Whipster :: Road Apple

Doelloze omzwervingen hebben iets oneindig melancholisch en poëtisch in zich dat de nomade in ieder van ons ergens wel weet te boeien. Verlaten, nachtelijke wegen in het uitgestrekte Amerikaanse binnenland, troosteloos overbelichte koffiehuizen in the middle of nowhere en met reverb omgeven gitaarmuziek: de geest van de americana verovert onze Noorderburen op Road Apple.

In het hoesje van Road Apple staat een citaat van Shane MacGowan als verklaring voor de titel: "It’s an apple that falls in the road. […] Bruised and Beautiful." We wilden dat we hetzelfde konden zeggen over deze tweede plaat van het Groningse Whipster, maar wat ons betreft blijft het toch vooral steken bij bruised. Nochtans begint het allemaal veelbelovend. Door stevig gitaarspel en het schaamteloze gebruik van een gigantische reverb op elke noot, zit de sfeer er meteen goed in. Wanneer ook nog eens zanger Peter van der Heide met zijn diepe, half-pratende, half-zingende stem begint te debiteren, wanen we ons alvast met een sigaret tussen de lippen in een versleten Mustang ergens in de vergetelheid van de Midwest. Wat sfeerzetting betreft, kent Whipster er wat van.

Even verderop wachten ons enkele zuiderse ritmes die zo aan een mistroostige versie van Calexico herinneren, en nog wat verder komt een steel gitaar de geest van Nashville oproepen. Een plaatje vullen met beelden kan Whipster als de beste, maar een verhaal krijgt de groep op dit album niet verteld. Het lijkt wel alsof de enorme reverb op de gitaren moet compenseren voor het akelige gebrek aan leven dat hier te bespeuren valt. Road Apple groeit of krimpt niet, durft nauwelijks af te wijken van zijn vaste lijn en gaat bijgevolg helemaal nergens heen. De hoofdthema’s van melancholie, droefheid en hoop worden als een bundel losse schetsen gebracht, maar komen op bijna geen enkel moment echt tot leven.

Bijna, want er zijn ook uitzonderingen. De laatste twee tracks op het album bouwen op naar een onverdiend krachtige finale, die op de valreep toch nog het kunnen van deze groep bewijst. Voor de eerste keer durft van der Heide hier immers net iets meer dan hypnotiserend zijn tekst opzeggen, en ook de toevoeging van een cello maakt het geheel een pak rijker. Maar het is vooral de niet volledige overgave aan mistroostigheid van begin tot einde, dat eindeloos depressief gefluister dat de rest van het album zo overheerst, waar deze laatste twee songs hun kracht aan ontlenen. Want laten we wel wezen: vrolijker zal je van het beluisteren van Road Apple sowieso niet worden, daar zorgt niet alleen de muziek maar ook de tekst voor.

Niet dat onze eigen viriele reputatie meteen aan het wankelen slaat bij het uiten van enige wanhoopskreten, maar er zijn grenzen aan het verheerlijken van de miserie die het leven nu en dan in petto heeft. En wat ons betreft heeft Road Apple die grenzen alvast met mijlen overschreden. Dat het per se allemaal zo donker moest zijn, daar kunnen we desnoods nog mee leren leven, maar dat de teksten daarenboven helemaal nergens over lijken te gaan, maakt het allemaal net iets onvergeeflijker. Verder dan losse flarden van halve zinnen en vage, zogenaamd diepzinnige gedachten geraken ze meestal niet.

Road Apple is geen slechte plaat, maar mist een stevige dosis durf en vitaliteit. Het lukt immers voorlopig niet de vakkundig geconstrueerde sfeerbeelden ook effectief tot leven te roepen. Het moment dat de mannen van Whipster daar wél in slagen, hebben ze alvast ook mijn aandacht. Allez, toch als ze iets aan die teksten doen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 − zeven =