El Método




Iedereen heeft zo z’n eigen manier van sollicitaties afnemen.
Bij mij is het simpel: wanneer iemand voor deze fijne website wenst
te schrijven, dan spreek ik met die persoon af in een middelmatig
druk bezocht café, en op een onverwacht moment tijdens de
conversatie roep ik opeens: “Kijk daar! Lieven Debrauwer!” Indien
mijn kandidaat niét onder het tafeltje duikt en bibberend een
weesgegroetje begint te prevelen, is hij duidelijk ook niet
geschikt voor de job. Bepaalde gevoeligheden kun je nu eenmaal niet
aankweken of afleren, die moeten er gewoon zíjn. In ‘El Método’,
een satirisch Spaans thriller/drama, maken ze ‘t echter heel wat
moeilijker.

We volgen zeven mensen die allemaal meedingen naar een
kaderfunctie in een groot bedrijf. Ze zijn allemaal al enkele keren
op gesprek gekomen, en weten dus van mekaar dat ze bij de laatsten
zijn. Terwijl ze in een vergaderzaal voor de zoveelste keer een
formulier zitten in te vullen, sluiten plots de deuren en krijgen
ze op hun computers het bericht dat ze voor hun eindselectie
onderworpen zullen worden aan de Grönholm-methode. De sollicitanten
moeten een aantal psychologische tests ondergaan om te checken wie
van hen de geschikte kandidaat is: ze moeten een leider kiezen, een
mol vinden die eigenlijk al voor het bedrijf werkt, ze moeten hun
eigen positie verdedigen enzovoort. In het verloop van die
opdrachten worden ze echter steeds radicaler tegenover elkaar
geplaatst. Ze worden door de tests gemanipuleerd om elkaar aan te
vallen en, indien mogelijk, af te maken. Want een job voor mij
betekent per definitie een job die niét naar jou gaat. De
spelletjes die de sollicitanten spelen worden steeds venijniger en
wreder.

Maar maak u vooral geen illusies: aan die wreedheden komen
trektang nog vingernagel te pas, en als er al iemand een druppel
bloed vergiet, dan is het omdat hij zich gesneden heeft aan een vel
papier. De gruwel in ‘El Método’ is louter psychologisch: waartoe
zijn de kandidaten bereid om toch maar aan die job te raken, en
waar legt het bedrijf de grens in z’n praktijken? Dat zijn de twee
vragen waar regisseur Marcelo Piñeyro in geïnteresseerd is, en hij
is redelijk succesvol in het ontwikkelen van zijn
vraagstelling.

Enerzijds is er natuurlijk het thema van de dog eat
dog-businessworld,
waarin mensen tot steeds groter extremen
worden gedwongen om zich te handhaven. De ongeziene bazen van de
firma, enkel vertegenwoordigd door de immer glimlachende
receptioniste Montse (Natalia Verbeke), pushen hun
sollicitanten tot ze zichzelf en anderen vernederen in de naam van
die baan. Ze vereisen van hun toekomstige werknemer schijnbaar dat
die weinig meer is dan een zoveelste hamster in een molentje, die
gedachtenloos rondloopt en zich niet afvraagt waarom. De macht die
een bedrijf kan uitoefenen (en bijgevolg misbruiken) over de geest
van zijn werknemers, wordt hier niet alleen in vraag gesteld maar
onthuld als mogelijk desastreus. Maak de mensen wanhopig genoeg
(financieel en moreel) en ze zullen voor de job en voor de pree
àlles voor je doen.

Dat concept krijgt ook een spiegel in de buitenwereld. Terwijl
de zeven sollicitanten boven in hun vergaderzaal een gevecht
leveren tot de C4 erop volgt, vindt er beneden immers een o zo
subtiel symbolische demonstratie plaats tegen het globalisme – een
demonstratie die we nooit zien, maar enkel horen, omdat het budget
waarschijnlijk niet anders toeliet. De machtsstrijd tussen gewone
mensen die eigenlijk alleen een job willen en het grote bedrijf,
vindt in die betoging een mooie echo. Wat buiten op straat op grote
schaal gebeurt, gebeurt ondertussen in die kamer op kleine
schaal.

Anderzijds zijn de werkzoekenden in ‘El Método’ ook niet
allemaal lieverdjes. Het is fascinerend om te zien hoe de zeven
personages, eens ze in de vergaderzaal worden opgesloten,
ogenblikkelijk een soort van mini-samenlevinkje gaan contrueren,
met een leider, enkele volgelingen, mensen die zwakker en sterker
staan, een wezel die achter de leider aanloopt, iemand die continu
de boel wil saboteren enzovoort. Breng twee mensen samen en de één
zal zich aan de ander onderwerpen. Breng drie mensen samen en je
hebt een machtsstrijd, zo luidt het cliché, en dat concept krijgt
hier een zeer knappe illustratie. Het bedrijf hoeft uiteindelijk
niet zo gek veel te doen: ze moeten enkel een context creëren
waarin de sollicitanten zich tegen elkaar kunnen keren. Eens de
kandidaten die gelegenheid hébben, zullen ze dat immers
gegarandeerd ook doen. Rond die tafel ontwikkelt zich een
maatschappij-in-het-klein, en newsflash: het gaat niet zo
lekker met de maatschappij.

Als drama bekeken is ‘El Método’ één van die films die z’n
oorsprong als toneelstuk nooit tracht te verbergen. In principe
gaat het hier over zeven mensen die in een kamer zitten en praten.
Gezien het concept van de prent was dat theatrale aspect allicht
onvermijdelijk, en waarom zou de regisseur het ook hebben wíllen
vermijden? De beperkte locatie zorgt immers voor een aardig
claustrofobisch sfeertje, dat zeker tijdens de eerste helft van de
film erg goed op de kijker weet in te spelen.

Daarna echter begint het scenario enigszins uit de hand te
lopen. Tijdens een middagbreak tussen de feestelijkheden beginnen
de ongeloofwaardigheden zich stilaan op te stapelen (‘El Método’
bevat waarschijnlijk de meest bij de haren gerukte seksscène die we
dit jaar te zien gaan krijgen), en ook daarna krijg je continu de
indruk dat de makers het wat te ver gaan zoeken. De kracht van het
eerste deel zat ‘m grotendeels in de plausibiliteit ervan – de
situatie is dan wel vanaf het begin geforceerd, maar de personages
reageren daar op een normale manier op, zodat we erin kunnen
volgen. Vanaf de helft van de film vinden er echter plots een
aantal bizarre verschuivingen binnen de personages en de situaties
plaats die maar moeilijk weg te verklaren zijn.

En dat is jammer, want de thematiek is er nog steeds en blijft
even boeiend. Ook de beeldvoering is oké: de openingsscène bedient
zich van een nogal nutteloze en irritante split screen,
maar daarna gebruikt Piñeyro een effectieve, klinische,
ziekenhuisachtige belichting en subtiele, understated
camerabewegingen om z’n verhaal te vertellen. En dat is zoals het
moet zijn. ‘El Método’ is sowieso een interessante film, met een
uitstekend eerste uur. Dat het verhaal daarna de bocht uitgaat, is
zeer jammer, maar niet fataal, want tegen die tijd ben je wel méé.
Enfin, je voelt ‘m aankomen: geen hoogvlieger, maar zeker ook niet
verticaal te klasseren.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien + 4 =