Boy Kill Boy :: Civilian

De groepsnaam van deze vierkoppige band uit Londen zou eigenlijk,
de vervoegingsfout niet te na gesproken, een kop uit de krant van
de afgelopen weken kunnen zijn. Gelukkig hebben deze mannen niets
maar dan ook niets te maken met het (zinloos) geweld dat
tegenwoordig niet uit het nieuws te bannen is. Deze jongens willen
gewoon the next big thing zijn en over het kanaal is hen
dat al aardig gelukt. Ze mochten er al touren in het voorprogramma
van Hard-Fi en op dit moment zijn ze zelfs de hoofdact op de New
Music Tour van het Engelse muziektijdschrift NME.
Hun debuutsingle ‘Back Again’ zorgde er al voor een stortvloed aan
superlatieven, die een gezonde voedingsbodem bleken voor de hype.
Voor wie wil controleren of deze loftuitingen terecht zijn, is er
nu dan eindelijk het debuutalbum ‘Civilian’.

Dat de plaat nog geen 45 minuten duurt, hebben ze waarschijnlijk
afgekeken van hun voorbeelden uit de jaren 80, toen er maar een
tiental nummers op een vinylplaat konden geperst worden, of lijdt
deze groep nu al aan muzikale bloedarmoede? Opener en debuutsingle
‘Back Again’ is alvast een schot in de roos. Onmiddellijk komen er
herinneringen aan de adrenaline-rock van The Killers naar boven.
Een meer dan terechte single, waarvan het helemaal niet
verwonderlijk is dat hij zo veel aandacht genereerde.
Ook tijdens de volgende tracks gaat het tempo amper naar beneden.
‘On and On’ klinkt nog voller dan zijn voorganger en is gezegend
met een refrein dat zo scherp is dat het zich onmiddellijk in je
schedel boort. Dat dit meebrulbaar en uiterst dansbaar refrein wat
in een emo-sausje heeft liggen marineren, willen we de
lads best vergeven. We knijpen zelfs een oogje dicht bij
de riff van de huidige en steengoede single ‘Suzie’, die gewoonweg
gepikt is van Hard-Fi’s ‘Hard to Beat’. ‘Six Minutes’ moet het dan
weer hebben van zijn spacy synthesizer sound, maar weet echter niet
zo goed te overtuigen als de eerste drie openingssalvo’s van
‘Civilian’.

‘On my Own’ mag dan van betere makelij zijn – vooral die spacy
synth break op het einde van de song weet ons te bekoren – toch
begint het stilaan te dagen dat Boy Kill Boy niet echt veel
variatie in zijn songs weet te leggen. We krijgen steeds hetzelfde
tempo voorgeschoteld, telkens met een onverwoestbaar refrein dat
zonder problemen elke hersencel weet aan te tasten. Slechts twee
keer mag het tempo naar beneden op dit debuut: in ‘Ivy Parker’, dat
in het refrein anthem-kwaliteiten probeert te ontplooien maar daar
toch niet volledig in slaagt, en tijdens afsluiter ‘Shoot me Down’,
een ballad waarvan we het warm noch koud krijgen. Of hoe deze
veelbelovende plaat een beetje in mineur de pijp uit gaat. Gelukkig
duikt er nog een ghost-track op waarmee Boy Kill Boy dan toch kan
bewijzen dat ze best een degelijke ballad kunnen schrijven;
degelijk maar ook alweerl niet onvergetelijk.
Draak van dienst is evenwel ‘Killer’, een slechte
jaren-80-synthesizer popsong die zelfs Duran Duran niet op een
b-kantje zou willen zetten. Het refrein van deze song is dan ook
het totaal tegenovergestelde van wat het zelf beweert te zijn:
Killer killer song!“? Ik denk het niet!

De reeks sterke songs waarmee Boy Kill Boy ons aanvankelijk wist in
te pakken, kunnen niet verhinderen dat we toch een beetje
onbevredigd achter blijven. Bijna elke song op deze plaat zal ons
apart – als radiosingle bijvoorbeeld – zeker kunnen overtuigen en
ons zelfs een dansje doen wagen, als een geheel verzandt ‘Civilian’
in goede bedoelingen. Wellicht hadden een strengere producer en een
langer schrijfproces het album van de middelmaat kunnen redden. Nu
moeten we het doen met een half geslaagde schijf die niettemin
enkele mokerslagen bevat waar menig poprockbandje een moord zou
voor doen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × twee =