Ben Kweller :: Ben Kweller

Met zijn zelfgetitelde plaat lijkt Ben Kweller er voor het eerst in te zijn geslaagd om in heel Europa een beetje aandacht los te krijgen, iets dat het er niet minder betreurenswaardig op maakt dat het inmiddels vijfentwintigjarige kindsterretje uit Dallas net nu voor de eerste keer aan een audit toe is.

Hoe zit het met de houdbaarheidsdatum van een jonge twintiger die zijn puberale, bittere pijnen in muziek besluit om te zetten? Het leek Ben Kweller met zijn eerste soloplaat Sha Sha na de split van zijn grungegroep Radish alvast voor de wind te gaan. In een soortgelijke stijl als Cuomo Rivers slaagde hij erin om zijn schijnbaar vrolijke liedjes te doordrenken met een speciale bitterheid, namelijk de blues van een net uit de puberteit ontwakende jonge man voor wie het leven niet altijd van een leien dakje loopt.

Dat imago wist Kweller met On My Way in 2004 staande te houden, al trok hij zijn registers toen al iets verder open. In "Hear Me Out" haalde hij er bijvoorbeeld een Dylaneske mondharmonica bij, terwijl de blues van "Hospital Bed" inhoudelijk al iets meer naar volwassenheid neigden, iets dat duidelijk maakte dat Kweller toch wel uit was op meer.

Dat Kweller het echter altijd van de inhoud van zijn songs moest hebben, is geen geheim. Kwellers stem straalt nu eenmaal — in grote tegenstelling tot die van een hoop andere en oudere songwriters als pakweg Johnny Cash, Bob Dylan en Tom Waits — geen natuurlijke blues en levensmoeheid uit, en hij was daardoor altijd verplicht om zijn boodschap op een andere manier te verkopen.

Het is vanuit zijn positie bijgevolg niet gemakkelijk om te blijven bevestigen. Enerzijds is er het merkproduct van het gekwelde maar toch al bejaarde pubertje dat Kweller steeds moeilijker verkocht krijgt, anderzijds is er Kwellers stem die maar niet met zijn leeftijd mee lijkt te willen evolueren. Dat blokkeert Kweller ergens om volwaardige, volwassen muziek te maken. Aanvankelijk was dat één van zijn charmes, maar tegenwoordig is het toch eerder een knelpunt, dat op Ben Kweller meer dan ooit naar voren komt.

Dat mag bijvoorbeeld uit de opener "Run" blijken. Daarin bezingt Kweller dat hij sinds zijn vijftiende altijd op de vlucht is geweest voor routine, maar dat hij er tegenwoordig wel mee kan leven zich te settelen. Dat staat redelijk haaks op de lichte, speelse toon van het nummer. Hetzelfde komt voor in "Nothing Happening", een liedje over de verplichting om in een relatie volwassen te worden. De tekst is heel scherp van aard en botst een beetje met de uitvoering ervan, iets dat door het ongerepte stemmetje van Kweller natuurlijk nog meer bemoeilijkt wordt.

Nu had Patrick Janssens op rode zondag natuurlijk overschot van gelijk met zijn bewering dat het wel nooit mogelijk zal zijn om een kat te melken, maar wat moeten wij dan weer met een prachtsong als "I Gotta Move"? Het is een song waarin Kweller voor een keer uitzonderlijk licht klinkt, en het is zelfs verre van slecht. Met een plaat vol lyrics in de aard van "I gotta move while the streets ahead are sunny, fall in love with some honey…" kan hij mogelijk zelfs Brian Wilson achterna en lukt het hem wellicht om een regelrechte trip naar de zon te schrijven.

Niet dat een dergelijk lichtpuntje volstaat om Ben Kweller op een succes te laten uitdraaien. Daarvoor lijkt Kweller voor een keer teveel op automatische piloot te rijden. Wij zien hem liever liters rum drinken en een aan syfilis lijdende hoer verkrachten, om daarna nog eens met een plaat terug te keren. Kwestie van een paar onbreekbare potjes mogelijk toch te breken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien + zestien =