Bob Urh & The Bare Bones :: Hoodoo Garage

Hoodoo Garage is een erg misleidende titel voor de plaat die het is. Zo beantwoordt Bob Urh & The Bare Bones niet bepaald aan het klassieke beeld van de moderne garage. Hoodoo Garage is veeleer de plaat van een uiterst getalenteerde singer-songwriter, die u op een zeer eigenzinnige manier met het meest essentiële uit vijftig jaar rock-’n-roll laat kennismaken.

Wie er veel plezier aan beleeft lang uitgerokken songs met slechts twee tot drie akkoorden à la "Last Trip To Tulsa" van Neil Young te beluisteren, heeft er met Bob Urh & The Bare Bones een niet te missen belofte bij. Urh — die al even vaak in een trip met zichzelf lijkt verzonken — slaat zijn snaren op een zeer minimalistische wijze aan, maar slaagt er op die manier in monumenten van songs neer te poten, wat werkelijk subliem is en wat bovendien zeer vaak herinneringen aan de klassieke platen van grootmeester Neil Young oproept.

Urh is echter veel meer dan de rip-off van een van de grootste singer-songwriters uit de geschiedenis van de rock-’n-roll. Urh heeft een zeer uitgebreide muziekkennis, en die gooit hij op Hoodoo Garage zomaar te grabbel, wat ervoor zorgt dat je op den duur zowel Neil Young als Johnny Cash, Mick Jagger, Bruce Springsteen, Lou Reed en Bob Dylan hebt gehoord, zonder dat je er ooit echt in slaagt één specifieke naam op één song te plakken.

Urh laat zich in songs als "Graveyard Shift" en "Bad World Revisited" als de gitzwarte grafdelver opmerken, maar slaagt er in andere songs net zo goed in zijn groovy kant naar boven te laten komen. Neem nu "The Sky Is Crying": de song lijkt qua melodie zeer veel op "Wild Horses" van The Rolling Stones, maar kleurt een stuk minder binnen de lijntjes, wat er uiteindelijk voor zorgt dat het nummer als een wilde versie van iets van de Stones klinkt. Reken daar nog bij dat Urhs stem van veel meer blues doordrongen is dan die van Mick Jagger, en u weet precies wat u aan Bob Urh & The Bare Bones heeft.

Het feit dat je na de beluistering van Hoodoo Garage — ondanks de breed uitgesmeerde referenties — toch nog altijd de indruk hebt dat je één artiest met één begeleidende groep hebt gehoord, bewijst dat Bob Urh & The Bare Bones er als groep staat. Urh weet maar al te goed wat het betekent om genoeg afstand te houden tussen invloeden van buitenaf en een eigen interpretatie, en dat talent brengt hij op Hoodoo Garage zeer mooi in kaart.

Wie daar nog even de bedenking bij maakt dat Hoodoo Garage eigenlijk een vrij onstuimige en ongepolijste plaat is, moet wel beseffen dat Urh niet de minste is. Het is leuk om groepen als The Immortal Lee County Killers en Two Gallants de wereld te zien bewijzen dat Noord-Amerika vol muzikale schatten ligt, maar het zijn uiteindelijk bands als Bob Urh & The Bare Bones die keer op keer aantonen dat het noodzakelijk blijft om niet te veel vertrouwen in die hypes te stellen en zelf ook al eens wat verder te kijken.

De achterkant van de plaat toont een foto van Urh die — gehuld in een tijgervellen jasje en met strakke spijkerbandjes aan de polsen — rustig een wandeling over een kerkhof maakt. Het is een foto die aanvankelijk ongeloofwaardig lijkt, maar dat is een indruk die na de beluistering van Hoodoo Garage vlug over gaat. Urh is een kind van de rock-’n-roll in al zijn facetten en Hoodoo Garage is daar de perfecte weerspiegeling van.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × 4 =