In-Kata :: Farewell Masquerade

De Belgische gitaarunderground heeft zich lang laten kenmerken door
gammele, door haperende TL-lampen verlichte repetitiekoten, waar
stroefheid en voorspelbare platitudes de hoofdmoot uitmaakten. Nu
lijkt er zich echter een perpetuum mobile van degelijke tot
uitstekende acts te manifesteren. Hitch , Amenra, The Sedan Vault, Soon en noem maar op:
sub terra roeren de interessante bands zich om de lift te nemen
naar een groter publiek en groeiende aandacht. Het Antwerpse
In-Kata koppelt ook een (voorlopig) incrowd-karakter aan ambitieuze
gitaarrock en zorgvuldig uitgewerkte composities. ‘Farewell
Masquerade’ bevat negen sterke songs, waarin de ongeremde furie van
Fugazi en At The Drive-In wordt
getemperd door melodieuze Motorpsycho-zangpartijen en
onvoorspelbare, dynamische songstructuren. Een aandachtig stel oren
en meerdere luisterbeurten: meer zal de alternatieve
gitaarliefhebber niet nodig hebben om In-Kata aan zijn of haar hart
te drukken.

Zoals een leraar die zijn bord niet grondig afveegt, slaagt In-Kata
er niet in om tabula rasa te maken met het verleden. Als Quetzal
had de groep immers al met emo-grootheden als At The Drive-In en
Cave In getourd en die invloeden
schemeren ook bij In-Kata (met nieuwe drummer, Bram Sigo) door.
Toch klinkt de band bevrijd, want de grenzen van hun muzikale
kunnen worden op ‘Farewell Masquerade’ nog verlegd. Of hoe een
naamsverandering als een opspuitende geiser van inspiratie kan
fungeren. Bovendien werd dit gitaaravontuur van verrassende
wendingen en uitgepuurde arrangementen geproduceerd door Tom
Pintens (Zita Swoon en 2000 Monkeys). Pintens zorgt voor een
behoorlijk heldere productie (prachtige gitaarlijnen volgen elkaar
in sneltempo op), die toch grofkorrelig genoeg is om de rockadepten
te charmeren.

Alsof Millionaire zich waagt aan
Tool-composities, alsof The Mars Volta zijn eclecticisme even
laat voor wat het is en de gitaren het hoge woord laat voeren: de
ziekelijke recensentendrang om bands te plaatsen is ook ons niet
vreemd en deze vergelijkingen schoten ons dan ook snel te binnen.
Op de met akoestische gitaren gelardeerde, melancholische afsluiter
na, neemt In-Kata immers ruim de tijd om verschillende
gemoedsstemmingen, intensiteitswisselingen en klankkleuren aan
elkaar te rijgen. Opener ‘In a Black Iron Frame’ begint
bijvoorbeeld erg melodieus met zacht beroerde gitaren en mooie
backings, maar schakelt even snel over op smerige gitaarerupties en
tegendraadse soli. Ook ‘Line on Lines’ en ‘Waves’ bewegen zich
tussen scheurende gitaarpassages, bedaarde pauzes en dreigende
crescendo’s. Soms dreig je even door de bomen het bos niet meer te
zien, maar enkele draaibeurten laten dat gevoel snel wegebben. Onze
huisfavoriet is ‘Nothing to No One’: een moordsong met kloten aan
het lijf zonder in masochisme te vervallen. Een geduldige opbouw
met zachte briesjes van backing vocals mondt uit in een storm van
gitaar- en drumgeweld, waarin Sigo, Strecker en de twee Cré’s hun
technische onderlegdheid onderstrepen.

Wie zijn muzikaal chauvinisme wil kanaliseren in minder
voorspelbare, hapklare brokken van tegendraadse gitaarschoonheid,
dient zich onmiddellijk ‘Farewell Masquerade’ aan te schaffen.
In-Kata neemt je namelijk niet als een kleuter bij de hand, maar
laat je zelf de weg zoeken in hun mini-labyrinten van rockgitaren
en popmelodieën. De voldoening, die het ontdekken van de vele
prachtmomenten op deze plaat met zich meebrengt, is er alleen maar
des te groter door. Te ontdekken!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − acht =