms” konden bijna voorkomen dat de gedachten afdwaalden, maar enkele seconden denken aan de goede concerten die we het voorbije jaar te zien kregen waren voldoende om ons eraan te herinneren dat een in de lucht geprezen bende jonge honden resoluut de kaart van de overdondering dient te trekken. “Nature Of The Experiment” en “Be Good”, verstandig weggestopt aan het einde van de set, konden er gelukkig wel voor zorgen dat het beste werd bewaard tot het laatste.

A Lesson In Crime was niet overdonderend, maar wel voldoende om ons te doen uitkijken naar de langspeler. Over die verwachting hangt nu een waas van sceptiscisme, en om die te doen verdwijnen, zal die plaat dan ook van een straf kaliber moeten zijn. Een Nederlandse collega vatte hun concert in de Amsterdamse Paradiso samen als “sen-sa-tio-neel”. In goede goddeau-traditie (u kent ons toch) houden wij het voorlopig op “pa-tat-ten-voor-stel-ling”.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × 3 =