Woods :: Woods

Woods: een drieënvijftigjarige arts die zijn debuutplaat uitbrengt. Hoe veel zin heb je nog om verder te lezen? Toch doen raden wij aan, niets is wat het lijkt. Tenzij misschien de leeftijd. Maar ach, je bent maar zo oud als je je voelt.

Dat van die debuutplaat is eigenlijk half gelogen: Woods is geen debuutplaat. Het is de debuutplaat van Woods, maar niet van de man achter deze groep: Harry Woods. De brave man — en dat is hij ongetwijfeld gezien zijn andere bezigheid — vormde samen met Theo Van Hemelrijk de spil achter Toy. Een band die eind jaren zeventig en begin jaren tachtig twee schitterende platen uitbracht die helaas straal genegeerd werden door pers en publiek.

Alleen het nummer “Suspicion” raakte aan de oppervlakte en werd zowaar een bescheiden hit, waarmee de groep in bepaalde kringen (bij ondergetekende en drie vrienden) een cultstatus verwierf. Nog niet zo lang geleden dook het nummer opnieuw op: ditmaal tussen andere hippe muziekjes op de soundtrack van Tom Barmans Any Way The Wind Blows.

En daar begint het verhaal van Woods. Barman droomde van een reünieoptreden van Toy bij de presentatie van zijn film — net zoals hij toen overigens ook droomde van een reünieoptreden van Evil Superstars. De Antwerpse politie dacht daar duidelijk anders over: gesplit is geplit blijkt het motto te zijn van de dienders en ze legden het feestje dan ook stil nog voor één reünie zich kon voltrekken. Dat kon echter niet verhinderen dat er tussen Harry Woods en voormalig Toydrummer Marc Bonne een vonk oversloeg.

Het resultaat van die vonk, een fraai stuk Belgicana, ligt nu in de winkel. Door het unieke stemgeluid van Harry Woods waart de geest van Toy door deze plaat, maar een doorslagje van deze groep is Woods absoluut niet geworden. Woods toont aan dat Bonne en Woods meer in hun mars hebben dan rechttoe-rechtaan popsongs schrijven. Op deze plaat is er dan ook plaats voor de betere rootsrock. De heren kunnen niet alleen hun liefde voor artiesten als Ray Davies en John Hiatt kwijt, maar ook hun voorliefde voor twaalfsnarige gitaren.

Single “Crummy Little Girl” is een catchy deuntje dat dadelijk respect afdwingt bij de luisteraar. Het verraadt immers absoluut niet dat de maker ervan een frisse vijftiger is. Tot onze favorieten behoort, na een luisterbeurt of twintig, “It’s All Right”, al heeft dat vast met onze pluk de daglevenshouding te maken. Een levenshouding die ook als een zegen over de hele plaat hangt. Niets moet, alles mag, en dan nog liefst alles op zijn tijd.

Op die manier bewandelt Woods heel wat paadjes op zijn debuut. Er zijn niet alleen voornoemde up-temponummers, langzaam gaat ook, zo blijkt uit “To Lose You” en “Good Love Gone Away”. Dat laatste nummer heeft wel iets van Mark Knopflers solowerk, zij het dat de luisteraar hier geen gevaar loopt in een diepe coma te belanden tijdens het beluisteren. Prima plaat dus, al past ze misschien niet helemaal in het plaatje van wat tegenwoordig in hippe kringen van Belgische bands verwacht wordt. Maar ongetwijfeld speelt dat alleen maar in het voordeel van Woods.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 + negen =