Godsend




Jan Verheyen lacht alvast in z’n vuistje: over enkele jaren,
wanneer de televisierechten ervan zijn vrijgegeven, zal hij met
‘Godsend’ een prachtige nieuwe aanwinst hebben voor z’n “Filmnight
specials” – zet deze naast de camp classic ‘Intensive Care’
met Koen Wouters, en je hebt de perfecte double feature.
‘Godsend’ is dan wel gemaakt met grote middelen en grote sterren,
maar hij is net zo dom, clichématig en ronduit lachwekkend als dat
befaamde stukje Nederhorror. Het enige dat echt griezelig is aan
‘Godsend’, is de gedachte dat mensen als Robert De Niro (wo
bistu bleben, Jake La Motta?)
en zelfs Greg Kinnear (lang niet
slecht in ‘Auto Focus’) ermee
akkoord gingen om erin op te treden.

Het uitgangspunt van de plot klinkt nog enigszins belangwekkend:
Kinnear en Rebbeca “ik kan niet acteren, maar dààr let niemand op
wanneer ik in een film verschijn” Romijn-Stamos spelen Paul en
Jessie Duncan, een gelukkig getrouwd koppel met een achtjarig
zoontje dat zo onwaarschijnlijk lief en vrolijk is dat hij alleen
maar in een film zou kunnen bestaan. Die kleine, die de prominent
symbolische naam Adam meekreeg, slaagt er zelfs in om enthousiast
op en neer te springen omdat hij voor z’n achtste verjaardag een
rood-wit jasje krijgt.

Kort na die verjaardag wordt Adam echter overreden en overlijdt hij
– nog voor de kleine goed en wel begraven is, worden zijn ouders
aangesproken door een professor in de genetische wetenschappen (of
iets dergelijks), gespeeld door een Robert De Niro die dringend nog
eens een vergadering met Martin Scorsese moet beleggen. De Niro
beweert een methode te hebben gevonden om het DNA van Adam te
reproduceren en zodoende een nieuwe foetus te creëren die genetisch
identiek zal zijn aan die van hun overleden zoon. In feite belooft
hij hen om hun dode kind terug tot leven te wekken.

Paul en Jessie protesteren aanvankelijk, maar in dit soort films
duren morele twijfels nooit lang – ze gaan akkoord met het plan, en
verhuizen naar een nieuw adres, ver van al hun vrienden en
kennissen die uiteraard niets van dit illegale plan mogen weten, en
dichtbij De Niro’s medisch instituut, Godsend, waar de gezondheid
van Adam 2 van nabij gevolgd wordt. Alles gaat goed, tot Adams
achtste verjaardag opnieuw passeert – eens de jongen de leeftijd
van z’n oorspronkelijke dood overleeft, begint hij plots aan
vreemde nachtmerries te lijden. Hij gaat zich vreemd gedragen,
wordt onuitstaanbaar en zelfs gevaarlijk. Wat is er aan de
hand?

Wat er aan de hand is, is dat regisseur Nick Hamm erin slaagt om
een in principe intrigerend gegeven volledig de nek om te wringen.
Hamm is helemaal niet geïnteresseerd in de morele, ethische of
emotionele consequenties van het klonen van menselijke cellen, van
het manipuleren van de natuur. Hij gebruikt dat uitgangspunt enkel
om een zoveelste voor de hand liggende slasher movie in
elkaar te flansen – alle cliché’s van het genre zijn
vertegenwoordigd, inclusief het licht dat plots uitvalt, het
douchegordijn dat met een zware stoot muziek opzij wordt gerukt om
helemaal niets te onthullen behalve een lege badkuip, de gemene
wetenschapper met snode plannen en onsamenhangende dromen die in
een volstrekt misplaatste flou artistique werden gefilmd. We
hebben het hier over een zeer ernstige kwestie van de mogelijkheden
van de wetenschap tegenover de vereisten van de moraliteit – de
vraag die we ons met de huidige vooruitgangen in de wetenschap
dienen te stellen is niet zozeer “wat kùnnen we allemaal doen”, als
wel: “wat zouden we allemaal mógen doen”. Daar valt een boeiende
film van te maken, maar om die te zien, zullen we voorlopig nog
even moeten wachten. In ‘Godsend’ stelt Nick Hamm zich er al lang
mee tevreden dat hij een goedkoop thrillertje uit dat gegeven kan
persen – een thrillertje, dan nog, dat rijkelijk steelt bij ‘The
Omen’, ‘Pet Sematary’, ‘The Shining’
en andere roemruchte voorgangers, van wie het nu eenmaal lekker
plagiëren is. Tijdens één van de droomscènes van kleine Adam, ziet
de jongen zelfs een meisjestweeling staan in een lange gang –
klinkt dat nog iemand bekend in de oren?

‘Godsend’ heeft overigens te lijden onder een hele resem plotgaten
zoals: wat zeggen Paul en Jessie tegen hun vrienden, hun ouders,
hun familie voor ze verhuizen? Een cruciaal onderdeel van de plot
hangt af van een adres dat op de achterkant van een tekening
geschreven staat – die tekening is al dagenlang in het bezit van
onze held, Greg Kinnear, tegen de tijd dat hij dat adres ziet staan
– is het nooit bij hem opgekomen om dat ding eens om te draaien?
Bovendien is er, volgens de uiteindelijke verklaring van de plot,
geen enkele reden waarom het tot na de achtste verjaardag van Adam
zou moeten duren voordat hij aan z’n nachtmerries en hallucinaties
gaat lijden. Sinds wanneer bestaat er een gen dat iemand
kwaadaardig of crimineel maakt? En wàt, in de naam van Satans anus,
wàt had dat einde te betekenen?

Dat maakt allemaal niet uit, veronderstel ik. ‘Godsend’ is een film
die zich uitsluitend richt tot de allerdomste leden van het
publiek, die zich dat soort vragen niet stellen.We krijgen bizarre
scènes waarin Adam te maken krijgt met de seutigste pestkop ooit –
in plaats van Adam met z’n kop in een wc te stoppen, daagt de etter
in kwestie hem uit tot wedstrijdjes “om ter hoogste op de schommel
zwaaien”. Wat zijn dat voor pestkinderen tegenwoordig? Verderop in
de film zien we Robert De Niro de emotie “spanning” uitdrukken door
continu met twee metalen balletjes in z’n handen rond te lopen –
wat zou Freud daarvan te zeggen hebben? Aan het einde van de film
komt het tot een confrontatie tussen Kinnear en De Niro die
plaatsvindt in een kerk – aan het einde van die scène zien we De
Niro de kerk uitlopen, terwijl achter hem het altaar in brand
staat. Subtiel, vindt u ook niet? Hoe Kinnear het gebouw
uitgeraakt, krijgen we overigens niet te zien, dat moeten we zelf
maar bedenken.

De onnozelheden stapelen zich op in een Babylonische convergentie
van bullshit, terwijl Hamm ons met veel plezier de beperkte
draagwijdte van z’n visuele talent toont – de eerste helft van de
film wordt gedomineerd door tinten van blauw en grijs, de tweede
helft door grijs en blauw. Wanneer een scène “intens” dient aan te
voelen, grijpt Hamm om geen enkele aanwijsbare reden naar een
handgehouden camera, in de hoop dat het schokken van het beeld zal
helpen in het schokken van het publiek. Nuja, ik was in ieder geval
geschokt dat zoiets ooit gemaakt is kunnen worden.

http://www.godsendthemovie.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × vijf =