British Sea Power :: Open Season

British Sea Power heeft over het kanaal de reputatie een van de
interessantste nieuwe groepen te zijn. De groepsleden dwepen met
alles wat met geschiedenis en literatuur te maken heeft en hebben
al meer dan eens over een podium, vaak opgefleurd door opgezette
dieren en oude meubels, in WO I-kostuums geparadeerd. Met hun
eerste album, ‘The Decline Of British Sea Power’, oogstten ze veel
kritische lof in Engeland en Amerika, en terecht. De vreemde
interesse van de groep werd gekoppeld aan superieure retrorock en
postpunk, wat onder andere Apologies To The Insect Life’ opleverde,
een eerbetoon aan Dostojevski. Helaas was dat album in onze
contreien bijna onvindbaar. Gelukkig krijgt de opvolger wél een
kans. Verrassend genoeg heeft er wel een kleine koerswending
plaatsgevonden. British Sea Power kiest niet de gemakkelijke weg
door gewoon een carbon copy van ‘The Decline…’ de wereld in
te sturen, maar vult ‘Open Season’ met 11 zuivere popsongs, die
toch zeer vitaal en hedendaags klinken. De band mag het dan al wat
rustiger aan doen, hun new wave- en postpunk-roots verloochenen ze
niet. Dat zorgt ervoor dat het gitaarwerk een prominente rol
inneemt, iets wat we zeker niet betreuren. Productioneel zijn de
ruwe kantjes dan ook niet helemaal weggewerkt. Het geheel klinkt
toch redelijk glad en ligt dus aangenaam in het oor, en de warme,
dromerige stem van zanger Yan zit goed van voor in de mix. Hij
voegt een soort van dramatiek aan de nummers toe, die uitstekend
bij zijn teksten past.

Een goede plaat steekt er gewoonlijk bovenuit door goede songs, en
daar hebben de mannen van British Sea Power er genoeg van. Bij
pareltjes als ‘It Ended On An Oily Stage’ en ‘Victorian Ice’ kan ik
niets anders dan goedkeurend knikken. Het grote sleutelmoment komen
we in het midden tegen: met ‘Please Stand Up’ en ‘North Hanging
Rock’ toont de groep volledig hun kunnen en stellen ze hun talent
ten toon. De eerste is een potige rocker die door een euforische
gitaarriff gedragen wordt, de laatste een zweverige ballad. Zo laat
British Sea Power over de loop van twee nummers zien dat ze
uiteenlopende genres zonder moeite aankunnen. En dat zijn dan nog
niet eens de beste nummers van de plaat. Die rol is namelijk
weggelegd voor het heerlijke ‘Like A Honeycomb’. De aandacht wordt
afgeleid door de onweerstaanbare melodie, waardoor bij eerste
beluisteringen niet opvalt hoe goed dit nummer in elkaar zit: de
juiste gitaar-accenten, de juiste versnellingen in tempo, en
bovendien een meer dan behoorlijke tekst. Zelfs het moment waarop
deze track geplaatst is, is slim bekeken. Zo komt het net na het
minst goede nummer, ‘How Will I Ever Find My Way Home?’. Op die
manier valt die kleine oneffenheid in de kwaliteit minder op. ‘The
Land Beyond’ trekt nog één maal de registers qua sfeer open,
alvorens ‘True Adventures’ op gracieuze wijze een einde aan ‘Open
Season’ breit.

De grootste kwaal waaraan ‘Open Season’ lijdt, is waarschijnlijk
het gebrek aan verscheidenheid in de nummers. Dit kan potentiële
luisteraars immers afschrikken: als je niet van het geluid houdt,
is er niet veel te beleven, hoe goed de nummers ook in elkaar
zitten. Toch verdient de groep applaus voor het bewaren van hun
eigenheid en het zoeken naar dat eigen geluid waar vele groepen in
hun loopbaan naar streven. De indie-clichés worden dan ook gelukkig
voor één keer vermeden. British Sea Power is in ieder geval een
groep om in het oog te houden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − zeven =