Therion :: Gothic Kabbalah

1 januari 2007. De gemiddelde metalliefhebber zit gezellig te
tafelen met familie en vrienden. En plots krijgen we het: de goede
voornemens. De één stopt met roken, de ander gaat terug fitnessen,
een derde zal minder op café gaan en de metalman… die neemt zich
voor om minder geld uit te geven aan cd’s. Wel, beste
muziekliefhebber, laat dat idee al maar varen. Hier hebben we al
meteen een zeer verantwoorde, zij het uitgestelde uitgave van de
nieuwjaarscentjes. De nieuwe Therion is er eindelijk en laat bitter
weinig te wensen over.

Het dubbelalbum ‘Lemuria/Sirius B’ (2004) werd door velen positief
onthaald, maar voor elke fan was er ook een criticaster die het
geheel erg plattekes vond klinken. Christofer Johnsson, de bezieler
van de band, leek niet meer te weten welke muzikale richting hij
met Therion uit moest. De inspiratie leed zwaar onder dit gebrek
aan zekerheid, wat vooral te horen was aan het matte drumwerk en de
soms belachelijk domme en eenvoudige riffs.

Anno 2007 hebben de mannen van Therion de knoop doorgehakt. Op
‘Gothic Kabbalah’ gaan ze voluit voor heavy metal met klassieke
invloeden, een beslissing die hen, als we dit album als een teken
aan de wand mogen beschouwen, geen windeieren zal leggen.
Opener ‘Mitternacht Löwe’ is meteen raak. Het eerste wat opvalt, is
dat Therion zijn muze heeft teruggevonden. Afgezien van de gitaar,
drum en zang is er nu ook altijd heel wat gaande op de achtergrond,
wat zorgt voor een voller klinkend geheel. Bevestiging krijgen we
met het titelnummer, dat die creatieve draad oppikt en met het heel
knappe refrein een extra stok achter de deur houdt. Voor het eerste
echte hoogtepunt is het wachten tot nummer vier, ‘The Wisdom and
the Cage’, dat blijft boeien door het erg catchy refrein en de
toevoeging van experimentele geluiden. Op sommige momenten wordt er
zelfs geflirt met popmuziek, al komt het nooit tot
tongzoenen.

Ook tijdens het krachtige, epische ‘Son of the Staves of Time’ is
het variatie troef. Rustige operastukken worden afgewisseld met
echte power metal, wat voor een uiterst interessante
kruisbestuiving zorgt. Dat geldt evenzeer voor ‘Tuna 1631’, een
nummer dat absoluut niet uit de toon zou vallen tijdens een of de
andere metalopera. Ook hier is de sound krachtig en maken enkele
superheavy riffs en een knappe gitaarsolo de dienst uit. ‘Gothic
Kabbalah’ blijft verbazen met het rustige maar ongelooflijk
meeslepende ‘Trul’, waarna ‘Three Treasures’ Therions terugkeer
naar een iets mysterieuzere sound mag markeren.
Geen enkel nummer op deze nieuwe Therion lijdt aan magerzucht.
Integendeel, afsluiter ‘Adulruna Rediviva’, een meer dan twaalf
minuten durend epos is zowat as good as it gets.

De krachtige, weldoorvoede en -doordachte sound en arrangementen
van ‘Gothik Kabbalah’ staan in schril contrast met die van zijn
voorganger, en dat levert een plaat op waar je ook na de zoveelste
beluistering nog compleet door uit het lood zal geslagen worden.
Een geslaagde terugkeer? You betcha!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

13 + elf =